Er bestaan 80-plussers die de marathon lopen, maar dat zijn uitzonderingen. Naarmate we ouder worden – en ouder wórden we – leveren we in op alles: van gehoor en spierkracht tot libido en geheugen. Dus wat levert langer leven op? Meer levensjaren, maar minder gezonde jaren. Hoog tijd om na te denken over mijn eigen levenseinde: wanneer is genoeg genoeg?
Dick Wittenberg – De Correspondent
5 augustus 2026
Leestijd: 12 min
Voor het eerst in de geschiedenis telt Nederland meer 65-plussers dan jongeren tot 20 jaar.
Met 3,76 miljoen, van wie 900.000 80-plussers, maakten ouderen vorig jaar bijna 21 procent van de bevolking uit. Dit percentage groeit.
Zoals ook de levensverwachting bij geboorte volgens de prognoses tot 2070 verder stijgt: tot bijna 91 jaar voor vrouwen, tot bijna 88 jaar voor mannen.
Is dat een aanlokkelijk vooruitzicht? Wil ik wel zo oud worden als medisch mogelijk is?
Die vraag drong zich voor het eerst aan mij op toen ik beginnend oud was: 62.
Ik deed veldonderzoek in de Verenigde Staten voor een boek over prikkeldraad. Motels genoeg, maar ik had behoefte aan sociaal contact.
In een avontuurlijke bui huurde ik een kamer in een bejaardenhuis: het Barb City Manor Retirement Home.
Daar zouden wij leeftijdgenoten onder elkaar zijn. Dat was mijn fantasie.
Hoe onwetend kun je zijn?
Bij het eerste avondmaal werd ik hartelijk ontvangen. Dat een van mijn tafelgenoten een gezicht had als een verzakt pand, deerde mij niet.
Lastiger vond ik het te reageren op zijn buurman, die met horten en stoten een raspend geluid voortbracht en daarbij keek alsof het pijn deed.
Zijn vriend, wiens hoofd door een kromgetrokken rug boven zijn bord hing, verstond hem blijkbaar wel.
Bij het dessert kon ik mijn ogen niet afhouden van de kale man die tegenover mij zat. Met bevende linkerhand en trillende mond werkte hij met engelengeduld een gelatinepuddinkje naar binnen.
De gemiddelde leeftijd in dit bejaardenhuis, vertelde de directrice later, was 84 jaar.
Wilde ik ook die leeftijd halen?
Dat leek mij een schrikbeeld. En dit was nog maar een bejaardenhuis. Geen verpleeghuis. Geen gesloten afdeling voor ouderen met dementie.
Sindsdien weet ik voorgoed dat je senioren tussen de 60 en 100 niet op één hoop kunt gooien.
‘Oud’ is een rekbaar begrip. Ouderdom kent fasen. Net als de kindertijd, maar dan in spiegelbeeld. Wat ooit is opgebouwd, gaat onherroepelijk teloor.

