David Van Reybrouck
27 september 2025
Leestijd: 2 min
De deur met de Afrikaanse partnerlanden gaat onherroepelijk dicht.
Daarnaast verliest het uitstekende Mo-magazine zijn subsidie, net zoals het alom gerespecteerde Instituut voor Ontwikkelingsbeleid van de Universiteit Antwerpen.
En dat enkele dagen nadat heel Vlaanderen ontroerd was door de woorden – in het Nederlands – van de Keniaanse-Belgische atleet Isaac Kimeli die net zilver had behaald op de 5000m op het WK in Tokio.
We trekken ons niets meer aan van armoede in Afrika, maar als Afrikanen ons aan medailles kunnen helpen, zijn ze welkom.
Die Vlaamse stugheid staat haaks op de ongelooflijke dynamiek die ik vorige week bij Enabel mocht vaststellen, het federale agentschap voor ontwikkelingssamenwerking.
Bij een event van BeGlobal en Je m’engage pour l’Afrique waren er online en offline 500 deelnemers, voornamelijk jonge mensen uit alle continenten.
Ontwikkelingssamenwerking werd daar niet langer gezien als paternalistisch eenrichtingsverkeer met de druppelteller van Noord naar Zuid, maar volwaardige, horizontale partnerschappen met sociale, economische en ecologische meerwaarde.
Zoals Enabel ceo
Jean Van Wetter terecht zei:
“Europa is een continent met veel kennis,
redelijk wat middelen en een snel verouderende bevolking.
“Afrika is een continent met een jonge, ambitieuze bevolking en enorme groeikansen.”
“We hebben er alle baat bij in elkaar te investeren.”
Nu de VS Europa verraden heeft en het Westen uiteen gevallen is in twee verzwakte brokken – het wilde westen enerzijds en hopelijk wat meer het warme westen onzerzijds – moet Europa nieuwe partnerschappen aangaan, onder meer met landen in Afrika.
Het besluit van de Vlaamse regering is daarom archaïsch, kortzichtig en schadelijk, niet alleen voor de partnerlanden, maar uiteindelijk ook voor Vlaanderen.
David Van Reybrouck

Ben Kamuntu
