Toegenomen spanning op het oudercontact – In uitzonderlijke gevallen drinken ouders zich op voorhand moed in


In de week voor de paasvakantie puilen de agenda’s van leerkrachten uit met oudercontacten. Zijn die zoals in Lukas Lelies nieuwe reeks Doe zo voort intussen meer een beproeving voor de leerkracht? ‘‘Wat moet je hebben voor dat getuigschrift?’, vroeg een vader.’


Nadia Van Malderen (44) geeft al 23 jaar les in het zesde leerjaar en ziet het intussen al van in het begin. “Sommige ouders gaan ostentatief met de armen gekruist zitten of komen briesend binnen met een gezicht van: ‘Ik ga het haar eens zeggen’.” In enkele uitzonderlijke gevallen dronken ouders zich op voorhand al eens moed in, zegt ze.

Daarom heeft ze een trucje ontwikkeld. “Ik begin elk oudercontact met: ‘Hebben jullie een vraag voor mij?’”, zegt Van Malderen. “Die frustratie wil ik er dan van in het begin van het gesprek uit hebben. Anders blijft die over het gesprek hangen en luisteren ze niet naar wat ik zeg.” Negentien gesprekken heeft ze net achter de rug als we haar bellen. Dat op een tijdsspanne van dik vijf uur.

Het is een van de hoekstenen van het Vlaamse onderwijs, dat oudercontact. Zo herkenbaar dat komiek Lukas Lelie er zijn hele serie Doe zo voort aan ophangt. Lelie speelt een “luie en twijfelachtige leerkracht” die al eens de wind van voren krijgt van ouders.

MONDIGER

Herkenbaar voor wie voor een klas staat? In de volksmond heet het dat ouders mondiger geworden zijn.

“Het zijn vooral de kritische ouders die mondiger zijn geworden”, zegt Mieke Fransen (36), al vijftien jaar leerkracht in het derde leerjaar. “Ze zoeken bijvoorbeeld al sneller zelf iets op en plakken dan een stempel op hun kind: ‘Het zal wel door de dyslexie zijn dat hij niet meekan.’ Of ze schuiven problemen heel snel door naar een ander of zeggen ze dat het ‘niet aan ons kind’ ligt.”

“De ruime meerderheid bestaat uit echt goede en dankbare ouders die samen een oplossing willen zoeken of hun kind echt kennen”, benadrukt Fransen. Al zijn het wel de straffe verhalen die doorverteld worden in de lerarenkamer. Zo stuurde ze ooit een brief naar ouders van een leerling om wie ze zich zorgen maakte. “Ik kreeg een brief terug dat het niet mijn taak is om dat te zeggen. Hij zou wel blijven zitten. En als ik nog eens zo’n brief stuurde, zou ik een advocaat op mijn dak krijgen.”

De vader van een van de leerlingen van Van Malderen probeerde haar enkele jaren geleden om te kopen.

“Wat moet je ervoor hebben, voor dat getuigschrift?’, vroeg de vader botweg.

Pedagoog Philippe Noens (Odisee Hogeschool, campus Gezinswetenschappen) ziet een paar redenen voor de toegenomen mondigheid. Dat het lerarenberoep in aanzien gedaald is, onder andere.

“En er worden steeds meer onderwijsthema’s vastgelegd in juridische regels: sanctionering, examenresultaten, deliberaties, enzovoort”, zegt hij. “Dat heeft ook als gevolg dat een klassenraad impliciet de boodschap krijgt dat leerkrachten zich maar beter indekken. De angst voor een mogelijke betwisting kan het vrijuit spreken over iemands zoon of dochter in de weg staan.”

Toen hij tot twee jaren geleden zelf leerkracht godsdienst was, kreeg Noens daarom het advies om nooit alleen te zijn met ouders tijdens een oudercontact. Vaak bleef de deur open.

BETROKKEN OUDERS

Al heeft het volgens Noens ook te maken met de tijdsgeest. “Ouders van nu wordt voortdurend geadviseerd om actief met de opvoeding bezig te zijn.”

Gerrit De Neef (61), leerkracht geschiedenis in het Atheneum Wispelberg, vindt dat net een goede zaak.

“Veel ouders zijn deskundiger dan de lesgever,” zegt hij, “Bijvoorbeeld omdat ze zelf psycholoog zijn. De tijd van vroeger dat de meester altijd gelijk heeft, is definitief voorbij. En gelukkig maar. Ouders zijn dus mondiger, maar op de goede manier. De relatie is meer gelijkwaardig.”


Doe zo voort


Bron: De Morgen

Naar boven

Naar de website


Scroll naar boven