Deint het conflict in het Midden-Oosten uit tot een Derde Wereldoorlog? De blinde logica van oorlogen kan onvoorspelbare gevolgen hebben, schrijft Marc Reynebeau.
Marc Reynebeau – De Standaard
31 maart 2026
Leestijd: 6 min
Zijn het te snel tot paniek gedreven angsthazen die hun emoties niet meer onder controle hebben, die vandaag vrezen dat de oorlog in het Midden-Oosten spoedig zal uitdeinen tot een wereldomspannend conflict, ja, de Derde Wereldoorlog?
Het terrein is, ook mentaal, alvast voorbereid, met de politiek die defensie weer hoog op de agenda heeft geheven, burgers die geacht worden noodpakketten in huis te halen, wereldleiders die onbeschroomd uit zijn op gebiedsuitbreiding en imperialisme zo tot een denkbare optie maken.
Argwaan, onvoorspelbaarheid en opportunisme zetten de toon in internationale relaties, pacifisme wordt verketterd als naïviteit en een onbetaalbare luxegril, buffers als het internationaal recht worden als onwerkzaam en achterhaald weggezet.
Zo onredelijk is bezorgdheid dus ook weer niet. In de collectieve herinnering blijven trauma’s over oorlog en geweld immers lang sluimeren, vaak van generatie tot generatie.
De Amerikaans-Israëlische oorlog tegen Iran, zo stellen de meeste Europese leiders, “is niet onze oorlog”, onder meer omdat hij illegaal is, maar hij is wel “ons probleem” geworden.
Militair is de oorlog al geëscaleerd in het hele Midden-Oosten, met uitlopers naar Cyprus en Turkije, economisch laten de gevolgen zich wereldwijd pijnlijk voelen, in de eerste plaats in Azië, vaak met een directe impact op het dagelijkse leven.
En waar economische belangen op het spel staan, zoals de energie- en grondstoffen aanvoer, kan de verleiding groeien om daar ook met militaire middelen wat aan te doen.
En hoe geharnast de grootmachten ook tegenover elkaar staan in een verdeelde wereld, de nog altijd geglobaliseerde petroleummarkt trekt zich daar niets van aan. De Verenigde Staten mogen dan voor hun energie zelfbedruipend zijn, de benzineprijzen schieten er net zo goed de hoogte in.
De VS en Israël hebben dat ook zo gewild, of alleszins geen obstakel bevonden. Dat Iran op de oorlog kon reageren met vergelding tegen de Golfstaten en in de straat van Hormuz kwam voor president Donald Trump naar eigen zeggen onverwacht.
De escalatie is al zichtbaar in wat in de brokken moet delen, van militaire doelen naar de civiele en economische infrastructuur.
Israël zette daarvoor de toon.
- Nadat het een ontziltingsfabriek in Iran had gebombardeerd, vuurde Iran een raket af op een ontziltingsfabriek in de Golf.
- Toen Israël een Iraans gasveld bestookte, deed Iran hetzelfde in de Golf en in Saudi-Arabië.
Eerst bekritiseerde Trump Israëls voortvarendheid nog, nu is ook hij mentaal geëscaleerd. Ook staalfabrieken of universiteiten mogen eraan geloven.
Inmiddels voert Israël een eigen agenda van bezetting en etnische zuivering door in zuidelijk Libanon en – nog meer in de luwte – op de bezette Westelijke Jordaanoever en in Gaza.
Kwispelende Trump
Was Israël tegenover de VS eerst nog de staart die de hond liet kwispelen, nu kwispelt Trump enthousiast mee.
Hij dreigt in Iran ontziltingsinstallaties, elektriciteitscentrales en de petroleumindustrie op te blazen, ingrepen die Iran, ook na een eventuele val van de theocratische dictatuur, lange tijd onleefbaar zullen maken.
Het zijn ook stuk voor stuk potentieel oorlogsmisdaden.
