‘Ik ben niet meer nodig voor mijn eigen werk’ en iedereen met een kantoorbaan wacht hetzelfde lot. In een virale blogpost waarschuwt de Amerikaanse CEO Matt Shumer voor de razendsnelle evolutie van AI. Zijn zijn woorden een kanarie in de koolmijn, of vooral slimme marketing?
Jorn Lelong – De Morgen
14 februari 2026
Leestijd: 5 min
’AI-waarschuwing van CEO Matt Shumer houdt het internet al dagen in zijn greep.’
“Something big is happening”, schreef de Amerikaanse CEO Matt Shumer dinsdag in een lange blogpost.
Intussen is zijn onheilspellende essay al 80 miljoen keer gelezen. Nieuwswebsites als Fortune en Vox wijdden er analyses aan, terwijl de bekende AI-criticus Gary Marcus het neersabelt als “een meesterwerk van een hype”.
Waarom maakt het zoveel los?
Shumer opent zijn betoog (zie video onderaan dit bericht) met een terugblik op februari 2020.
Hier en daar hoorde je mensen praten over een virus dat zich in China verspreidde. Maar elders gingen studenten nog naar de les, boekten mensen vakantietripjes en kochten ze festivaltickets.
Nauwelijks enkele weken later ging alles dicht.
“Ik denk dat we nu in een nieuwe ‘dit lijkt overdreven’ fase zitten van iets wat veel groter is dan covid”, schrijft Shumer.
Helemaal verrassend is ‘s mans alarmisme niet.
Als CEO van Hyperwrite, een bedrijf dat AI-schrijftools ontwerpt, heeft Shumer er alle belang bij om de hype rond AI verder aan te wakkeren. Maar hij ziet ook uit eerste hand waar AI vandaag de meeste impact heeft: softwareontwikkeling.
Techbedrijven als OpenAI, Googleen Anthropic hebben de voorbije maanden hun AI-modellen geïntegreerd in steeds krachtiger programmeerassistenten.
Met simpele instructies kunnen die vandaag een eigen plan ontwerpen, software schrijven en de juiste bestanden ophalen van je pc.
“Ik ben niet meer nodig voor het technische werk van mijn baan”, schrijft Shumer.
“Ik beschrijf wat ik wil in alledaags Engels, en het verschijnt gewoon.”
AI verbetert zichzelf
Thomas Winters, AI-onderzoeker aan de KU Leuven, herkent wat Shumer beschrijft.
“Tot enkele maanden geleden moest ik AI zo veel begeleiden of corrigeren dat ik me afvroeg of ik wel tijdswinst boekte. Nu moet ik amper ingrijpen. Ik krijg veel meer gedaan in één dag.”
Intussen begint AI ook zichzelf te verbeteren. Toen OpenAI vorige week zijn nieuwe programmeertool Codex 5.3 op de wereld losliet, zei het bedrijf dat dit het eerste model was dat een “cruciale rol heeft gespeeld bij het creëren van zichzelf”.
Onderzoekers gebruikten eerdere versies van Codex om de training aan te passen, tests te ontwikkelen en bugs uit de software te halen.
Concurrent Anthropic maakte onlangs bekend dat AI zelfs de volledige programmeercode van zijn nieuwe producten schrijft.
“Het voelt alsof ik elke dag kom werken om mezelf overbodig te maken”, biechtte een Anthropic-medewerker op aan The Telegraph.
‘Ik ben niet meer nodig voor het technische werk van mijn baan. Ik beschrijf wat ik wil in alledaags Engels, en het verschijnt gewoon’
Matt Shumer
AI-ondernemer
Het is logisch dat AI-bedrijven focussen op producten die hun eigen business het snelst vooruithelpen. Maar de gevolgen van AI die zichzelf begint te verbeteren, gaan veel breder.
“Daardoor zie je dat het sinds enkele weken echt met sprongen vooruitgaat ”, zegt Andres Algaba, AI-onderzoeker aan de VUB.
“Ik denk dat we als mensheid die exponentiële curve moeilijk vatten.”
AI-burnout
Volgens Shumer zijn programmeurs een kanarie in de koolmijn voor zowat elk beroep waar een computer aan te pas komt.
“De ervaring die techwerkers het afgelopen jaar hebben gehad, AI zien evolueren van ‘handig hulpmiddel’ naar ‘iets dat mijn werk beter doet dan ik’, is de ervaring die iedereen straks te wachten staat.”
Shumer gaat ervan uit dat de revolutie in programmeren zich zomaar zal herhalen in het onderwijs, de advocatuur of de boekhouding. Maar dat is een forse aanname.
In software is er geen gebrek aan kwalitatieve trainingsdata, wat in tal van andere domeinen wel het geval is.
Bovendien krijgen AI-systemen bij de ontwikkeling van een website of app meteen resultaat: het werkt of het werkt niet. Op die manier verbeteren die codeerassistenten razendsnel.
Bij veel andere beroepen is die directe feedback minder aanwezig.
Pogingen van AI om een correct medisch behandelplan, een leerplan of een pleitnota te bedenken blijven – voorlopig – nog vaak ‘hit or miss’.
Ook om andere redenen botst die AI-automatisering in de praktijk nog vaak op zijn limieten.
“Het idee van automatiseren is dat medewerkers zo meer tijd overhouden voor echt productieve taken”, zegt AI-onderzoeker Tim Brys (VUB).
“Maar Amerikaans onderzoek wijst uit dat medewerkers in bedrijven met veel AI constant van taak wisselen. Zo raakt hun aandacht gefragmenteerd en ervaren sommigen burn-out verschijnselen.”
Ook al kan AI heel wat taken automatiseren: een volledige job overnemen is nog andere koffie.
Shumer dweept met onderzoeken die aantonen dat AI al langer dan vijf uur aan één stuk kan werken. Maar volgens diezelfde onderzoeken gaat die AI de helft van de keer de mist in.
“Sowieso blijven er bij heel wat jobs ook menselijke aspecten die AI niet kan overnemen”, zegt Winters.
“Op dat vlak kijken computerwetenschappers soms naïef naar andere beroepsgroepen.”
Paniekerige analogieën met de coronacrisis zijn dus een tikje overdreven.
Toch is het advies van Shumer om te onderzoeken wat AI voor je job betekent niet onzinnig.
“Ik zou iedereen aanraden om te investeren in een betalend model en het geregeld een taak te geven waarvan je denkt dat het nog onbegonnen werk is”, zegt Algaba.
“Elke week ontdek je dingen die AI tot twee weken geleden niet kon.”

Lees ook
Lees ook
Lees andere berichten in deze categorieën
Bron: De Morgen