Comedians Bregje Iding en Wim Helsen zijn veel. Zondagskind en klaagdier, podiumpersonage en people pleaser, en vooral zichzelf. “Toen ik auditie deed voor een cabaretopleiding, zeiden ze: leuk, maar stop maar met Wim Helsen te imiteren.”
Marjan Justaert en Berten Vanderbruggen
10 juli 2026
Leestijd: 26 min
“Als je de tranen op voorhand laat komen,
gaat het wel op het podium”Wim Helsen
Eind juni, de laatste dag van de intense hittegolf. Iedereen heeft uitgekeken naar deze avond – er is ons een stortvloed van verlossing beloofd. Aan de kust heeft de storm niet gewacht op de avond, het zand is nog nat, de dijk al wat bekoeld.
Bregje Iding (29) is opgelucht dat ze naar zee kon komen. In Berchem kon ze de warmte niet buitenhouden.
“Mathieu (Terryn, de zanger van Bazart en haar partner, red.) is helemaal naar Tremelo gereden om een tweedehandse airco op te halen. En waarmee is hij thuisgekomen? Een luchtreiniger van 600 euro. Dat ding doet dus niets. Het maakt de kamer zelfs nog een beetje warmer. Maar ja, luchtkwaliteit is ook belangrijk, zeker in Antwerpen. (lacht)”
In december won Iding Humo’s Comedy Cup met een set waarin ze het typetje speelt van een rijkeluisdochter die maar niet kan begrijpen waarom mensen in armoede zitten.
Sinds die doorbraak speelt ze dat personage overal op de Vlaamse podia. Maar niet vanavond, op het terras van het Thermae Palace.
Als we een aperitief uitkiezen, laat ze zich gewillig door de mand vallen: “Welke wijn is goed? Chardonnay? Meestal laat ik anderen beslissen, ik ken er niets van.”
Alsof het een slechte grap is, belt de andere comedian om op te biechten dat zijn uittocht uit dezelfde stad wat meer vertraging oploopt.
Bijna twee uur te laat komt Wim Helsen (57) toe. Hij heeft vannacht naar de laatste groepsfasewedstrijd van de Rode Duivels gekeken bij vrienden, en was van plan gewoon door te gaan, maar viel in de namiddag toch in slaap in de zetel.
Wanneer hij zich met excuses bij ons voegt, wordt duidelijk dat de twee gasten elkaar al een beetje kennen.
Wim, jij hebt Bregje gekozen voor vanavond. Waarom?
Helsen: “Bregje was de eerste die in me opkwam. Goed idee, dacht ik. Omdat ik haar heel leuk vind.”
Iding: “We kennen elkaar niet goed, maar we vinden elkaar wel leuk.”
Helsen: “In de voorrondes van Humo’s Comedy Cup zat ik in de jury.”
Iding: “En één keer heb ik het voorprogramma gedaan van jouw try-out, in De Pitch in Kortrijk, denk ik.”
Helsen: “Juist. Maar ik heb jou een paar jaar geleden al eens ontmoet, en toen vertelde jij dat je comedy wilde doen en je rijke afkomst ging gebruiken in je show. Ik vond dat heerlijk.
“Ik hou van comedy als ze speels en geïnspireerd en eigen is. Veel shows lijken spijtig genoeg op elkaar, veel comedians imiteren andere comedians – net als acteurs, trouwens. En bij jou is dat niet het geval.”
Iding: “Niet meer. Want toen ik auditie deed in de Koningstheateracademie (Nederlandse cabaretopleiding in ’s-Hertogenbosch, red.) hebben ze mij gezegd: leuk, maar stop maar met Wim Helsen te imiteren.”
Helsen: “O, echt? Was je je daarvan bewust?”
Iding: “Nee, niet echt. Maar jij was toen wel mijn grote idool, en jij bent de enige comedian naar wie ik tien jaar lang heel bewust heb gekeken.
“Je eerste voorstelling, Heden soup!, kende ik uit het hoofd. En ik heb dat onbewust overgenomen. Je maniertjes, je intonatie …”
Doe eens een Wim Helsen?
Iding: “(imiteert) En dan ben ík de rare?!?”
