Caroline Gennez – Openbaar vervoer, sociale woningen, de crèches… Dóé daar iets aan!


Het lot heeft gevoel voor humor. Ooit duwde Caroline Gennez (47) haar partijgenoot Frank Vandenbroucke uit de boot als minister, waarna hij de politiek verliet. Dertien jaar later heeft Conner Rousseau hen allebei weer opgevist en zitten ze samen in de federale regering. Gennez’ vorige passage in de toppolitiek sloeg wonden, maar ze doet haar best om die dicht te houden. ‘Ik heb overwogen ermee te stoppen, maar politiek is te belangrijk om aan cynische mensen over te laten.’

Raf LiekensDe Morgen/Humo


‘Openbaar vervoer, sociale woningen, de crèches… Dóé daar iets aan! Maar nee, De Wever wil het land wéér blokkeren’

Caroline Gennez


Half december kreeg Gennez een vroeg kerstcadeau, toen haar partijvoorzitter haar vroeg om Meryame Kitir te vervangen als minister van Ontwikkelingssamenwerking en Grootstedenbeleid.

Een verrassing voor velen, omdat Gennez al tien jaar onder de radar werkte. Maar achter de schermen had ze veel meer invloed dan algemeen was geweten.

Caroline Gennez: “Ik lag op de massagetafel toen ik een paar keer na elkaar werd gebeld. ‘Oei, het is Conner Rousseau, zou je niet opnemen?’ vroeg mijn kinesist.

“Nadat Conner me de vraag had gesteld, heb ik aan mijn vriend gevraagd of hij het ook zag zitten.

“Je hebt toch ja gezegd?’ reageerde Bart. Het was dus snel beklonken.

“Tijd om te vieren was er niet: op zaterdag legde ik de eed af, op maandag moest ik al een samenwerkingsprogramma van zeshonderd bladzijden met Congo ondertekenen.”

Bij de vorming van de regering-Di Rupo in 2014 hoopte u op ‘een toffe portefeuille’. Maar uw opvolger Bruno Tobback liet u links liggen. Had u gedacht dat u nog ooit minister zou worden? U bent eigenlijk nog jong.

“Dank u! Eindelijk zegt iemand dat nog eens! (lacht) Frank vond het heel grappig dat de pers ons beiden als oud-strijders omschreef. Hij is 67, ik ben nog maar 47. ‘Jij moet nog twíntig jaar werken, Caroline!’

“Maar ik had het niet meer verwacht, nee. Ik dacht dat die fase voorbij was. En ik was perfect gelukkig met mijn rol achter de schermen.

Conner heeft de werking van onze beweging grondig veranderd en speelt iedereen uit op zijn sterke punten. Ik heb met hem de regeringsonderhandelingen gedaan, ik was mee verantwoordelijk voor de aanwervingen op onze studiedienst en verzorgde de internationale contacten met andere socialistische partijen in Europa.

“Als Vlaams Parlementslid probeerde ik óók impact te hebben, zoals in de strijd voor betere lonen voor huishoudhulpen, maar je hebt natuurlijk meer impact als minister.”

Was het echt nodig om Kitir te vervangen of vond de partijtop gewoon dat ze niet goed uit de verf kwam?

Meryame had het moeilijk. Na een audit op haar kabinet bleek dat ze beter een stap terug zou zetten. Zelf wilde ze ook graag terug naar de Kamer. Maar ze blijft ons boegbeeld in Limburg.

“Soms krijg je klappen in het leven, maar what doesn’t kill you, makes you stronger.

Meryames parcours blijft indrukwekkend: als je het als vrouwelijke arbeider met migratieroots schopt tot fractieleidster en minister, ben je een rolmodel voor velen.”

Had Vooruit geen nieuwe kopstukken om haar op te volgen?

“Jij gaat me nu toch ook geen oude rot noemen, hè? (lacht) We staan op anderhalf jaar van de verkiezingen: Conner wilde iemand met ervaring die onmiddellijk inzetbaar was.

“We hebben veel jonge talenten, maar ze krijgen de tijd om te groeien in het parlement. Tijd die wij niet altijd hadden: Freya Van den Bossche en ik zijn destijds heel vroeg in topfuncties beland.

