Dichter Babs Gons zal met haar hart schrijven of niet schrijven. In elk gedicht pompt ze liefde, maar ook verzet. “Dat is de droom: dat we ons eigen paradijs op aarde vormgeven, ons eigen mooiste land.”
Jelle Van Riet – De Standaard
5 maart 2026
Leestijd: 19 min
“Wat zullen we vieren vandaag?”
Babs Gons
Babs Gons (1971)
Is Nederlands schrijver, columnist, dichter en spoken word-performer. Van 2023 tot 2025 was ze Dichter der Nederlanden.
Hoe te leven? In kleur! Toch als het van dichter Babs Gons afhangt.
In het Amsterdamse Oba theater, waar ze in het kader van Poëzierevue gedichten komt voordragen, steekt ze fel af tegen haar tienerpubliek.
Zij is een kleurrijke paradijsvogel op plateau sneakers en met vlechten, de jongeren zijn in donkere kudde-outfit.
Gons vindt het jammer dat ze niet meer eigenheid nastreven. Ze pleit voor ‘wij een meervoud’ – de titel van haar laatste gedicht als Dichter der Nederlanden.
Ieder zijn kleur, ieder zijn taal. Haar werk is meerstemmig: vaak is niet ‘ik’, maar ‘wij’ het onderwerp.
“Ken je het wetenschappelijk bewezen fenomeen dat wanneer mensen naar eenzelfde voorstelling kijken, hun hartslag gelijk kan gaan lopen? En dat als je iemand ziet rillen, je temperatuur dan ook daalt? We zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.”
Spoken word zit haar als gegoten. Maar wanneer ik haar de godmother van het genre noem – ze was tenslotte de eerste spoken word Dichter der Nederlanden – kan ze me niet snel genoeg verbeteren.
“In het rijke landschap der letteren lijkt alles om het papieren hart te draaien, maar de orale poëzie bestaat al 300.000 jaar.
“Weg dus met die gekke hiërarchie! Ik hoor gewoon thuis in een lange traditie van dichters die dit ritmische, tegen andere performance kunsten aan schurkende genre telkens in een nieuw, bij de tijd passend jasje hebben gestoken.
“In die wereld heb ik altijd meer vrijheid, vernieuwing en gemeenschap gevonden. Het is een vriendelijke wereld waarin je elkaar naar voren duwt.”
In het voorwoord van Hardop (2019), het door haar samengestelde boek van spoken word in Nederland, beschrijft Gons het moment van de coup de foudre: New York 1999, een optreden van spoken word artiest Carl Hancock Rux. Het was het begin van een liefde die een kwarteeuw later nog altijd hevig brandt.
“Ik weet werkelijk niet wat me overkomt”, schreef ze.
“Alsof ik opeens begrijp wat ik jarenlang heb gezocht.”
Terug in Nederland ging ze het vuur verspreiden, onder meer door de Palabras-avonden te organiseren in Paradiso.
Vandaag is de gemeenschap van performance dichters groter, polyfoner en collectiever dan ooit. Zelf reist ze de wereld rond om op grote podia steevast veel indruk te maken.
In 2021 verscheen haar debuutbundel Doe het toch maar.
Het toch maar doen is de enige manier om “op een dag wakker te worden/ en te ontdekken/ dat de wereld beter past om jouw lichaam”.

Wat betekent dat: vinden wat je zoekt? Werd je eenzaamheid opgeheven?
“Ik denk het, ja, al zou ik die nooit helemaal op willen geven. Eenzaamheid is ook saamheid met jezelf en daar heb ik veel aan te danken.
“Als kind ben ik vaak verhuisd en eigenlijk zaten al die dorpen me te krap. Ik wilde mensen van all walks of life, meer diversiteit en een rijker cultureel aanbod. Niet maar één jazzballet klasje.
“Na de middelbare school ben ik eerst naar Barcelona gegaan, waar ik au pair was en later naar Brazilië.