Helsen: “Haha. Dat is in een stuk waarin ik zeg dat ik stress krijg van homo’s die hand in hand lopen. Want dan wil ik ter aanmoediging mijn duimen opsteken, maar dan ben ik ineens bang dat ze op mijn duimen gaan zitten. Dan trek ik die snel in, maar dan sta ik daar met twee uitgestoken vuistjes. En dan kijken die naar mij, en dan ben ík de rare?! Terwijl! Want daar komt nog een ‘terwijl’ achter, hè. (Iding schatert)”
Jullie omarmen allebei graag het ongemak op het podium. Het mag schuren en jullie durven ook te falen. Akkoord?
Iding: “Absoluut. Een beetje wrijving, durven er niet bij te horen.”
Bregje, jouw vader is een Nederlander. Wim, jij treedt veel op in Nederland. Is dat iets Nederlands?
Helsen: “Ik denk het eigenlijk niet.”
Iding: “Het wordt wel goed ontvangen in Nederland. Volgens mij is dat wel een rode draad: een Nederlands publiek zal sneller iemand ontvangen die het níét sympathiek vindt. Terwijl Belgen je eerst graag moeten hebben, en dan pas kunnen ze met je lachen.”
Helsen: “In de voorstelling die ik nu speel (Welkom ongemak, red.) zitten stukken waarin ik het publiek beledig.
“In Nederland werkt dat dikwijls supergoed, terwijl er in België plekken zijn waar mensen terugdeinzen: “Moh zèh!” Zodat ik er bijna ambetant van word en denk: blijf thuis als je er niet mee kunt lachen!
“Zo onsympathiek en brutaal zijn, daar hebben Nederlanders door de band genomen minder moeite mee.”
Zijn jullie zelf pleasers?
Iding: “Ik denk dat we allebei doen alsof. Maar ik denk dat we gemeen hebben dat we in het geplease veel fouten maken.”
Helsen: “Ik zou kunnen zeggen dat ik wel een people pleaser bén, maar dat ik dat maskeer. Dat heeft ook te maken met wat je zelf grappig vindt.
“Als ik iemand op een podium zie die veel te veel moeite doet om graag gezien te worden en grappig gevonden te worden, dan is het veel moeilijker om daarmee te lachen.
“Als je dingen zegt waarmee je niet lijkt te hengelen naar de goedkeuring van de mensen, kan dat veel grappiger zijn.”
Hoe is er humor in jullie leven gekomen?
Iding: “Mijn inspiraties waren Wim en Hans Teeuwen. Nu, ik heb altijd wel gezegd dat ik comedian wilde worden, in de lagere school al.
“Volgens mij komt dat uit het besef dat ik veel positieve aandacht kreeg omdat ik grappig was. Anderen waren slim of mooi, met mij kon je lachen. Dat is een beetje een superkracht als er een droevige sfeer hangt, op een begrafenis bijvoorbeeld.
“Nu, de minder mooie uitleg is misschien dat ik heel erg van aandacht hou.”
Helsen: “Je hebt verschillende soorten aandacht.”
Iding: “Ja, in de belangstelling staan vind ik fijn. Jij ook toch, Wim?”
Helsen: “Ik hou ook van aandacht, maar als ik in de belangstelling sta, word ik snel ongemakkelijk. Verrassingsfeestjes waar iedereen kijkt of je de verrassing wel fijn genoeg vindt: gruwelijk!”
Iding: “Ik vind dat net geweldig! Maar veel mensen vinden het awkward, want wat moet je doen terwijl andere mensen zingen voor jou. Ik kan dat echt laten binnenkomen, rondkijken en mental pictures maken.”
Jullie gebruiken op een podium bepaalde kenmerken van jezelf. Allicht heeft niet iedereen altijd door wanneer jullie een rol spelen en wanneer niet.
Helsen: “Bij mij was dat in het begin erger. Mensen dachten dat ik een halve zot was. Wat ik niet ben. (lacht)
“Nu zeggen ze soms na een show: ‘Ik zou weleens in jouw hoofd willen wonen.’ Alsof het iets heel speciaals is. Terwijl alles wat in mijn hoofd gebeurt ook bij anderen gebeurt. Alleen is het bij mij vormgegeven op een manier die interessant is.”