“De voorbije jaren heb ik geprobeerd om onze jongere parlementsleden te coachen. In onze Kamerfractie neemt Frank die rol op zich.”

Wat was uw eerste reactie toen u hoorde dat hij opnieuw minister werd?

“Ik had dat verwacht.

“Na de regeringsonderhandelingen bleven Conner en ik nog wat napraten. ‘Wat zou je ervan denken als we Volksgezondheid pakken?’ vroeg hij. Ik vond dat een geweldige keuze, de coronacrisis werd rampzalig gemanaged, maar dan hadden we wel een straffe minister nodig. ‘Die heb ik’, zei hij.

“De dag nadien belde hij: ‘Caroline, ik moet iets vertellen.’ Tot zijn grote verbazing maakte ik zijn zin af: ‘Dat Frank minister wordt?’

“Ik heb Frank meteen felicitaties gestuurd, dat apprecieerde hij.”

De dag nadien kreeg u het wel moeilijk: de pers schreef dat Rousseau met de terugkeer van Vandenbroucke een historische fout rechtzette.

“Ik had nachtenlang onderhandeld en was stikkapot. Als je dan iets van dertien jaar geleden op je bord krijgt, is dat niet leuk.

Frank en ik waren al lang over die episode heen: anders had ik hem niet meteen ‘Welcome back’ gestuurd, en zouden we nu niet samen in de regering zitten.”

Vindt u ook dat u een historische fout hebt gemaakt door hem bij de regeringsvorming in 2009 aan de kant te schuiven?

“Gedane zaken nemen geen keer. Laat het verleden maar rusten.”

U was voor de media de boeman, terwijl uit reconstructies blijkt dat een groep oude socialistische kopstukken u tijdens een vergadering de avond voor zijn defenestratie de opdracht had gegeven om Vandenbroucke te lozen.

“Daar zal ik me nooit achter verschuilen.

“Ik was de voorzitter, dan moet je de verantwoordelijkheid nemen voor je beslissingen. Ministers benoemen is altijd moeilijk, want er zijn altijd meer kandidaten dan plekken. Maar ik ga geen paraplu opentrekken. Politici die altijd de schuld op een ander steken, zijn slappelingen.”

De manier waarop was wel wreed, niet? Terwijl u de slotonderhandelingen deed, stond Vandenbroucke nietsvermoedend op een verkeerd adres.

“Soms is een pijnlijke beslissing onvermijdelijk. Het was altijd mijn intentie om de beste mensen op de juiste plek te krijgen. Spijt heb ik niet: elke beslissing was weloverwogen.”

‘Waarom de hulp voor Turkije op zich liet wachten? De vorige regering heeft ontzettend bespaard op B-FAST, waardoor we de werking over een andere boeg moesten gooien.’ (Foto: minister van Binnenlandse Zaken Annelies Verlinden bij het vertrek van het medische hulpteam.) Beeld Photo News
‘Waarom de hulp voor Turkije op zich liet wachten? De vorige regering heeft ontzettend bespaard op B-FAST, waardoor we de werking over een andere boeg moesten gooien.’ (Foto: minister van Binnenlandse Zaken Annelies Verlinden bij het vertrek van het medische hulpteam.) Beeld Photo News

ROEPTOETERS

Klopt het dat Vandenbroucke u als jong meisje heeft getriggerd om in de politiek te stappen?

“Ja. Ik zat op de topsportschool, maar door een hernia moest ik een kruis maken over een tenniscarrière. Mijn leven draaide rond sport, en plots moest ik terug naar huis. Rusten. Ik liep de muren op!

“Om mijn zinnen te verzetten nam mijn vader me mee naar een lezing van Frank, die net een boek had geschreven over rechtvaardigheid en engagement. Wat later kwam ik op café Steve Stevaert tegen, die dezelfde ideeën op een gezellige manier bracht. De mix van die twee stimuleerde me om me in te zetten als vrijwilligster.

“Ik kon als kind al heel slecht tegen onrecht. Tijdens de speeltijd gaf ik bijles Nederlands aan de kinderen van gastarbeiders.