“Ik denk dat ik vooral zocht naar anonimiteit, naar gelijkgestemde mensen en de schwung van een grote stad waar van alles te doen is.
“Ik wilde uitgaan, in clubs dansen, dragen wat ik wilde zonder nagestaard te worden. Vrijheid!
“In New York ontdekte ik een wereldwijde gemeenschap van mensen met wie ik verleden, verhalen en verlangens deel.
“De poëzie en de hiphop had ik al ontdekt, maar die vurige manier van aan poëzie doen voelde alsof ik in een warm bad zakte.”
“Dit is hoe het begint. Met een droom”, schrijf je in het kinderboek Het begint met een droom (2022). Wilde je Nederland meer kleur geven, zoals de heldinnen die je beschrijft?
“Ik had wel podiumambitie, maar was zeker niet bezig met titels als Dichter der Nederlanden. Ik wilde gewoon verhalen vertellen en zocht daarvoor de juiste taal.
“Zo gaat het altijd: ik volg de flow van het leven en stel vervolgens ietwat overweldigd vast dat ik ben waar ik had willen zijn.
“Ik herinner me dat ik weleens dacht: stel je voor dat ik op de universiteit over mijn favoriete literatuur praat.
“Twee jaar later bleek ik dat effectief te doen.
“Dé droom, de eeuwige hartstocht die me voortstuwt, is mijn weigering om de dingen te accepteren zoals ze zijn of zoals ze ons voorgeschoteld worden.
“Poëzie is mijn vehikel om alles waar ik niet goed mee kan leven, aan de kaak te stellen. Ik geloof dat we met zijn allen iets in beweging kunnen zetten.”
Je wil “een taal die zich constant bezint”: “Deze taal heeft geen deuren/ alleen ramen om uit te kijken/ op een steeds veranderend landschap”. Beweegt de taal de juiste kant op?
“Nee! Onlangs nog las ik in de krant dat uit onderzoek blijkt dat racisme en discriminatie online toenemen na negatieve uitspraken van politici in de Tweede Kamer over bevolkingsgroepen.
“De taal is niet onschuldig! Ze moet voortdurend tegen het licht worden gehouden.
“Als mensen met een voorbeeldfunctie en een groot podium de taal inzetten om mensen te schaden en buitenspel te zetten, dan zijn ze oorlog aan het voeren. Dan krijgt ook de mens in de straat een vuilere mond.
“Kijk om je heen: men gebruikt steeds minder de filter van respect en fatsoen om een ander te zeggen dat men het oneens is. Daar moeten we ons met man en macht tegen verzetten.”
Je hoopt op een “taal als een familiegroepsapp/ van de wereld”.
“Taal is alles wat we hebben met elkaar. Aan kinderen die thuis een andere taal spreken dan op school, wordt gezegd dat ze die taal thuis moeten laten in plaats van dat men de rijkdom laat bestaan.
“Kinderen die meertalig opgroeien hebben juist een streepje voor. Zij zien de taal als een concept, terwijl eentalig opgegroeide mensen vaak vastzitten in die taal.
“Wij maken zo veel onderscheid in meer- en minderwaardige talen, maar samen met die talen sluiten we groepen mensen uit.
“Waarom leren wij geen gebarentaal en braille op school? We zouden een zoveel mooiere taalgemeenschap kunnen zijn. Elke taal ontsluit een nieuwe wereld.
“Ik hoop dat ik ga eindigen met een taalboekje in de hand, in mijn schommelstoel en dan inslapen.”

“Maar het liefste is me/ de taal die me zo blootlegt/ als mijn huid maar toelaat”, klinkt het in ‘Polyglot’. Is het dat wat je bedoelt als je je schrijven “bloeden” noemt?
“Als je dingen wil aansnijden en het achterste van je tong wil laten zien, dan is dat bloeden, ja. Misschien tracht ik zo ook mijn pijnplekken op te lossen.