Vroege ouderdom (65-75)
is een van de gelukkigste periodes in het leven
De ouderdomskunde onderscheidt drie stadia in het slotstuk van het leven.
De vroege ouderdom loopt grofweg van 65 tot 75 jaar. In die fase zijn veel mensen nog relatief gezond, vitaal en actief.
Ze hebben opeens zeeën aan vrije tijd. Ze trekken er massaal op uit. Je ziet ze in musea, theaters en natuurgebieden.
Dit is een van de gelukkigste periodes in het leven. Ze kunnen nog van alles. Ze hoeven niet meer zoveel.
Daarna volgen de middelbare ouderdom van 75 tot 85 en de hoge ouderdom vanaf 85 jaar.
Na ons 75e trekt de aftakeling van het menselijk lichaam een sprint. Ze begint weliswaar al als we circa 30 jaar zijn, maar aanvankelijk voltrekt ze zich nog geleidelijk. Ze versnelt als we de 60 zijn gepasseerd. Vijftien jaar later is er geen houden meer aan.
Alles wordt minder naarmate we ouder worden. Ons gezichtsvermogen, ons gehoor, onze reukzin, onze spierkracht, onze lenigheid, ons evenwichtsgevoel, ons coördinatievermogen.
Ons libido, ons kortetermijngeheugen, ons vermogen om problemen op te lossen en snel te denken, onze nieuwsgierigheid, onze spontaniteit.
Botten worden brozer. Huid wordt dunner. Ons immuunsysteem vertraagt, waardoor we minder bestand zijn tegen infecties en moeizamer genezen.
Alleen de ouderdomskwalen vermeerderen zich. Zoals artrose, dementie, hart- en vaatziekten en chronische longziekte.
Zoals ouderdomssuiker, botontkalking, ziekte van Parkinson, nek- en rugklachten.
Ruim negen op de tien 75-plussers heeft minimaal één chronische ziekte. Bijna de helft heeft er meer.
Naarmate de leeftijd vordert, stijgt de kans op kanker en dementie.
De helft van alle Nederlanders krijgt ooit de diagnose kanker. In 80 procent van de gevallen gebeurt dat na hun 60e jaar. Een op de vijf 80-plussers is dement. Bij 90-plussers is dat vier op tien.
Er bestaan 80-plussers die de marathon lopen, een roman schrijven of op hoog niveau vioolles geven. Maar dat zijn uitzonderingen. Het is zoals bij de staatsloterij: de kans dat je de hoofdprijs wint, is verwaarloosbaar klein.
Dat is een weinig opwekkend vooruitzicht voor iedereen die ouder wordt. Dat zijn wij allemaal.
Voor mij als man van 73 oogt dit voorland ronduit apocalyptisch. Oud worden is epidemisch ziekmakend. Ik nader het mijnenveld.
Wij gewone stervelingen kunnen alleen maar gissen wanneer voor ons de doodsklok luidt. Zolang we jong zijn, kunnen we ons lang veilig wanen.
Van de 173.372 personen die vorig jaar in Nederland overleden, was nog geen 12 procent jonger dan 65 jaar. Daarna neemt de kans op sterven met het vorderen der jaren onverbiddelijk toe. Van de doden vorig jaar bestond ruim de helft uit 80-plussers.

Onze levensverwachting groeit gestaag – in de loop van mijn leven kreeg ik er tien jaren bij
De levensverwachting bij geboorte is in Nederland de afgelopen 150 jaar grofweg verdubbeld van 40 naar 80 jaar.
Vooruitgang om ademloos bij stil te staan.
En nog altijd stijgt de levensverwachting bij geboorte: in 2025 tot 83,5 jaar voor vrouwen, tot 80,7 jaar voor mannen. In mijn geboortejaar 1953 was die levensverwachting voor mannen nog 70,4 jaar.
In de loop van mijn leven kreeg ik er dus tien levensjaren bij.
Moeten we daar blij mee zijn? Voegt dat wezenlijk iets toe aan ons bestaan?
De afgelopen halve eeuw is het percentage Nederlanders dat een beroerte overleeft gestegen tot wel 90 procent – moeten we daarvoor in onze handen klappen?
Medisch een grootse prestatie. Met een schaduwkant.
Zo’n 400.000 Nederlanders kampen met de blijvende gevolgen van die beroerte, zoals verlamming, gevoelloosheid en spraakproblemen. Dat zorgt voor extra belasting van revalidatiezorg en mantelzorg.
We kunnen dus steeds langer leven. Maar het aantal levensjaren dat in Nederland wordt ervaren als ‘in goede gezondheid’ liep terug: van gemiddeld 60,3 jaar in 2016 naar 58,5 jaar in 2022.
Dat blijkt uit Europees onderzoek, waarin wordt geconstateerd dat Nederlanders een steeds groter deel van hun leven kampen met gezondheidsproblemen en andere beperkingen.
Wat levert langer leven dan op?
Meer levensjaren. Maar minder gezonde jaren. Minder levenskwaliteit. Het tijdperk van tobben wordt gerekt.