“Nadien ging ik in de zomer weleens fruit plukken, en daar ontmoette ik sikhs die geen deftige huisvesting hadden: ze werden ondergebracht in stallen. Dat vond ik zó erg dat ik me aansloot bij een organisatie die zich inzette voor de rechten van nieuwkomers.

“Later, tijdens mijn studies, werkte ik in een vluchthuis voor mishandelde vrouwen. Eigenlijk smeet ik me voor alles wat misging in de wereld (lacht).

“Na een tijd besefte ik dat ik meer kon doen door in de politiek te gaan.”

Hoe kijkt u terug op uw voorzitterschap? Johan Vande Lanotte zadelde u daarmee op na de verkiezingsnederlaag van 2007. U was 32 en amper vier jaar parlementslid.

“Ik was wel al vier jaar ondervoorzitter, had vijf jaar op het kabinet van Johan gewerkt en was jongerenvoorzitter geweest.

“Ik heb heel veel geleerd in die periode, twee regeringen gevormd, een staatshervorming gerealiseerd en het land mee gedeblokkeerd na die ellendige onderhandelingen van 542 dagen.

“Maar voor het meisje Caroline was dat geen fijne periode. De druk was gigantisch en mijn levenskwaliteit bedroevend. Pas toen het voorbij was, merkte ik hoe moe ik was. Ik dácht zelfs trager.”

Uw voorzitterschap eindigde in 2011. Daarna dook u onder de radar en gaf u nauwelijks nog interviews.

“Ik heb eerst mijn boek De verschilligen geschreven, mijn visie op politiek en maatschappij na vijf jaar in de politieke ratrace. Ik had dat nodig, om dat hoofdstuk af te sluiten.

“Daarna twijfelde ik of ik uit de politiek zou stappen. Ik had veel gegeven en vroeg me af of het dat allemaal waard was.

“Uiteindelijk was het antwoord ja. De politiek is te belangrijk om aan cynische mensen over te laten. Maar in terugblikinterviews had ik geen zin. Ik deed mijn best in het parlement, maar bleef weg van de dagjespolitiek en de media.”

Uw goede vriendin Vivi Lombaerts, ex-woordvoerster van de partij, zei: ‘Caroline was een van de eerste jonge vrouwen in de cockpit van haar partij. Ik heb me vaak opstandig gevoeld over de manier waarop ze werd aangepakt.’

“Vrouwen worden nog altijd harder aangepakt. Ik heb nog nooit opmerkingen gehoord over het kostuum van Alexander De Croo, terwijl er voortdurend commentaar komt op wat vrouwen dragen. Maar ik ben niet van de klaagbrigade. Als de politiek harder is voor ons, zal ik gewoon harder werken en me verweren.

“Als politica neem ik het wel altijd op voor vrouwen. Waar extremen aan de macht komen, zijn zij het eerste slachtoffer. Kijk naar de taliban. Naar Poetin. Naar Trump.

“Als Vlaams Belang het woord neemt, is het ook nooit om vrouwen kansen te geven. En in Italië schrapt de rechtse premier Giorgia Meloni in de werkloosheidsuitkeringen en het ouderschapsverlof: vrouwen zijn daar het grootste slachtoffer van.”

Ik vond het opvallend dat u als jonge politica altijd rustig bleef. Zelfs onder de zwaarste kritiek verpinkte u nauwelijks.

“De aard van het beestje, zeker? Ik word soms kwaad, maar ik kan dat snel kanaliseren. Met een helder hoofd kom je sneller tot oplossingen dan wanneer je je emoties de bovenhand laat nemen.”

Wat is er de voorbije vijftien jaar veranderd in de politiek?

“De politieke context is anders. In de hoogdagen van Stevaert groeiden de bomen tot in de hemel en was er meer ruimte voor ambitieuze ideeën. Nu ploeteren we van crisis naar crisis en moet je op een andere manier aan politiek doen. Realistischer.

“Vroeger werkten wij op het ritme van de klassieke media: om zes uur ’s morgens luisterde je naar De ochtend op Radio 1, rond elf uur ’s avonds sloten de redacties af en dan was je gerust.