“Als je van rauwe gebeurtenissen, ervaringen en gevoelens kunst maakt, dan zit daar dankzij de afstand die je creëert een stuk heling in. Op papier heb je veel keuzes.
“Neem femicide. ‘Vrouw dood gevonden. Man opgepakt’, lees je in de krant, waardoor het haast onschuldig klinkt. Nou, dat heet dus moord.
“Om iets te kunnen bestrijden, heb je duidelijkheid nodig. Epstein had geen ‘seks met jongere meisjes’, hij heeft ze verkracht.
“Toen ik werd gevraagd om een gedicht te schrijven bij een femicidemonument, bedacht ik dat ik in plaats van, zoals in een eerder gedicht, te vertellen hoe we als vrouw altijd op onze hoede zijn, ik dit keer op papier wilde dromen over hoe we op een dag wakker worden en ons lichaam ons helemaal toebehoort.
“Als we ons geen mooiere toekomst verbeelden, kunnen we er ook niet aan bouwen, toch?”
Je bent fan van Biggie, een rapper die in zijn videoclips schaarsgeklede dames op een boot opvoert.
“In dat gedicht (‘Ode aan hiphopcafé De Duivel’, red.) schrijf ik ook: ‘We vergaven de bitches en het n-woord/ want we bevonden ons in een heel andere context’.
“We zitten in een café, ondergedompeld in de muziek die ons verbindt. Wij gaan mee in de hoofden van rappers. Soms horen we iets waar onze wenkbrauwen van omhoog schieten, maar hé, we gaan morgen weer verder met de wereld verbeteren.
“Als je goed weet wie je zelf bent, kan je die clichébeelden waarin vrouwen gevangenzitten, zien als show en parade. Braggen hoort erbij.
“Dus ja, je kunt feminist zijn en van hiphop houden, zolang je de artiest scheidt van de persoon en meer nog gaat het om context en cultuur.
“Het is hoe dan ook een ongoing debat. Voor veel mensen, merk ik, is Chris Brown weer oké, terwijl hij Rihanna in elkaar heeft geslagen. How did this happen, denk ik.
“Rammstein? Niet gecanceld. Reve? Bukowski? Ik heb zeker mijn grenzen, maar Biggie vind ik een geniale muzikant. Iets minder bitches zou beter zijn, maar hey, tonight I forgive you.”
Hoever sta jij met je eigen ambitie om rapper te worden?
“Dat gaat gebeuren. Ik moet het alleen nog even leren. Kijk maar uit!”
In het gedicht ‘Ga terug naar je eigen land’ adviseer je om “je eigen land” te zijn. Heeft het jou veel tijd gekost om je eigen land te zijn?
“In dat gedicht probeer ik iets moois en krachtigs te maken van dat ‘Ga terug naar je eigen land’.
“Als je wordt geboren in hetzelfde dorp waar je ouders zijn geboren, daar naar school gaat en de liefde vindt, dan rijzen er weinig vragen over je identiteit.
“Maar ik weet bijvoorbeeld nog niet lang dat mijn Afro-Amerikaanse grootvader een van de 1,2 miljoen zwarte bevrijders van Europa was.
“Hierdoor ziet mijn eigen land er weer een beetje anders uit.
“Historica Mieke Kirkels heeft zich vastgebeten in de bijdrage die zo’n 16.000 zwarte Amerikaanse soldaten hebben geleverd aan de bevrijding van Nederland en de kinderen die negen maanden later in katholiek Limburg werden geboren.
” Sommige vrouwen die met zwarte soldaten feest hadden gevierd – dat was iets zichtbaarder dan met niet-zwarte soldaten – hebben hun kinderen moeten afstaan.
“Deze vaak verstoten kinderen hadden een zoveel mooier ‘eigen land’ kunnen maken, met zoveel meer trots.
