Merkwaardig, vindt Tinneke Beeckman: Paus Leo XIV hanteert in zijn encycliek een seculiere taal, het discours van een techgoeroe als Peter Thiel staat bol van de Bijbelse begrippen.
Tinneke Beeckman – De Standaard
10 juni 2026
Leestijd: 5 min
In zijn encycliek Magnifica Humanitas waarschuwt Paus Leo XIV voor de gevaren van artificiële intelligentie.
Hij doet dat aan de hand van seculiere begrippen zoals het algemeen belang, universele mensenrechten, waardigheid, sociale rechtvaardigheid en vrede.
Intussen rechtvaardigt AI-investeerder Peter Thiel onbeperkte technologische innovatie door een merkwaardig theologisch verhaal te brengen: hij heeft het over armageddon en de antichrist.
Thiel is politiek relevant. In 2016 steunde hij Donald Trump en onlangs vice-president J.D. Vance.
Zijn investeringen, zowel in sociale media (Facebook) als in data- en surveillancebedrijven (PayPal en Palantir), hebben een enorme maatschappelijke impact.
Thiels discours drukt meer uit dan het soort spirituele excentriciteit dat in Silicon Valley gangbaar is. Het vertolkt een omslag in de tijd, weg van het moderne, seculiere denkkader dat ook de kerk heeft overgenomen.
Dit is Thiels redenering: Amerika heeft de voorbije decennia amper wetenschappelijke en technologische vooruitgang geboekt, terwijl China daar wel in slaagde.
Het Westen wordt verlamd door angst voor technologie, voor nucleaire dreigingen en ecologische rampen. En het kijkt te argwanend naar artificiële intelligentie.
Thiel drukt die vrees theologisch uit: het Westen vreest het armageddon, een apocalyptische strijd die de mensheid vernietigt en die het einde der tijden (het ‘eschaton’) aankondigt.
Die angst voor het armageddon maakt mensen gevoelig voor de antichrist: een publieke persoon die voor het einde der tijden loopt te waarschuwen.
De antichrist, legt Thiel uit, belooft vrede en veiligheid, maar eist dat een wereldregering wordt opgericht. Op die manier slaagt de antichrist erin een totalitaire wereldstaat te vestigen.
Thiel is dan ook niet optimistisch: ofwel leiden conflicten tot een apocalyps, ofwel tot een totalitaire staat.
Met zijn investeringen loopt hij vooruit op een catastrofe. Hij bestrijdt wie hij als de antichrist beschouwt en bereidt een wereld met langdurige oorlogen en conflicten voor.
Hij heeft een negatief mensbeeld: orde ontstaat niet door een verlangen naar vrede en door samenwerking, zoals liberalen denken, maar door een aanhoudende, politieke strijd tussen vrienden en vijanden.
Er is dan ook een ‘katechon’ nodig, iemand die het armageddon kan tegenhouden.
Tegelijk bestaat het risico dat de strijd tegen armageddon de antichrist voortbrengt.
Die kronkel bracht Ross Douthat, journalist bij The New York Times, ertoe Thiel te vragen of hijzelf niet de antichrist vooruithelpt, met zijn surveillancebedrijven.
Thiel ontkende. Volgens hem kunnen de Verenigde Staten zo’n katechon zijn, maar dan moeten technologie en innovatie alle ruimte krijgen. Globalisering moet herbekeken worden.
Thiel noemt zichzelf een christen. Hij geeft een eigen invulling aan begrippen ontleend aan het evangelie van Johannes, aan Paulus, aan Johannes van Patmos.
Maar hij verwijst niet naar Christus als de zoon van God die stierf aan het kruis, niet naar de naastenliefde, niet naar het scheppingsverhaal en al evenmin naar de erfzonde.
Thiel hoopt dat technologie mensen onsterfelijk kan maken. De Bijbel bevat het woord ‘natuur’ niet, zegt hij. Daarom mag de mens onbeperkt aan de schepping sleutelen om die voor zichzelf te vervolmaken.
Met die ideeën staat Thiel mijlenver van het katholieke geloof, zijn traditie en instituties.
In de nieuwe encycliek onderstreept Paus Leo XIV dat technologie maar een middel is. Vooruitgang moet alle mensen dienen, niet een kleine minderheid.
Formeel is het verschil ook groot: de kerk formuleert haar richtlijnen in een seculiere taal. Dat deed Leo XIII met zijn encycliek Rerum Novarum, dat doet Leo XIV nu.
Secularisatie betekent dat politieke autoriteit niet meer op de openbaring of de traditie wordt gebaseerd.
Denkers kunnen wel christen zijn, maar ze rechtvaardigen hun politieke ideeën niet meer door religie (dat geldt voor een aantal liberale filosofen, zoals John Locke).
Secularisatie betekent hier ook dat christelijke begrippen vertaald worden voor het publieke leven. De kerk doet dat.
(In welke mate de seculiere wereld echt met het religieuze breekt, is onderwerp van debat.)
Door die seculiere taal leest de encycliek als een maatschappelijk-politiek programma. Dat maakt de boodschap concreet en actueel, maar ook vrijblijvender.
De kritiek op transhumanisme luidt bijvoorbeeld dat mensen hun beperkingen moeten aanvaarden, omdat die hen dichter bij God brengen. Dat klinkt minder radicaal dan dat wie uit hoogmoed een pact met de duivel sluit, eeuwige verdoemenis mag verwachten.
De Paus brengt een bedachtzaam verhaal, Thiel stapelt dramatische, theologische termen in zijn ‘groots verhaal’.
Thiel laat daarbij geen politieke pluraliteit toe. Hij kan critici wegzetten als helpers van de antichrist of als versnellers van armageddon. Alleen zijn visie levert de noodzakelijke wapens tegen de eindstrijd.
Zo legitimeert Thiel niet alleen zijn investeringspraktijken, hij transformeert de democratie naar een autoritair bestuur op maat van techmiljardairs.
De tegenstelling tussen Thiel en Paus Leo XIV typeert de omslag in deze tijd.
De machtigste mensen in Amerika verkennen posthumanistische en postliberale ideeën, terwijl de kerk vasthoudt aan de publieke taal van het moderne, liberaal-democratische paradigma.
Tinneke Beeckman is filosofe en schrijfster.
Haar column verschijnt tweewekelijks op donderdag.

Lees ook
Klik hier of op de hyperlink hieronder
en vind andere columns van
Bron: De Standaard