Er is een veel groter probleem dan door AI verzonnen citaten, schrijft Ive Marx. De explosie van pseudowetenschap, vandaag de dag met AI als superpower.
Ive Marx – De Standaard
23 maar 2026
Leestijd: 6 Min
Eigenlijk heeft Peter Vandermeersch gelijk gekregen. De oud-hoofdredacteur van De Standaard enNRC was tot voor kort ‘fellow journalistiek en samenleving’, een bijna academische titel die deed vermoeden dat hij diepe overpeinzingen produceerde.
Hij was blijkbaar vooral naarstig in de weer met AI. Hij was daar dan ook openlijk een pleitbezorger van. Hij zag eindredacteurs al overbodig worden en AI stukken schrijven. En zo gebeurde allicht.
Het frappante is, het duurde best wel even voor iemand dat doorhad. Dat was ook het geval bij andere ophefmakende gevallen van AI-gebruik.
Niemand is bij mijn weten meteen rechtgeveerd toen UGent-rector Petra De Sutter verzonnen citaten gebruikte tijdens haar openingsrede. Hoewel er toch best wat mensen in de zaal zaten die lang hadden doorgeleerd.
Evengoed duurde het even voor iemand doorhad dat Rik Torfs zelf had gehallucineerd dan wel ten prooi was gevallen aan AI-hallucinaties.
Die gevallen kwamen uiteindelijk aan het licht doordat iemand de moeite deed een en ander heel goed na te pluizen.
Naar de motieven van die ijverige onderzoeksjournalistiek hebben we het raden, maar je kunt allicht een avond op café vullen met speculaties.
Om maar te zeggen, het gaat hier vermoedelijk maar om het topje van de spreekwoordelijke ijsberg.
Vorige week kreeg ik een hoofdstuk voor een boek waar een paragraaf zo begint: “Hier is een versie van deze paragraaf geschreven op menselijke toon.”
AI is vandaag de dag zo omnipresent als muggen op een zomeravond.
Nu is de vraag of dat zo problematisch is. Ik bedoel de AI, niet de muggen. Vreselijke beesten.
Wat uiteindelijk telt, is de gedachte, niet of het citaat nu woordelijk afkomstig is van Einstein, Plato of één van de andere (onvermoedende) groothandelaars in diepe wijsheden.
Wie de slachtoffers van de recente onthullingen ooit bezig heeft gehoord, weet dat ze zonder AI ook wel iets te zeggen hebben.
Waarom gebruiken ze eigenlijk zulke citaten, vraag ik me af.
Het wordt natuurlijk ronduit pijnlijk als ze dan zaken onder de mat proberen te schuiven. Ze zouden beter de memorabele woorden van voormalig Frans president François Mitterrand gebruiken, als ik me ook eens een citaat van dubieuze authenticiteit mag permitteren: “Et alors?”
Een fout of verzonnen citaat is gênant, maar als er een stimulerende, interessante gedachte wordt ontwikkeld ook niet meer dan dat.
Dat is helaas niet altijd het geval, en dan druk ik me nog zacht uit.
Er is een veel groter probleem dan door AI verzonnen citaten of zelfs paragrafen. Dat is de explosie van pseudowetenschap, vandaag de dag met AI als superpower.
Er wordt astronomisch veel prietpraat geproduceerd op kosten van de belastingbetaler.
Ik vrees vooral in de sociale en humane wetenschappen, maar niet alleen daar.
Ik zou hier talloze voorbeelden kunnen geven van doctoraten, boeken en artikels die niet meer zijn dan een opeenstapeling van trendy jargon.
Pretentieuze woordensalades met ‘imperialistisch’ ‘suprematie’ of ‘patriarchaat’ als onvermijdelijke ingrediënten.
Hoe komt dat?
Wel, mensen die zulke doctoraten schrijven, laten meer van die doctoraten schrijven, die dan worden beoordeeld door mensen die ook van die doctoraten hebben geschreven.
Dat levert iedereen punten op, waarmee mensen promotie maken. Die mensen beslissen dan vervolgens wie wel en niet wordt aangenomen.
O jee als je dan het hetero-/cisnormatieve, imperialistische, racistische, theïstische patriarchaat in twijfel durft te trekken.
Wat dergelijke pseudowetenschap ook voedt, is het feit dat academische uitgeverijen er een lucratief verdienmodel aan hebben.
Je hebt tijdschriften die weinig anders dan dit soort “kritische” wetenschap publiceren.
Als het woord ‘critical’ in de titel staat, weet je vaak al hoe laat het is: weinig of geen feiten, ‘analyse’ die nauwelijks het woord waard is en veel ideologie.
Ik zou u willen aanbevelen eens online door het eminente academische tijdschrift Communication and Critical/Cultural Studies te bladeren, een tijdschrift dat “cultuur als strijdterrein en communicatie als uitoefening en discipline van macht” ziet.
Mensen worden hier dus wel degelijk voor betaald, uiteraard dankzij kapitalistische, imperialistische uitbuiting.
Dat is voor alle duidelijkheid niet de dominante praktijk aan onze faculteiten. Er wordt best veel degelijk onderzoek gedaan bij ons. Gelukkig maar.
Maar in sommige buitenlandse instellingen is het al totaal uit de hand gelopen. Dat is een gevaar waarvoor we ons mogen behoeden.
De zaak-Cofnas illustreert trouwens dat er best wel wat druk tot ideologisch conformisme is, ook bij ons.
Nathan Cofnas mag dan wel een exponent zijn van pseudowetenschap, het is maar de vraag of al zijn tegenstanders zelf rigoureuze wetenschap bedrijven.
Of gaat het hier puur om een ideologische clash?
Academische vrijheid is belangrijk, maar als zelfregulering faalt, is het maar de vraag hoelang de politiek zich afzijdig zal houden.
En dan is het over en uit met academische vrijheid.
Ive Marx is hoogleraar (UAntwerpen) en doceert vooral in de opleiding sociaal-economische wetenschappen.

Lees ook
Lees ook
Selecteer hieronder een Categorie en vind andere berichten.
Bron: De Standaard