Overbehandeling bij ouderen moet worden tegengegaan, bepleit chirurg-oncoloog en hoogleraar Schelto Kruijff in zijn recent verschenen boek Hoe gezond is het ziekenhuis eigenlijk.
Dan gaat het om ingrepen die medisch niet langer zinvol zijn, maar het leven misschien verlengen, al is de tijdwinst klein en zijn de complicaties groot.
‘De dood is een te groot taboe geworden’, zegt Kruijff in een interview met NRC.
‘Bij iemand van in de tachtig’, zegt Kruijff, ‘maak ik heel duidelijk wat de impact van de behandeling is:
- Dat het lichaam een duw krijgt van een dag lang op de operatietafel liggen
- Dat er een longontsteking kan optreden, smaakverlies
- Dat er een grote kans is dat de ziekte terugkomt
Voor zulke gesprekken neemt hij steeds meer de tijd. Daarna kiezen mensen vaker zelf om niet door te behandelen.
Dan vertelt hij er niet eens bij wat de kosten en de milieu-impact van zo’n behandeling zijn. De meeste zorgkosten worden in de laatste levensjaren gemaakt.
Het is eigenlijk absurd, zegt hij in het interview, dat een familiegesprek over het levenseinde vaak pas op het allerlaatst in een crisissituatie wordt gevoerd.
‘Mijn eigen ouders zagen ook een beetje op tegen dit gesprek. Terwijl zij, een arts en verpleegkundige, hier voorheen altijd vrij stoer over hadden gedaan. Toen het gesprek achter de rug was, voelden we in het gezin een grote opluchting.’
In zijn boek schrijft hij:
‘Het is droevig hoeveel mensen moeten sterven in een kille ziekenhuisomgeving, tussen de piepende apparaten en onbekende gezichten.’
In het interview zegt hij daarover:
‘Als je thuis in elkaar zakt, kan dat ook een kans zijn. Dat je thuis, in je eigen omgeving kunt sterven, met je dierbaren om je heen. Dat je misschien zelfs geen 112 meer belt.’

‘De zin van het leven is niet langer leven, maar een vervuld leven leiden’
Ezekiel J. Emanuel belt in zo’n geval zeker niet 911, de Amerikaanse tegenhanger van 112.
Deze Amerikaanse oncoloog en gerenommeerde gezondheidsexpert baarde in 2014 internationaal opzien met een artikel in het blad The Atlantic.
De kop luidde: ‘Waarom ik hoop dood te gaan als ik 75 ben’.
Hij was destijds 57 en kerngezond.
Waarom zou je na een goed leven het risico lopen op dementie of dat je een last bent voor je familie, zei hij in een interview met de BBC op de World Changing Ideas Summit in New York.
In het artikel in The Atlantic schreef hij:
‘De dood is zonder twijfel een verlies.
Ze berooft ons van ervaringen en mijlpalen,
van tijd met onze partner en kinderen,
van al de dingen waar we waarde aan hechten.’
Maar vervolgde hij:
‘Er is een simpele waarheid waartegen velen zich lijken te verzetten: te lang leven is ook een verlies. Het maakt velen van ons, zo niet gehandicapt, dan toch wankelend en achteruitgaand. Het berooft ons van onze creativiteit en het vermogen om bij te dragen aan werk, samenleving en de wereld. Het verandert hoe mensen ons ervaren, met ons omgaan en zich ons herinneren. We worden niet meer herinnerd als levendig en betrokken, maar als zwak, ondoeltreffend en zelfs pathetisch.’
Elf jaar later interviewde Philadelphia Magazine Emanuel. Inmiddels was hij 67. Zijn 75e jaar kwam dichterbij.
Wilde hij nog altijd op die leeftijd sterven? Zeker! Hij twijfelde geen moment.
‘De zin van het leven’, zei hij, ‘is niet langer leven, maar een vervuld leven leiden.’
Voor alle duidelijkheid: Emanuel is tegen euthanasie. Hij hoopt een natuurlijke dood te sterven. Hij wil het lot wel helpen.
Vanaf zijn 75e ziet hij af van ingrijpende medische zorg.
- Geen chemotherapie
- Geen hartoperaties
- Geen nierdialyse
- Geen preventieve tests
- Geen griepprik
- Geen antibiotica
Wel pijnbestrijders. Zijn lichaam lost het voortaan zelf maar op. Of niet.
Het was toch even schrikken toen ik dit las.
75 jaar? Dat is voor mij al over minder dan twintig maanden. Hoog tijd om goed na te denken over mijn levenseinde. Om daarover te praten met mensen die mij dierbaar zijn.