En jij beslist hoeveel de mensen van je personage zien, en hoeveel van jezelf?
Iding: “Nu ben ik heel benieuwd wat hij hierop gaat antwoorden, want ik heb er zelf heel veel moeite mee.”
Helsen: “Goh, het is eigenlijk de voorstelling zelf die dat bepaalt. Want om een voorstelling anderhalf uur boeiend te houden, zijn er verschillende zaken nodig. En in dat proces kom ik ook wel op dingen die met mij te maken hebben.
“Zo heb ik een voorstelling gemaakt waarin ik zogezegd een begrafenis leid. Om het publiek te ontroeren en tegelijk grappig te zijn, moest ik me afvragen: wat is er mis met die mens op het podium?
“Dan bedenk ik: die man leidt een begrafenis die hij eigenlijk niet wil leiden, en eigenlijk kán hij het ook niet. Dat hij daar dan toch staat, is niet zijn schuld, vindt hij, maar die van iemand anders.
“En passant bedenk ik dan dat dat ook in mij zit, een soort klaagdier dat denkt: wat laten ze mij nu weer allemaal doen?”
Geef eens een voorbeeld?
Helsen: “Wel, toen de fotografe ons net vroeg om in de zee te poseren, ben ik zo diep in het water gaan staan dat mijn broek nat werd. Maar ik ging daar staan omdat ik dacht dat ze wilde dat ik daar stond.
“Op zo’n moment kan het gebeuren dat ik denk: verdorie, die fotografen houden geen rekening met mij.”
Iding: “Het was wel jouw voorstel om in de zee te gaan.”
Helsen: “Dat weet ik.
“Het punt is: het is eigenlijk niet zo erg dat mijn broek nat was en bovendien was het mijn beslissing.
“Maar toch zit het klaagdier dan in mij, om jou het ongemak te verwijten waar ik het slachtoffer van ben.
“Dat gebeurt bijvoorbeeld ook als ik in de file sta en het is warm. Dan lijkt het of alle andere weggebruikers op straat zijn geplaatst om mij te pesten.”
Heb je een grens: zoveel wil ik van mezelf laten zien?
Helsen: “In de huidige voorstelling is het anders dan in de vorige. Die was heel kwetsbaar en persoonlijk, maar ik maskeerde het zodanig dat mensen niet altijd begrepen wat er aan de hand was.
“In deze voorstelling zeg ik het bijna letterlijk, en blijkbaar raakt het dan veel directer.
“Dan betrap ik mezelf erop dat ik soms denk: nu staan jullie wel recht omdat wat pijnlijk is veel helderder en duidelijker is, maar eigenlijk was de vorige voorstelling beter.
“Nu ben ik het klaagdier aan het laten spreken, hè? Dat soort innerlijke monoloog is ook bezig in mezelf. Het kan wel helend werken voor mij om die dan belachelijk te maken.”
Is dat herkenbaar, Bregje?
Iding: “Zeker. Plots vaststellen dat de dingen die je aan het maken bent, en waar je mee lacht, een grond van waarheid bevatten. Dat leidt tot een vorm van zelfkritiek in mijn materiaal.
“Bijvoorbeeld: ik ben nu kritisch over het feit dat ik niet goed genoeg luister naar andere mensen. Dat is mijn hele leven al zo, door in de belangstelling te willen staan en door vaak de sfeer goed te willen hebben.
“Toen ik vijftien was, werd een vriendin depressief en ze wilde uit het leven stappen. Dat zei ze ook in de klas.
“Ze werd opgenomen, en op een dag nodigde ze ons allemaal uit. Iedereen zat in een kringetje en er hing een begrafenissfeer. Dus ik zei: ‘Jongens, gaan we karaoke zingen? Kom zeg!’ Omdat ik wilde dat ze een leuke verjaardag had.
“Achteraf werd ik nooit meer uitgenodigd door die vriendin omdat ik te veel aandacht vroeg … Maar ik wilde geen aandacht, ik wilde een leuk feestje voor haar. Alleen heb ik niet geluisterd naar haar en dus wist ik niet wat ze zelf wilde.”