“Door de sociale media kan er nu op elk moment een steekvlam uitbreken waarop je snel moet reageren. Je wordt daar ook dagelijks uitgescholden voor het vuil van de straat – vroeger gebeurde dat sporadisch eens, bij een huisbezoek of ‘op de voetbal’. Maar ik kan me daar goed van afsluiten.”

U krijgt nu te maken met een nieuwe generatie politici.

“De extremen hebben altijd luid geroepen. Dat is hun fond de commerce: ongenoegen zaaien, het eens goed zeggen en dan is de kous af.

“Maar ook bij de beleidspartijen zie je nu meer roeptoeters die focussen op de verschillen in plaats van wat ons bindt.

“Als Annelies Verlinden of Vincent Van Quickenborne mij vragen of ik kan meehelpen om het geweld tegen hulpverleners en ordediensten te bestrijden, doe ik dat.

Verlinden zorgt voor bodycams, Van Quickenborne voor strengere straffen, wij voor GAS-boetes en preventie.

“Dat verwachten de mensen van ons: samenwerken en problemen oplossen.

Conner zit op de juiste lijn: hij zegt heel duidelijk waar wij voor staan, zonder voortdurend op de anderen te kappen. Hij laat ons de ruimte om ons werk te doen in de regering.

“Dat is verschil met MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez: zijn partij zit in de regering, maar hij doet alsof ze erbuiten staat. Hij maakt het zijn ministers onmogelijk om hun werk te doen.”

Waarom kan Rousseau wat Vande Lanotte, Bruno Tobback, John Crombez en u nooit lukte, namelijk de socialisten weer doen groeien?

“Hij is een speciaal patéke (lacht). Conner denkt out of the box en spreekt mensen aan die niet in politiek geïnteresseerd zijn. De combinatie van die verfrissende stijl en de ervaren mensen die hem omringen, werkt goed.”

Hoe lang kent u hem al?

“Sinds zijn 12de of zo. Ik zat met zijn mama (Christel Geerts, red.) in de Senaat. Toen ik voorzitter werd, was zij burgemeester in Sint-Niklaas en liep Conner daar ook al rond. Hij was een cool manneke met een groot bakkes. Hij stak overal zijn neus tussen, ik zag hem graag bezig.

“Na de verkiezingen van 2019 vroeg hij mijn advies omdat hij overwoog partijvoorzitter te worden. Mijn eerste reactie was: ‘Zijt ge zot?’ Als hij nog veel wilde fuiven, kon hij het beter niet doen.

“Ik vroeg of hij nog een leven wilde, óf zich nuttig wilde maken voor de mensen. Het tweede, zei hij. ‘Dan moet je er vol voor gaan en zal ik je steunen.’”

U gaf hem ook de raad om de ‘interne addertjes onder het gras dood te knuffelen óf dood te trappen’.

“Hij heeft meteen duidelijk gemaakt dat dissidente stemmen eruit zouden vliegen. Maar daarna heeft hij vooral geknuffeld, hoor.

“Hij raadpleegt veel mensen en trekt zich niks aan van oude vetes en vroegere kampen. Daardoor is de sfeer geweldig. Iedereen voelt dat we de wind eindelijk weer in de zeilen hebben.”

‘Vrouwen worden in de politiek nog altijd harder aangepakt. Maar ik ben niet de klaagbrigade: ik zal me wel verweren.’ Beeld Marco Mertens
‘Vrouwen worden in de politiek nog altijd harder aangepakt. Maar ik ben niet de klaagbrigade: ik zal me wel verweren.’
Beeld Marco Mertens

VRIEND BART

Het communautaire spook doemt weer op. Bart De Wever zegt dat hij het confederalisme desnoods buiten de grondwet wil installeren.

“Het zou onvergeeflijk zijn om het land opnieuw te gijzelen met communautaire dogma’s. De mensen spreken mij daar nooit over aan. Wel over hun koopkracht, hun pensioen en de toegankelijkheid van de zorg: dáár moet de focus liggen.

“Ik begrijp niet dat de N-VA dat thema nu weer op de spits drijft, op een moment dat de Vlaamse regering de eigen bevoegdheden zo verpest.