“Dat is een mooie droom, dat je je eigen paradijs op aarde vormgeeft: je eigen mooiste land, waar je je rug recht kunt houden en niemand je kan raken.”
Jij weet je verbonden met wie jou is voorgegaan én met wie na jou zal komen. Probeer je iemands ‘favoriete voorouder’ te zijn?
“Allemaal moeten we ons afvragen: hoe willen we dat er later over ons gesproken wordt? Ook als natie.
“Hoe gaan we deze wereld doorgeven aan onze kleinkinderen? “
‘Je hebt er helemaal niets aan/ om te weten hoe we later / zullen rouwen en bezinnen/ herdenken en bedenken/ hoe we dit nooit meer/ laten gebeuren// met veel moeite/ zullen we de juiste woorden vinden/ om de stilte te bedekken’, schrijf ik in mijn gedicht ‘De juiste woorden’ over Gaza.
“De macabere taaldans die we uitvoeren om maar niet te benoemen wat daar gebeurt.
“Genocide, femicide – we draaien werkelijk overal omheen. Allen hebben we daarin verantwoordelijkheid op te nemen, als samenleving.”
Kijken we het verleden nog niet voldoende in de ogen?
“Nee, we hebben in Nederland en België een heel selectief geheugen.
“Nu bepaalde groepen mondiger en geëmancipeerder worden, wordt pijnlijk duidelijk wat we zichtbaar hebben gemaakt en wat we onder het tapijt hebben geveegd.
“Waar we onze musea mee vol hebben gehangen, onze herdenkingen aan hebben gewijd.
“Het is een en al gemiste kans, want juist het inzichtelijk maken van onze gedeelde geschiedenis zou zo verrijkend zijn.
“Maar altijd is er de angst dat ons iets wordt afgenomen, terwijl we in het omarmen van onze complexiteit compleet zouden kunnen zijn.
“Ik snap niet waarom we niet alle facetten van onze geschiedenis, van onszelf, van dat grote lichaam dat we zijn, bespreekbaar kunnen maken.
“Laten we alsjeblieft ophouden met bang te zijn en dat snuivende beest in de ogen kijken, erkennen dat we zowel slachtoffer als dader zijn.
“Als je goed omgaat met het verleden, dan ziet de toekomst er beter uit.”

Je bent met elke vezel van je lijf een moeder. Is dat jouw belangrijkste taak op aarde?
“Een taak zou betekenen dat het eenrichtingsverkeer is, terwijl ik ook word opgevoed door mijn kind. Ik leer veel van hem.
“Ik zie het als mijn nobele taak om een prachtig mens af te leveren aan de maatschappij, maar ook om die maatschappij aan hem te tonen: hier, het leven is niet altijd mooi, maar ik hoop toch dat je er vol voor gaat.
“Ik probeer hem te verbinden met de wereld en de wereld met hem.
“In de mate dat ik daar invloed op heb, want ‘je kinderen zijn niet je kinderen’, in de woorden van de profeet Khalil Gibran. “
‘Je mag ze je liefde geven, maar niet je gedachten, want zij hebben hun eigen gedachten.’
“Een kind houdt je ook met beide benen op de grond, want op wat voor grote podia ik ook ambassadeur van de poëzie sta te zijn, er moet ’s ochtends wel appelstroop op tafel staan.
“Ik zou me makkelijk kunnen verliezen in wat ik doe, maar uiteindelijk is dat werk niet zo belangrijk. Samen mens zijn, dat is wat telt.
“Misschien is mijn belangrijkste taak om zelf de mens te zijn naar wie ik wil dat hij kijkt.”
“Hij verzacht de randen van mijn blik/ hij laat me de schoonheid zien/die tussen de scheuren groeit/ hij laat de beat dalen tot een lome bassline/ zodat ik weer kan opmerken wat ik over het hoofd ben gaan zien/ als je gewoon zegt dat dit de beste dag ooit is/ dan wordt het dat ook.” Is in onze geest de kracht gelegen om te bepalen hoe we leven?