Slim en zindelijk
De hang naar afleiding en lichtheid is een gedeelde karaktertrek. Voor elke vraag die van hen af glijdt, komt er een anekdote met een grap, of een lied. Door dat alles glundert de attitude: neem het leven niet te serieus.
De fotograaf komt de twee even stelen voor de zonsondergang. Niet veel later keren ze terug van het strand met een opblaaskrokodil en eenhoorn. De dieren mogen in de gaanderij waken terwijl de hoofdgerechten op tafel komen.
Jullie delen ook een scoutsverleden.
Iding: “Ja. Mijn totem was Stokstaartje.”
We zoeken even op: het stokstaartje is erg sociaal en vaak aanhankelijk. Dit dier voelt zich met opvallend gemak overal thuis. Het stokstaartje is gezellig, vriendelijk, grappig en speels, maar ook steeds waakzaam en uitermate dapper. Het heeft een goed geheugen en is erg schrander.
Iding: “Schrander, wat betekent dat?”
Slim.
Iding: “Ja, slim ben ik wel. Maar voor de rest? Sociaal ben ik eigenlijk niet. Ik ben geen groepsmens, heb hooguit een handvol echte vrienden.
“Ik heb ook niet lang in de scouts gezeten. Ik heb me er altijd wat eenzaam gevoeld. Ik werd er uitgesloten, verkeerd begrepen. Ze begrepen het niet als ik dingen met humor zei.
“Een deel van die scoutsgroep is komen kijken toen ik in Lommel speelde. Toen ik hun gezichten zag, bedacht ik dat zij het destijds waarschijnlijk niet zo ervaren hebben. Ze zaten daar volgens mij met goeie bedoelingen in de zaal. Dat was wel een full circle moment.”
Wim, jij was bij de scouts Komische Mungo. We lezen voor: mungo’s of zebramangoesten zijn zeer communicatief, opgewekt en goedaardig. Ze kunnen blijkbaar ook volgzaam zijn en zich hechten aan een meester. En ze zijn zindelijk.
Helsen: “Zindelijk, daar herken ik mij wel in.”
En volgzaam?
Helsen: “Ja, ik laat me graag leiden.”
Zijn jullie goeie vrienden voor jullie vrienden?
Helsen: “Sommige mensen zeggen: een vriend is iemand die je om 4 uur ’s nachts kunt bellen en die staat er voor jou. Maar ik ben 57 en ik heb nog nooit iemand om 4 uur ’s nachts moeten bellen. Dus als je dat als criterium hanteert, weet ik nog altijd niet wie mijn vrienden zijn.”
Vind je het moeilijk om nieuwe vrienden te maken naarmate je ouder wordt?
Helsen: “Wat ik soms doe, is vragen aan de mensen die ik leuk vind: ‘Hey, gaan we keigoeie vrienden worden?’ En dan zeggen mensen: ‘Goed idee!’”
Iding: “Je hebt dat aan mij ook gevraagd, haha. Maar ik houd eerder mensen af. Kennissen heb ik wel veel, vrienden niet.
“Ik ben altijd voorzichtig met te veel engagement aan te gaan, want dan denk ik: dan moet ik daar ook al cadeaus voor gaan kopen. En ik ben heel lui. Dus ik wil graag gewoon een paar vrienden voor wie ik dat allemaal doe.”
Bregje, jij bent heel actief op sociale media. Laat je in de filmpjes een verlengstuk van je personage zien of ben jij het?
Iding: “Dat weet ik niet. Ik weet ook niet waar mijn personage stopt. Daarom was ik heel benieuwd naar jouw uitleg, want ik weet zelf nog niet precies hoe ik daarin sta.”
Helsen: “Je hoeft het ook nog niet per se te weten. Nu, als toeschouwer weet je wel dat jij niet zo dom bent als de figuur die daar staat.”
Iding: “Nu je het zegt: ik lach wel veel met domme mensen door er eentje te zijn.”
Maar niet iedereen maakt het onderscheid. Je speelt de rijkeluisdochter, en in elk interview moet je zeggen hoe rijk je precies bent.
Iding: “Verschrikkelijk! Want dat haalt alle mysterie eraf.”
