Lezersbrief – Beste Zuhal Demir, hoe vindt u zelf dat het gaat


Een kind van zes dat voortdurend toetsen moet maken en zelf moet evalueren, dat is slecht onderwijs, vindt Christophe van Eysendyck.

Christophe van Eysendyck – De Standaard

11 juni 2025

Leestijd: 4 min


Beste Zuhal Demir,
passief-agressieve zelfkastijding voor zesjarigen, vindt u dat goed onderwijs?

Christophe van Eysendyck
Vader van een zoon van zes


Maandagavond, 18 uur.
Binnenkomen en bijna struikelen over een paar sneakers dat er vorige week nog schattig klein uitzag, maar ondertussen al maat 31 blijkt.

Hey knul! “Dag papa”.
Een klein stemmetje, afgeleid door een herhaling van Pokémon. Iets zegt me dat het geen leuke dag was.

Na het avondritueel neem ik nog even de tijd om met een kop thee in de zetel te ploffen.

O ja, er waren nog wat toetsresultaten in de boekentas. Vorig trimester heeft hij er 27 mogen doen. In het eerste leerjaar, voor alle duidelijkheid. 27 toetsen voor een zesjarige.

Over het algemeen goede punten.
Ergens in de 8/10-range.

Nu ja, de juf wist op het oudercontact te vertellen dat ze rekent op 8 op 10 en dat het anders niet goed is.

De schaal is dus niet 1 tot 10 maar 8, 9 of 10.
Je krijgt twee mogelijke missers. Relatieve schalen zijn blijkbaar belangrijk voor zesjarigen.

Het echte venijn zit in de staart van de test.
Een ‘zelfevaluatie’ of ‘reflectie’.

“Ging het goed of ging het slecht?
Kleur.”

Ik staar naar dat vraagje.
Weet u wat er gebeurt als je een zesjarige kind vraagt om zichzelf te beoordelen na een toets?

Je leert hem niet reflecteren,
je leert hem twijfelen aan zichzelf.

Om zijn waarde af te meten aan arbitraire scores. Om een 7 op 10 te zien als falen,
omdat de norm nu eenmaal 8 is.

De bedoeling van onderwijs,
als we het daar toch heel even over mogen hebben, is nieuwsgierigheid aanwakkeren,
kinderen leren denken over de wereld en over henzelf.

Een veilige ruimte creëren waar ze fouten móéten maken, waar experimenteren wordt aangemoedigd, waar leren een avontuur is in plaats van een permanente evaluatie.

Weet u wat niet in dat rijtje past?
Passief-agressieve zelfkastijding
voor zesjarigen.

Pedagogische waanzin

Los van de totaal arbitraire scores zijn toetsen op die leeftijd op geen enkele manier een hulpmiddel bij onderwijs.

Zeker niet bij kinderen die nog zo jong zijn dat de onderlinge leeftijdsverschillen een zesde tot een vijfde van hun totale leven kunnen bedragen, met alle verschillen in ontwikkelingssnelheid van dien.

Het ene kind kan al vlot lezen, het andere leert pas maanden later lettergrepen samen te voegen, en beiden ontwikkelen zich volkomen normaal.

Toch dwingen we die kinderen in hetzelfde keurslijf, toch testen we ze op hetzelfde moment en vragen we hen vervolgens om hun eigen ‘prestatie’ te beoordelen.

Het is pedagogische waanzin en vanuit biologisch/neurologisch oogpunt niet te verantwoorden.

“Hoe vind je zelf dat het gaat?”
Het is een sarcastische opmerking die we onder volwassenen gebruiken na een mislukte vergadering.

Wanneer iemand er écht niets van bakt.

Het is geen vraag die je stelt aan een kind dat nog leert wat cijfers betekenen.

Kinderen wil je de kans geven om fouten te maken. Veel fouten.

Je leert door fouten te maken.
Er is geen alternatief.

Een kind dat leert dat een 7 op 10 betekent dat het ‘slecht ging’, leert niet beter te presteren.

Het leert bang zijn om te falen.
Het leert dat leren gevaarlijk is,
omdat elke misstap wordt geregistreerd en geëvalueerd.

Fouten zijn onaanvaardbaar

Mijn zoon is een nieuwsgierig, creatief kind,
zoals alle kinderen dat eigenlijk zijn.

Maar ik zie hoe elke maandag
die energie stukje bij beetje wegebt onder het gewicht van toetsen, normen en zelfevaluaties.

(Na een weekend waarin hij urenlang heeft kunnen uitleggen hoe Pokémon evolueert of mij helpt bij het ontwerpen van nieuwe levels in een spel dat we samen aan het vibecoden zijn)

Dit is niet wat onderwijs hoort te zijn.
Daarom, beste mevrouw de minister en beste beleidsmakers in het onderwijs, vraag ik het u:

Hoe vindt u zelf dat het gaat?

Want als we zesjarigen leren dat leren gevaarlijk is, dat fouten onaanvaardbaar zijn en dat hun waarde afgemeten wordt aan een schaal van 8 tot 10, dan gaat het niet goed.

Dan zijn we niet bezig met onderwijs.
Dan zijn we bezig de nieuwsgierigheid en veerkracht te breken die we zouden moeten koesteren.

Ik vraag niet om de afschaffing van alle vormen van evaluatie. Ik vraag om gezond verstand.

Om pedagogie die rekening houdt met ontwikkelingspsychologie.

Om een systeem dat kinderen de ruimte geeft om kind te zijn, om te leren, om te groeien – zonder de constante druk van toetsen en zelfevaluaties die hun zelfvertrouwen ondermijnen nog voor ze goed en wel kunnen spellen.


Ieder schoolkind zijn rugzakje. © belga

Lees ook


Lees andere berichten in deze categorieën

,

Bron: De Standaard

Welkom op Facebook

Welkom op Bluesky

Naar de website


Scroll naar boven