“Ja, je kunt de woorden laten voorgaan en volgen.
“Toen ik dat gedicht ‘Mijn zoonschijn’ schreef, kon mijn zoon net schrijven.
“Op een dag vroeg ik hem om op te schrijven wat hij die dag wilde gaan doen. Hij wilde ijsjes, dansen op One Direction en dat het de mooiste dag ooit zou worden.
“En dat werd het, omdat we dat zo hadden bepaald.
“We gingen een ijsje halen en dansten hand in hand in de straat op One Direction.
“We hebben ook lange tijd een hond gehad, Pica, die hij via de taal had opgeroepen. Als we met hem aangelijnd naar buiten gingen, zeiden mensen: oh, is Pica erbij? In de bus zat ik soms helemaal tegen het raam gedrukt, omdat Pica tussen ons in zat.
“Taal is intentie. Je kunt je leven ermee verzoeten. Als ik tegenzin voel om iets te doen, dan zeg ik tegen mezelf: maak het maar leuk.
“Omgekeerd kun je je leven ook verzuren met taal. Als je jezelf de hele tijd afkraakt, dan ga je vanzelf met gebogen schouders rondlopen. Kinderen die altijd afgebekt worden, hebben de grootste moeite daar voorbij te groeien.”
Zelfliefde is een belangrijk thema in jouw werk. We zijn “precies goed”, omdat we “zo ontzettend mens” zijn. Is dat je ochtendmantra?
“Ik kan bijna geen realityshow kijken – ik heb een liefde voor reality – of ik hoor mensen zeggen dat ze zich onzeker voelen.
“Ook ik twijfel wel eens of ik er genoeg toe doe, maar ik leer steeds meer om gewoon tevreden te zijn met mezelf.
“En wat is dat toch met die rare obsessie om er jong uit te zien? Onlangs nog zei iemand tegen mij: ‘Ik dacht dat je dertig was.’
“Dat was bedoeld als compliment, maar ik dacht: ‘Hoezo, hoor je mij niet praten? Hoor je niet mijn wijsheid van jaren?’
“Ik ben trots op mijn plooien. Dit lichaam is mijn geschiedenisboek. Mijn landkaart. Hier zit mijn kind. Daar de dood van mijn vader. Hier mijn verdriet, daar mijn geluk. Vroeger was ik dun, nu neem ik meer ruimte in.
“Dat is het mooie: je kunt jezelf een verhaal vertellen. Alles mooier maken. Er zijn al genoeg tegenwerkende krachten.”

Ben je meer van jezelf gaan houden door je kind?
“Ik ben mezelf vooral meer gaan zien, omdat een kind een vergrootglas op je houdt.
“Als ik inconsequent ben – mijn grootste struikelblok: de ene dag vind ik alles leuk, de volgende niks – dan word ik daar meteen voor afgestraft. ‘Waarom ben je nou opeens boos?’ ‘Waarom wil je dat ik dat vandaag doe, terwijl het ook woensdag kan?’
“Je wordt voortdurend gedwongen om helder te zijn, zeker met een puber, en jezelf te bevragen. Wat wil ik meegeven? Wat is belangrijk, wat futiel?
“Ik grijp vaak terug naar een uitspraak van Toni Morrison: ‘Als een kind de kamer binnenloopt, je eigen kind of een ander kind, licht je gezicht dan op? Of kijk je alleen of het vlekken op zijn T-shirt heeft?’
“Natuurlijk denk ik soms: ga je zo de deur uit? Maar dan probeer ik mezelf te corrigeren en met de liefde die ik voel naar hem te kijken.
“Moeder zijn gaat trouwens verder dan het hebben van een kind. Ik wil af van die tweedeling: ouders en mensen zonder kinderen. We doen dit samen. We zijn met zijn allen moeders.”