Helsen: “Eigenlijk zou je verschillende dingen moeten zeggen. In sommige interviews zeg je bijvoorbeeld dat je uit een marginaal milieu in Mechelen komt. En dat je je Nederlands-Limburgse accent hebt aangemeten om te ontsnappen uit de ellende. En in andere interviews vertel je iets anders.”
Iding: “Mensen worden kwaad als je niet consequent bent, ze zitten op hete kolen om je te ontmaskeren als hypocriet. O wee als ze een vegetariër kunnen vinden die stiekem ergens een steak eet!”
Nu, hoe onsympathieker op het podium, hoe beter het kan meevallen in het echt.
Iding: “(lacht) De comedians die op het podium sympathiek doen, hebben dan wel een probleem.”
Helsen: “Ja. Die kleffe Vlaamse zangers die zich sympathiek voordoen op een podium, dat zijn de goorste smeerlapjes, de arrogantste huftertjes die je kunt tegenkomen. En je denkt nu misschien aan bepaalde mensen? Wel, het is allemaal juist. (schatert)”
Is er veel samenhang in de sector?
Helsen: “Het voordeel van comedy is: we zijn bijna allemaal solisten, en je moet het allemaal zelf doen. Je staat voor een groep mensen en de vraag is: kun je die doen lachen of niet?
“Dat is heel kwetsbaar – en dat kunnen wij van elkaar zien. Dát gevoel kun je alleen maar delen met andere comedians.
“Je ziet soms dingen misgaan die bij jou ook al eens zijn misgegaan. Je ziet iemand vertrouwen verliezen en te snel beginnen te praten, bijvoorbeeld.”
Hoe positioneer je je in het begin van je carrière?
Iding: “Als het goed is, ga je op zoek naar je authentiekste zelf.”
Helsen: “Dat is ook een voorwaarde om het te kunnen doen. De huidige generatie vrouwelijke comedians – jij, Amelie, Jade, Soe … – dat klopt helemaal met wie jullie zijn.”
Iding: “Ja, ze noemen mij weleens de evil twin van Jade Mintjens.”
Stoort het dan niet dat jullie weer in één zin genoemd worden omdat jullie allebei blond en comedian zijn?
Helsen: “Zijn jullie nu de feministische kaart aan het trekken? Mag ik antwoorden in jouw plaats?”
Iding: “(droog) Ja, graag. Ik heb het graag als mannen dat doen.”
Helsen: “Uiteindelijk doet dat er niet toe, want je moet het gewoon doen gebeuren op een podium, met het publiek dat daar is. En dan vervliegen al die ideeën, als het goed is en als het klopt.”
Is het voor vrouwelijke comedians niet nét iets moeilijker om door te breken dan voor mannen?
Iding: “Het is voor vrouwen moeilijker om de weg naar het podium te vinden. Daar ben ik van overtuigd. Ik heb er ook onderzoek naar gedaan. Dat was mijn journalistieke eindwerk, met een heel moeilijke titel die ik zelf niet meer kan herhalen. Iets met feminiene humor.”
Helsen: “Maar nu doe jij je dommer voor dan je bent.”
Iding: “(windt zich op) Ik? Dommer? Nee nee!
“Luister, niemand kan de titel van zijn thesis herhalen. Maar mijn conclusie was dat vrouwen minder snel hun weg naar het comedypodium vinden omdat ‘de micro grijpen en de aandacht opeisen’ nu eenmaal iets heel mannelijks is.
“Vrouwen doen dat minder én ze worden er minder voor beloond. De klasclown is bijna nooit een vrouw. Dus ja, de weg erheen is moeilijk, maar als je er eenmaal bent, zijn er wel veel kansen.”
Helsen: “En is het niet zo dat de grootste critici van vrouwen andere vrouwen zijn?”
Iding: “Integendeel. Mijn fans zijn allemaal vrouwen.”
Moet goeie comedy ook maatschappijkritisch zijn?
Iding: (denkt na) “Euh … ja. Maar dat is misschien niet wat iedereen denkt dat het is. Ik wil niet maatschappijkritisch zijn van op een afstand, niet letterlijk, liever ga ik erin staan.”