“Ze heeft het openbaar vervoer laten verloederen, ze saboteert de bouw van sociale woningen, de crisissen in de crèches en het onderwijs ondermijnen de toekomst van onze kinderen…

“Dóé daar iets aan! Maar nee, De Wever wil het land wéér blokkeren. Dat is nu al vijftien jaar zijn tactiek.

“Pas op: wie België efficiënter wil maken, zal in ons een partner vinden. Wij hebben zes staatshervormingen gedaan, de N-VA geen enkele. Het is 6-0!”

U noemde De Wever ooit een vriend. Dat is hij niet meer?

“Hij was geen vriend met wie ik geregeld iets ging eten, maar tijdens de Vlaamse regeringsonderhandelingen van 2009 werkten we heel goed samen.

“Een jaar later, bij de communautaire onderhandelingen, was de liefde al over. N-VA stapte eruit, wij vormden de regering-Di Rupo en realiseerden de zesde staatshervorming. Toch is er altijd wederzijds respect geweest.”

Ook bij andere Vlaamse partijen groeit het ongenoegen over de Franstaligen. Cd&v-voorzitter Sammy Mahdi dreigt met het einde van België ‘als de Franstaligen het land verder laten verrotten’. Ook van Rousseau mag er in 2024 geen euro extra naar Brussel en Wallonië gaan als de Franstaligen weigeren te hervormen.

“Of het nu over pensioenen, gezondheidszorg, onderwijs of de Vlaamse landbouw gaat: iedereen die hervormingen weigert, speelt met onze welvaart. Maar al dat tromgeroffel leidt tot niets. Een grote hervorming realiseer je alleen in vertrouwen.

“Maar het beeld dat deze regering maar wat aanmoddert, is fout. Frank zorgt voor stevige hervormingen in de gezondheidszorg: de ziekenhuisfinanciering, de artsenlonen, de derdebetalersregeling, extra investeringen.

“Er is een arbeidsdeal gekomen met meer flexibiliteit, een vierdagenwerkweek, het recht op deconnectie en een activerende aanpak van langdurig zieken.

“Oké, in de fiscaliteit en de pensioenen moeten we meer doen, maar de grootste hervorming is wel gerealiseerd: het minimumpensioen van 1.500 euro, door de inflatie wordt dat zelfs 1.680 euro.”

Maar de regering heeft nog niks gedaan om de betaalbaarheid van de pensioenen te verzekeren. Vinden de socialisten het niet belangrijk dat er voor onze jongeren later nog een pensioen is?

“Natuurlijk wel. We onderhandelen daarover zonder taboes. Wie 42 jaar heeft gewerkt, moet met pensioen kunnen gaan. Maar stoppen op je 55ste, dat gaat niet meer. Een militair die niet meer ready for combat is, kan nog een andere job doen in het leger. Zo blijft het systeem robuust.”

Waarom blijft u cadeaus uitdelen die we straks dubbel en dik moeten terugbetalen?

“Een begroting bestaat uit cijfers, maar daar zitten mensen achter. De voorbije drie jaar hebben we de koopkracht het best beschermd van heel Europa, dankzij de index en de energiemaatregelen.

“Ook de werkloosheid stijgt amper, omdat we de bedrijven overeind hebben gehouden. Maar de komende jaren moeten we doorhervormen en weer naar een begrotingsevenwicht streven.”

Koen Geens, cd&v-vicepremier in de vorige regering, zegt dat je het op federaal vlak alleen nog eens kunt raken over méér uitgaven. Ook de fiscale hervorming wordt daar een voorbeeld van: de MR wil alleen spreken over belastingverlágingen, de groenen eisen 300 euro extra per maand voor de lage middenklasse.

“De regering waarin Koen zat, heeft het grootste gat geslagen: hun taxshift was een ongedekte cheque.”

Die regering bracht het tekort wel terug van 3 naar 0,7 procent. Nu zitten we op 6 procent.

“Die investeringen waren nodig om de crisissen onder controle te krijgen. Wij vinden ook dat de werkende klasse meer moet overhouden.