Het herinnert aan der totale Krieg die nazi-Duitsland van in 1943 voor de eigen bevolking in petto had.
Als Amerikaanse mariniers en luchtlandingstroepen wel degelijk het Iraanse olie-eiland Kharg willen veroveren, dan moet dat wellicht vanuit basissen in Koeweit, wat die Golfstaat tot een actieve oorlogszone zal maken.
Zoals België in 1914 ook louter om geografische redenen in de Eerste Wereldoorlog sukkelde, toen het in de weg bleek te liggen van een gezwinde Duitse opmars tegen Frankrijk.
Dat is de blinde logica van oorlog. Illegale oorlogen kunnen per definitie nooit vrede, welvaart, gerechtigheid of democratie voortbrengen.
Die blinde, louter door interne dynamieken gedreven logica leidt tot wat de Australische historicus Christopher Clark “slaapwandelen” noemde, onbewust escaleren in wat de Amerikaanse historica Barbara Tuchman al eerder omschreef als “de mars der dwaasheid”.
Toeval, manke planning, misverstanden, misplaatst eergevoel, zelfoverschatting of een gebrek aan inzicht in wat de tegenstander beweegt, voeren een aanvankelijk beperkt conflict van kwaad naar erger.
Dodelijke kettingreactie
Goed 100 jaar geleden, in 1914, begon het met een toevallig uit de hand gelopen provocatie.
Op de Servische nationale feestdag, 28 juni, bracht de Habsburgse aartshertog Frans Ferdinand een bezoek aan Sarajevo, de hoofdstad van Bosnië-Herzegovina, waar hij door een Servisch-Bosnische nationalist werd vermoord.
De Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie zag in de moord op haar kroonprins een argument om korte metten te maken met dat balsturige Servië, een restant van het uit elkaar gefrommelde Ottomaanse Rijk.
Wenen vroeg en kreeg daarvoor bij zijn grote broer, het Duitse Keizerrijk, een blanco cheque. Wat Servië ertoe bracht de hulp in te roepen van zijn beschermheer, de Russische tsaar, waarop Rusland bij zijn bondgenoot Frankrijk ging aankloppen en ook Groot-Brittannië aan zijn kant kreeg, dat niet gesteld was op een al te machtig Duitsland in Europa.
In augustus stond heel Europa in brand, in 1917 met ook nog de VS erbij.

Eerst heette het nog dat het varkentje tegen kerstmis 1914 gewassen kon zijn, maar de Eerste Wereldoorlog duurde ruim vier jaar en eiste tien miljoen doden, vooral burgers.
Bij het uitbreken van de nog veel dodelijkere Tweede Wereldoorlog verliep het wat anders, maar er tekende zich een analoge kettingreactie af, waarbij Hitler eerst vrij spel kreeg, tot de westerse geallieerden besloten om toch in te grijpen toen nazi-Duitsland in 1939 Polen binnenviel.
Ooit zou het toch tot een open oorlog komen, dachten ze in Londen, en dan vormden de veiligheidsgaranties die Polen had gekregen, een geschikte aanleiding.
De ambities van oorlogszuchtige landen en soms louter de ijdelheid of de onkunde van hun politieke leiders vonden een gepast kanaal in ententes, afspraken en allianties die het ene land na het andere in een steeds bredere oorlog meesleurden.
Zo werken bondgenootschappen van het type dat VUB-hoogleraar Koert Debeuf nu als “toxisch” omschrijft.
Ze houden de wereld stabiel zolang de politieke leiders ervan verantwoordelijkheid blijven opnemen voor de interne verhoudingen, maar het loopt mis zodra dat interne machtsevenwicht verbroken wordt.
Wat de vraag doet rijzen waar het in het trumpiaanse tijdperk met de NAVO naartoe moet.

Marc Reynebeau is journalist, verbonden aan deze krant. Zijn column verschijnt wekelijks op woensdag.
Lees ook
Lees meer berichten
Marc Reynebeau
Bron: De Standaard