Helsen: “Akkoord. Het is interessanter om te laten zien wat disfunctioneel en dom is aan hoe wij functioneren.”
Iding: “De nar neemt geen standpunt in, hè.”
Helsen: “Mensen die van buitenaf commentaar geven op wat er allemaal mis is, ik vind dat zelf niet grappig. Omdat je jezelf in de positie zet van de betere, de intelligentere, degene met een groter hart. En dat klopt niet.
“Want al die mensen die op partijen stemmen waarvan wij niet willen dat ze erop stemmen, dat zijn ook goeie vaders en goeie moeders, die waarden hebben die wij met hen delen.
“Als je daar iets aan wilt veranderen, is er maar één manier: laten zien dat jij ook zo bent.
“Wat in die mensen zit, zit ook in jou. Want hen belachelijk maken, dat werkt niet – hoe gruwelijk het ook is om van die Trumpies bezig te horen.”

Gered door de liefde
Fans die om een handtekening vragen, daarvan blijven de twee vandaag gespaard.
De enthousiaste vrouw die plots toch uit het niets opduikt, blijkt dan ook geen onbekende. Helsens nieuwe liefde Julie is ook in Oostende en verrast hem met een kus en een trotse glimlach.
“Juist op tijd, want er was hier juist iets aan het groeien tussen Bregje en mezelf”, grapt Helsen.
Er komt crème brûlée op tafel om te delen. We tikken de korst open.
Wat verwachten jullie van een relatie?
Iding: “Twee dingen die ik nooit dacht samen te vinden: spanning en rust. Spanning slaat op levenslust en verbeelding, rust op veiligheid en durven je buik los te laten.
“Als ik vroeger op date ging, liet ik bij thuiskomst een superlange scheet. Echt een stoomboot. Kwam geen eind aan, omdat ik – besefte ik – de hele tijd mijn buik had ingetrokken.
“De eerste keer dat ik met Mathieu op date ging, was die er niet en besefte ik: ik heb mijn buik niet ingetrokken.”
Helsen: “Dus je voelde je aanvaard en gewaardeerd om wie je echt bent?”
Iding: “Ja.”
Helsen: “Een luie leugenaar.”
Iding: “Een luie, scheetloze leugenaar.”
En wat zoek jij in een relatie, Wim?
Helsen: “Goh … Geef zo eens wat ideeën?”
Een gevoel van ‘gered’ worden, van volledig zijn.
Helsen: “Akkoord, ja. Ik wil gered worden, ik wil heel zijn. Want ja, ik heb andere mensen nodig.”
Iding: “Oké, cool. Veel mensen zijn nu erg individualistisch geworden. Ze willen onafhankelijk zijn. Maar volgens mij is dat een kapitalistisch stemmetje in ons hoofd, terwijl je best hulp mag vragen.”
Helsen: “Je kunt ook maar onafhankelijk zijn als je aan jezelf kunt toegeven dat je afhankelijk bent.”
Hechten jullie belang aan wat jullie partner van jullie werk vindt?
Iding: “Ik vind het belangrijk hoe hij erover denkt. En als hij het echt niet grappig vindt, zal ik het wel veranderen.”
Helsen: “Van de mensen die het dichtst bij jou staan, wéét je ook wel dat ze je niet afwijzen als iets mislukt. Want dingen mislukken ook, hè.”
Iding: “En je moet ook kúnnen mislukken. Ik heb tegen Mathieu gezegd: je weet dat ik ook soms lelijk ga zijn op het podium. Waarop hij zei: je hoeft niet aantrekkelijk te zijn als je je job uitoefent, da’s helemaal oké.”
Wat bedoel je met ‘lelijk’?
Iding: “Op een podium staan als comedian heeft iets heel mannelijks, hoe vrouwelijk je er ook staat.
“Een micro grijpen, je rol tegenover het publiek. Het heeft iets autoritairs, iets dominants.
“Terwijl je in het begin van een relatie toch mooi en sierlijk wilt overkomen als vrouw? Maar goed, dat was snel doorbroken toen hij voor het eerst is meegekomen.”
Helsen: “Herinner jij je dat nog?”