“Dat kun je bereiken met een eerlijker belastingsysteem, een sterke fraudebestrijding en meer bijdragen van de grote vermogens.

Frank pakt nu het misbruik van auteursrechten aan: dat systeem dient voor kunstenaars, niet voor IT’ers en architecten.

“We besparen daar 37 miljoen euro per jaar mee. Is dat genoeg? Nee, maar alle beetjes helpen.”

Syrië en Turkije werden getroffen door een zware aardbeving. Onze buurlanden schoten meteen te hulp met een reddingsteam, wij kwamen pas enkele dagen later in actie en stuurden alleen een medische ploeg.

“De vorige regering heeft ontzettend bespaard op B-FAST, waardoor we de werking over een andere boeg hebben moeten gooien. We gaan dus geen puin meer ruimen.

“Het zou ook niet slim zijn om precies hetzelfde te doen als al de rest: dan loop je elkaar toch maar voor de voeten. Ons team zal in Turkije doen waar we goed in zijn: veldhospitalen opbouwen en bemannen.”

Er is twee dagen lang amper gecommuniceerd, terwijl de tijd zo kostbaar was. Dat heeft toch te maken met politieke spelletjes tussen de vijf – ja, vijf – ministeries die bij het B-FAST-team betrokken zijn?

“Er is niet getalmd, hoor. Je moet voldoende medisch personeel vinden, mensen die Turks spreken: dat duurt nu eenmaal langer dan een reddingsteam sturen.

“Een week na de aardbevingen zal er een hospitaal van honderd bedden operationeel zijn. Eigenlijk zijn we snél gegaan: alleen Spanje was ons voor met medische assistentie.”

Kunnen jullie iets doen voor de Syriërs?

“President Assad blokkeert humanitaire hulp, dus we kunnen de getroffenen – vaak vluchtelingen die vastzitten in oorlogsgebied – alleen bereiken via speciale noodfondsen vanuit Turkije.

“We hebben daarvoor vijf miljoen euro vrijgemaakt. Het grootste deel gaat naar een VN-fonds dat noodhulp zal leveren aan de bevolking in Noordwest-Syrië, zoals shelters, voedsel en dekens.”

Gaat u nog uw stempel drukken op ontwikkelingssamenwerking, of voert u het beleid van Kitir uit?

“Er lopen programma’s in veertien landen, maar de rode draad was niet altijd duidelijk. Ik wil vooral focussen op gezondheidszorg en onderwijs, want dat werkt emanciperend, vooral voor vrouwen.

“In België hebben we een sterke welvaartsstaat opgebouwd en we moeten die zaadjes ook planten in andere landen. Daarnaast doen we heel veel in de strijd tegen de klimaatcrisis.”

Wat kan een klein land als België daartegen doen?

“Als wij in Congo strijden tegen ontbossing, komt dat de hele planeet ten goede. Mozambique is het klimaatgevoeligste land ter wereld: wij plannen daar nieuwe dijken en maken overstroomde landbouwgronden weer vruchtbaar.

“In de Sahellanden leggen we een Great Green Wall aan door bossen te planten en gronden te bewateren. Daardoor kunnen 650.000 boeren hun land weer bewerken. Doen we dat niet, dan staan zij hier straks voor de deur.

“Ontwikkelingshulp kan de oorzaken van migratie tegengaan. Daarom is het zo hypocriet dat Vlaams Belang tegen die projecten is: ze willen niet dat die mensen naar hier komen, maar ze willen ook geen euro steken in het leefbaar houden van die regio’s.

“Roepen, dat is het enige wat ze willen. Walgelijk!”

In de Sahel zijn IS en de Russische Wagnergroep actief. Bestaat het risico niet dat zij onze projecten om zeep helpen?

“Ja, daarom monitoren wij voortdurend de geopolitieke toestand in onze partnerlanden. Als de situatie zo escaleert dat onze hulp in handen van extremisten kan vallen, sturen we bij. Maar de Wagnergroep, dat zijn de vrienden van Poetin, hè. Net zoals Vlaams Belang.”