“Liefde went niet/ hecht niet, plakt niet/ ik wil hier geenszins ongeschonden uit komen. (…) ik wil voelen dat ik geliefd heb”, schrijf je. Moeten we onbevreesd liefhebben?
“Als je diep wilt voelen, dan mag je niet bang zijn om geschonden te worden. Mensen koppelen veel voorwaarden aan liefde. Alsof je make-up tegen de avond nog altijd niet uitgelopen mag zijn. Wat heb je dan gedaan?
“Liefde is naast weldaad soms ook pijnlijk. Wat is jouw type, klinkt het in realityshows. En dan is het antwoord: groot, donker en knap.
“Nou, dan zit je daar met zo’n perfecte huls, maar wat zit erin? Hoe praat het met je? Hoe bedrijft het de liefde?
“Ik heb niks tegen botox en valse wimpers, maar wat als je dezelfde perfectie verwacht van de liefde? Dan wordt de mens een sieraad, terwijl je toch bereid moet zijn je vies te maken.
“En als het je even niet zint, meteen weglopen? Zo kom je toch nergens? Al moet je natuurlijk ook niet, zoals velen, ellendig bij elkaar blijven hangen, omdat je dat nog verkiest boven alleen zijn.”
Wat is jouw type?
“Wie zoekt, zal vinden. Ik heb hem gevonden en hij is precies goed.
“Omdat we wederzijdse waardering hebben voor wat we doen en voor wie we zijn. Omdat we veel raakvlakken hebben qua achtergrond en geschiedenis. Omdat ik mij kan herkennen in een versie van hem, vroeger in een dorp. Omdat we dezelfde taal spreken en van dezelfde dingen houden.
“Je moet, denk ik, niet te vroeg te veel verwachtingen hebben van de liefde. Je mag best alle twee een beetje geleefd hebben.
“Je moet ook niet iets van elkaar willen oplossen, ondervangen of helen. Je kunt samen helen, maar het moet niet de fundering zijn waarop je een relatie bouwt. Maar wat weet ik nou?
“Tegenwoordig vragen veel mensen me na afloop van een voorstelling om liefdesadvies. Misschien behoort dat tot het takenpakket van de moderne dichter.”
Het beste levensadvies kreeg je van je toen zevenjarige zoon: “Het moet ook leuk zijn.” Hoe zorg je ervoor dat het leuk blijft?
“Door dat advies op te pakken. Alles gaat zo snel voorbij. De laatste jaren ben ik veel gaan vieren.
“Na mijn laatste bestraling (Gons kreeg in 2023 borstkanker, red.) heb ik om 2 uur ’s middags een feestje gegeven. Even een uurtje gedanst in een bar in het centrum en daarna gaan rusten.
“En toen ik 25 jaar in de georganiseerde poëzie zat, heb ik dat gevierd, omdat ik behoefte heb aan ceremonie.
“In deze grimmige tijden voelt vreugde als een daad van verzet. Zelfs tijdens de slavernij was dat ene uur samen muziek maken en dansen op zondagmiddag een gecodeerde vorm van verzet tegen de onderwerping: we laten ons niet breken.
“You won’t break my soul – Beyoncé, weet je wel?
“Liefde en verzet, de schoonheid en de strijd, gaan hand in hand.
“Als ik iets niet leuk vind, dan trek ik daar een hele leuke jas bij aan, dat helpt ook.
“Het gaat erom dat je met aandacht leeft.
“Je kunt het leven in een blur laten voorbijgaan, of af en toe zeggen: ‘Wat zullen we eens vieren vandaag?’”
Babs Gons was een van de festivalambassadeurs van het Memento Woordkunstenfestival in Kortrijk,
tussen 12 en 29 maart 2026.



Lees ook
Klik op de hyperlink en ontdek
meer berichten van
Lees meer interviews
Het leven – Een gebruiksaanwijzing
Bron: De Standaard