Iding: “Ja, heel goed. Ik was bijna aan het overgeven van de zenuwen. Dat was in Maasmechelen, als voorprogramma van Erhan Demirci.
“Ik dacht echt dat hij het ging uitmaken daarna. Maar hij vond het heel leuk, en het is Mathieu die me vervolgens heeft aangezet om ontslag te nemen bij De chinezen (het productiehuis waar ze werkte als redacteur, red.) en voluit voor comedy te gaan.”
Helsen: “En als hij nieuwe muziek maakt, laat hij die dan aan jou horen? Want dat is ook kwetsbaar, toch?”
Iding: “Hij heeft daar niet zoveel problemen mee als ik. Nu, ik ben gelukkig wel fan. En hij is fan van mij. Want mocht dat niet het geval zijn, zou het niet werken tussen ons twee.”
Helsen: “Mijn lief moet niet alles goed vinden, maar wel snappen wat er grappig aan is of kan zijn. Soms toets ik ideeën af, en als Julie in de buurt is, is ze wel de eerste die zo’n idee hoort.”
We moeten het nog hebben over je laatste voorstelling, Wim, waarin je de zelfdoding van je broer aanhaalt. Onze eerste reactie was: is dit echt? Wilde je dat bewust vaag houden?
Helsen: “Heeft het gewerkt?”
Ja.
Helsen: “Dan doet het er toch niet toe of het echt gebeurd is of niet?
“Kijk, ik zou de voorstelling niet hebben kunnen maken of bedenken als het níét gebeurd was. Maar voor het publiek maakt dat niets uit.
“Ik heb het er niet bewust in gestopt, maar tijdens de voorbereiding sloop het er ineens in, met één zinnetje, en dan bleek dat mensen er toch aan bleven hangen en begon dat idee wat te groeien en werd dat zinnetje meer.”
Maakt dat thema het zwaarder om de voorstelling te spelen?
Helsen: “Eigenlijk niet. Omdat zwaarte en lichtheid allebei in de voorstelling zitten, die houden elkaar in evenwicht.
“En twee: omdat het altijd makkelijker is om te spelen wat zo echt mogelijk is. Dat helpt om een podium tot leven te brengen. Dan moet je je niet inleven in een verzonnen personage, dan komt het vanzelf.”
“In het begin kreeg ik het al moeilijk bij die enkele zinnetjes. Maar als je op voorhand de tranen laat komen, gaat het wel op het podium.
“Soms krijg je het achteraf moeilijk, bij het applaus bijvoorbeeld, of word je tóch ineens overvallen door de zwaarte tijdens het spelen, maar dat verdwijnt ook.
“En dat klinkt misschien raar, maar ergens wordt het gewenning, of wordt het alledaagser door erover te babbelen.”
Iding: “Dat herken ik wel. Zware, verdrietige of moeilijke zaken wil je delen en erover praten, zonder ze zwaarder te maken. Je wilt niet dat de sfeer weg is, snap je?”

Gelukzak
De recorder gaat uit. Er worden nog een paar verhalen uitgewisseld die de tafel niet zullen verlaten. En dan is er de vermoeidheid, die door de hitte van de afgelopen dagen en de WK-jetlag vroeg toeslaat. Terwijl de opblaasdieren onverschrokken in het donker blijven liggen, moeten de zelfverklaarde nachtuilen zich gewonnen geven.
De volgende ochtend verschijnen Stokstaartje en Mungo met kleine oogjes aan het ontbijt.

Bregje, jij liet gisteren vallen dat je vindt dat je lui bent, en dat je dacht dat Wim dat met je gemeen heeft.
Helsen: “Klopt.”
Iding: “Lui zijn is het ergste wat er bestaat, mensen durven het niet toe te geven. Net daarom vind ik het fijn om daar eerlijk over te zijn.
“Mijn enige echte plicht is overdag materiaal maken en schrijven of repeteren en ‘s avonds optreden.
“Meestal kan ik uitslapen en mijn dag zelf indelen, maar dat is ook nodig als je pas diep in de nacht thuiskomt.
“Kortom, het leven dat ik nu leid, is redelijk stressvrij, ik heb heel veel autonomie. Het is de droom van iedere avondmens.