Waarom pompen we de komende vijf jaar 250 miljoen euro in Congo, dat wordt geleid door een corrupt regime en op een oorlog met Rwanda afstevent?

“Wij steunen géén corrupte regimes, er gaat geen euro naar de Congolese overheid. Alles wordt uitgegeven via ons ontwikkelingsagentschap Enabel of via ngo’s die rechtstreeks projecten van gewone Congolezen steunen.

“We helpen 6 miljoen Congolezen aan basisgezondheidszorg, we investeren in een ziekteverzekering, we bouwen scholen, laten duizenden jongeren landbouwonderwijs volgen en geven 4.500 verkrachte vrouwen opnieuw een toekomst.

“Zo maken we het verschil in een van de fragielste landen ter wereld.”

U zegt dat we via ontwikkelingssamenwerking migratie kunnen tegengaan, maar is dat niet naïef? De taliban krijg je in Afghanistan niet meer weg en op dictators als Poetin en Assad hebben we ook geen greep.

“Als klein land kunnen we uiteraard niet alles oplossen, maar dat mag ons niet beletten het juiste te doen. Afghaanse vrouwen hebben ons gesmeekt om hun ngo’s te blijven steunen, waarmee ze basiszorg verlenen aan meisjes in rurale gebieden. Zij willen zich ook blijven verzetten tegen de taliban.

“Samen met de VN sturen we ook voedselhulp, want 28 miljoen Afghanen lijden honger. Mensenlevens redden blijft voor mij goed besteed geld.

“Ook in Oekraïne bouwen we huizen en scholen, want de helft van de Oekraïners heeft geen toegang meer tot gezondheidszorg en onderwijs.

“Het risico bestaat dat Poetin alles weer in puin legt, maar door die mensen te steunen, houden we hen weerbaar in het verzet tegen een agressor.

“Europa zal pas veilig zijn als Oekraïne veilig is.”

In het buitenland hebben we de mond vol van mensenrechten, maar is het niet beschamend dat we er zelf niet in slagen de rechten van asielzoekers te garanderen? België is al 1.100 keer veroordeeld omdat we die mensen geen opvang verlenen.

“Dat is ontoelaatbaar. Ik heb nog als vrijwilliger in de asielsector gewerkt: die schrijnende toestanden raken mij extra hard. We moeten meer opvangplaatsen creëren. Niet alleen Nicole de Moor (cd&v, red.), ál onze regeringen moeten daarvoor samenwerken.

“De overheid moet alle mogelijke sporen verkennen. Asielcentra bijbouwen. Overheidsgebouwen screenen. Legerkazernes, afgeschreven toeristische infrastructuur, oude schoolinternaten: bekijk wat geschikt is.

“Maar breid ook de lokale opvanginitiatieven in de gemeenten uit.”

Maar u wilt de gemeenten niet verplichten meer mensen op te vangen?

“Dat is de laatste stap, je moet eerst al de rest doen. En we moeten strenger worden in wie we toelaten in de opvang.

“Mensen die uitgeprocedeerd zijn, horen daar niet. Wie asiel heeft aangevraagd in een ander land ook niet. Die mensen moeten we sneller uitwijzen.”

Vooral in Brussel loopt de asielellende de spuigaten uit. Daar komen dan nog verloedering, daklozen, rellen, steekpartijen en aanvallen op politieagenten bij. Ook uw voorzitter voelt zich er niet overal thuis. Gelooft de minister van Grootstedenbeleid dat onze hoofdstad nog te redden is?

(lacht) “Dat was een van Conners straffere uitspraken. Maar Brussel zorgt nog altijd voor een vijfde van onze welvaart. Het is de jongste stad van het land met het hoogste economisch rendement.

“Als we Brussel bij het huisvuil zetten, snijden we in ons eigen vlees. Dat Conner zich niet thuisvoelt in bepaalde wijken, komt doordat te veel mensen daar al generaties lang werkloos zijn en geen Nederlands of Frans spreken, waardoor hun kinderen schoolachterstand oplopen. Maar die problemen moeten we ook in de andere steden aanpakken.”

Kunt u daar als minister iets aan doen? Of moet u rekenen op de lokale besturen en Vlaanderen?