Moeten ouderen misschien niet zo oud willen worden als mogelijk is, omdat dit ten koste gaat van jongeren?
Een op de tien Nederlanders die vorig jaar stierven, nam het heft al in eigen hand.
- Ruim 10.000 mensen kregen euthanasie
- 5.800 mensen stopten met eten en drinken
- 2.000 mensen namen middelen om te sterven
- Bijna 1.800 mensen pleegden suïcide, van wie een vijfde deel 70-plussers
De groep ouderen die zich oriënteert op het levenseinde is nog vele malen groter.
De Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVE) heeft 177.000 leden.
Twee derde van de Nederlanders tussen 18 en 80 jaar kent de niet-reanimeerpenning, bijna de helft de euthanasieverklaring, een kwart het behandelverbod.
Zo’n driekwart van de bevolking wil regie over het eigen levenseinde, blijkt uit een reeks opiniepeilingen en bevolkingsonderzoek.
In het behandelverbod dat ik heb ondertekend, omschrijf ik onder welke omstandigheden ik niet meer behandeld wil worden.
- Als ik me niet meer zelfstandig kan voortbewegen, binnens- en buitenshuis, al dan niet met hulpmiddelen.
- Als mijn geestelijke vermogens niet meer toereikend zijn om zelfstandig te wonen.
- Als ik niet meer zelfstandig kan eten, drinken, poepen en plassen.
- Als ik niet meer in staat ben om met anderen te communiceren, in woord en gebaar.
Als daar geen uitzicht meer op is. Dan overlijd ik liefst zo snel en pijnloos mogelijk. Liever te vroeg dan te laat.’
Aan iedereen de vrije keus.
Mijn keus is puur gestoeld op eigenbelang.
Hoe passend in onze individualistische maatschappij.
Maar bij de vraag hoe oud we willen worden, zouden we ook rekening kunnen houden met de samenleving als geheel.
- Wat betekent onze keuze voor onze dierbaren die onder de mantelzorg bezwijken?
- Wat zijn de consequenties voor de werkenden die de stijgende zorgkosten dragen?
- Moeten ouderen misschien niet zo oud willen worden als mogelijk is, omdat dit ten koste gaat van jongeren?
Een Japanse film uit 1983, The Ballad of Narayama, verbeeldt die mogelijkheid.
Het verhaal speelt zich af in de negentiende eeuw in het noorden van Japan. Daar kennen ze het gebruik van ubasute.
Iedere oudere die 70 wordt, trekt de berg Nara op om daar te sterven. Alleen op die manier blijft er genoeg te eten over voor de rest van het dorp.
We volgen de weduwe Orin in haar laatste levensjaar. Ze is nog kwiek en ondernemend. We zien hoe ze haar resterende tijd gebruikt om haar kinderen en kleinkinderen voor te bereiden op het leven zonder haar. Ze helpt haar beide zonen nog aan een vrouw.
Als het jaar voorbij is, neemt de oudste zoon Tatsuhei haar op zijn rug. Hij zeult haar de berg op. Alsof de hele natuur op haar wacht. Dan zet hij haar neer en keert om.
Alleen trekt ze verder.

Lees ook

Lees ook
Klik op de hyperlinks hieronder
en vind meer berichten
Bron: De Correspondent