“Het nadeel is: als je materiaal of je optreden niet goed is, dan kun je het ook alleen jezelf kwalijk nemen.”
Zijn jullie zondagskinderen?
Iding: “Wat betekent dat?”
Dat het geluk jullie toelacht.
Iding: “Ja! Heel erg.”
Helsen: “Wat Bregje net zei: ik slaap uit, ik hang wat rond en ik ga wat mopjes vertellen. Het is wat op flessen getrokken, maar het is ook wel waar. Nu, als dat je talent is, en je kunt ervan leven, dan bén je een zondagskind.”
Iding: “Bij mij is het licht altijd groen als ik ervoor sta. Volgens mijn mama is dat mentaliteit. Ik vind mezelf een grote gelukzak. En ik heb geluk met mijn lief.”
En denk je soms: ooit stopt het?
Iding: “Jawel. Toen ik de Comedy Cup had gewonnen en mijn lief had gevonden, en we ons huis hadden gekocht, toen had ik wel angst dat het anders ging worden.
“Nu, ik overdrijf misschien een beetje, want als het bij ons niet goed gaat, is het ook ónze fout en van niemand anders.
“In een bedrijf deel je de verantwoordelijkheid, bij ons is alles superpersoonlijk. Je hebt geen collega’s. Die mis ik soms wel.”
Ligt er ergens een plan B?
Iding: “Ik heb ooit een kinderboek geïllustreerd. Dat is misschien een raar plan B, maar ik zie mezelf daar wel iets mee doen.
“Comedian Bas Birker heeft ook een kinderboek uitgebracht, heel grappig, iemand anders heeft het geïllustreerd. Er zijn weinig grappige kinderboeken. (tot Wim) Als je wilt meedoen?”
Helsen: “Ja, graag! Want ik kan ook goed tekenen. Maar meestal zijn het abstracte vormen.”
Iding: “Ik heb in mijn leven altijd veel dingen tegelijk gedaan en je kúnt wel meerdere passies hebben, maar je kunt ze niet allemaal tot een mooi, volwaardig iets brengen. Of toch niet iets dat we een kapitalistisch succes noemen. Dus je moet op een bepaald moment wel kiezen. Ik ken zoveel mensen die zo getalenteerd zijn, maar te veel doen en nergens echt in ‘slagen’.”
Wanneer komt de avondvullende voorstelling?
Iding: “Ik ben volop materiaal aan het schrijven, maar ik ben nog op zoek naar een rode draad.”
Helsen: “En heb je een deadline?’”
Iding: “In september gaan we daarover samenzitten, in het najaar 2027 zou de show in première gaan.
“Een titel heb ik al. Of liever: had ik al, want ik heb al een titel opgegeven waar ik niet meer achter sta. Uit de hoogte, bijvoorbeeld, daar was niet iedereen enthousiast over. Of Het ligt aan jullie. Kan ook. Ik heb nog twee maanden.”
Helsen: ‘Wat denk je van Misschien ligt het aan jullie?”
Iding: “Ja, ik neem het mee! Een andere titel was De meeuw van Vlaanderen (Iding won het Belgisch kampioenschap meeuwenschreeuwen, red.), maar de reacties waren wisselend. Sommige mensen vonden het te rechts klinken, omdat het op De leeuw van Vlaanderen lijkt. Ook mijn management was niet meteen enthousiast.”
Helsen: “(vaderlijk) Ik zou niet te veel naar je manager luisteren, Bregje.”
Wim Helsen
herneemt n september zijn voorstelling Welkom ongemak
Bregje Iding
speelt deze zomer nog een paar keer
Wie vragen heeft over zelfdoding,
kan terecht op het gratis nummer 1813 of op
zelfmoord1813.be
Een zomer lang komen twee mensen bij valavond samen aan de branding in Oostende.
In het Thermae Palace Hotel wordt van ’s avonds tot ’s ochtends ontmoet en gepraat.
Met de blik op de horizon gaan we van vloed naar eb, en helemaal terug.

© Sanne De Wilde
Lees ook
Lees hier de andere gesprekken.
Of op de webpagina
Bron: De Standaard