“De bevoegdheden zitten bij verschillende overheden. Maar we hebben wel impact met concrete projecten zoals Housing First, een programma tegen dakloosheid.

“Als je geen adres hebt, kun je geen rekening openen, niet solliciteren en je kind niet inschrijven op school.

“Daarom zullen 25 steden en gemeenten hun daklozen eerst een dak boven hun hoofd geven, en wij financieren dat. Daarna kunnen ze de andere problemen van die mensen aanpakken.

“Finland past dat beleid al toe sinds 2008 en het aantal daklozen is er gehalveerd.

“Wij focussen vooral op jongeren die uit een slechte thuissituatie komen, te vroeg van school zijn gegaan of verslaafd zijn geraakt. Zij hebben nog een heel leven voor zich.”

‘Ik ben geen ochtendmens. Onderhandelen tot drie uur 's nachts? Geen probleem. Maar ochtendinterviews op de radio: zucht.’ Beeld Marco Mertens
‘Ik ben geen ochtendmens. Onderhandelen tot drie uur ’s nachts? Geen probleem. Maar ochtendinterviews op de radio: zucht.’
Beeld Marco Mertens

U moet nu samenwerken met Vlaams minister Bart Somers, die u in Mechelen jarenlang hebt bestreden vanuit de oppositie. Zal dat lukken?

“Wij hebben een correcte professionele relatie. Tussen 2007 en 2012 zaten we samen in de meerderheid (Gennez was schepen, red.), nadien vlogen wij in de oppositie en veranderde onze verhouding. Maar hij heeft me gefeliciteerd toen ik minister werd.

“‘Nu heeft Mechelen twéé ministers van stedelijk beleid!’”

Is Mechelen een voorbeeld van hoe je een onveilige stad leefbaar maakt?

“Het is er aangenaam om te wonen, maar vooral voor mensen die goed bij kas zitten. Voor anderen is het te duur geworden.

“Er zou een beter evenwicht moeten zijn tussen de investeringen in veiligheid en stadsvernieuwing, en de investeringen in sociale dienstverlening.

“Maar betaalbaar wonen is in heel veel steden een enorm probleem, mede door het non-beleid van de Vlaamse regering.”

Hoe ontspant u zich naast de politiek?

“Ik ben een cultuurmens: ik ga graag naar theatervoorstellingen, concerten en voetbalwedstrijden. Ik sta geregeld op de tribunes van KV Mechelen en Racing, liefst met een pintje in mijn hand, maar mijn hart slaat nog altijd het snelst voor Sint-Truiden.”

U schijnt een echte nachtraaf te zijn.

“Ik ben alleszins geen ochtendmens. Onderhandelen tot drie uur ’s morgens? Geen probleem. Maar ochtendinterviews op de radio: zucht.

“Ik hou van de grain van de nacht en heb de neiging om lang te blijven plakken. Cafés zijn mijn habitat, in de Carré ben ik nog nooit geweest (lacht).”

Kunt u als minister nog blijven plakken?

“Niet echt. Op de MIA’s was ik graag veel langer gebleven, maar ik had de volgende dag ministerraad. Ik wil wel tijd blijven maken voor ontspanning.

“Januari was hectisch, met veel werk en nieuwjaarsrecepties waar ik moest speechen. Dan kun je geen pinten staan drinken.

“Maar vanaf nu zijn die recepties voorbij, hè (knipoogt).”

U doet niet mee aan Tournée Minérale?

“Nee! Ik heb dat ooit gedaan, maar dat vond ik te saai.”

© Humo

De verschilligen
Caroline Gennez: ‘Politici die altijd de schuld op een ander steken, zijn slappelingen.’
Beeld Marco Mertens

Lees ook

Staatshervorming – Kan De Wever de grondwet passeren voor zijn staatshervorming
Socioloog Luc Huyse – Het collectieve zelfbedrog dat confederalisme heet
Staatshervorming – De Wever voert confederalisme desnoods ‘extralegaal’ in

Vul hieronder de zoekopdracht Grondwet in en vind meer berichten.


Bron: De Morgen/Humo

Naar Facebook

Naar de website


Scroll naar boven