Poëzie – Ruth Lasters is de nieuwe nationale dichter – Ik dacht dat ik op de zwarte lijst stond


 Woensdag werd Ruth Lasters (47) ingehuldigd als nieuwe Dichter van België. Vier jaar geleden was ze even stadsdichter van Antwerpen, maar ze stapte op nadat ze gebotst was op censuur. In haar nieuwe rol kreeg ze carte blanche om gevoelige thema’s te blijven opzoeken.

Anna Claes – De Standaard

9 april 2026

Leestijd: 7 min


In 2022 stapte Ruth Lasters op als stadsdichter van Antwerpen. Haar gedicht Losgeld, over het elitarisme binnen het onderwijs, werd afgewezen door het Antwerpse stadsbestuur.

Onaanvaardbaar, vond ze: aanblijven als stadsdichter zou “een verraad betekend hebben jegens de mensen die ik in het hoofdproject van mijn stadsdichterschap wilde vertegenwoordigen”.

Drie jaar later neemt Lasters het nationaal dichterschap op zich. Dat daarvoor aan haar werd gedacht, verbaasde haar:

“Ik dacht dat ik op de zwarte lijst van gevaarlijke dichters stond die nooit gevraagd zouden worden voor die post”, vertelt ze op de inauguratie.

Als Dichter van België zal ze twee jaar lang schrijven over thema’s die ons land aanbelangen. Ze neemt de fakkel over van de Franstalige dichter Lisette Lombé.

Lasters heeft een gevuld palmares. Ze schrijft proza en poëzie en laat haar stem geregeld horen in opiniestukken.

Dat vrije woord wil ze als Dichter van België blijven verdedigen: “In ons huidige politieke klimaat moeten we moeilijke thema’s en onrecht blijven aanraken.”

Woensdag werd u ingehuldigd als Dichteres van België. Hoe kijkt u daarnaar?

Dichter van België. Als ik schrijf, ben ik noch vrouw, noch man, maar een neutraal wezen, een mens die schrijft voor de mensheid.

“Als dichter van Antwerpen schreef ik ook niet voor ‘de Antwerpenaar’: ik heb altijd geschreven voor alle burgers.

“Het is niet omdat ik nu dichter van België word, dat ik alleen voor Belgen zou schrijven. Wat maakt dat, trouwens, een Belg? Weet jij het?”

Ik wilde u hetzelfde vragen.

“Ons land heeft een rijk cultureel patrimonium: dat wil ik in de verf zetten. Van Hugo Claus tot Tom Lanoye en Miriam Van hee.

“Ik ben trots op onze Belgische esprit-critique, onze kritische houding tegenover onszelf en ons land. Die kritische houding mogen we niet als vanzelfsprekend beschouwen: ze maakt ons sterker.”

“Zeker in het huidige politieke klimaat waarin dictators de plak zwaaien, moeten we moeilijke thema’s en onrecht durven blijven aanraken. Als we te grijs zijn, verandert er niets.

“Het is door stap voor stap allemaal samen nee te zeggen, dat we de maatschappij menselijk kunnen houden. Voor mij is dat engagement een noodzaak: zonder verloochen ik mezelf.”

U bent als Antwerps stadsdichter zelf in aanraking gekomen met de inperking van de vrijheid van meningsuiting.

“Dat was een geval van censuur, punt aan de lijn. De stad wilde dat natuurlijk niet zo benoemen.

“Een absolute voorwaarde om deze functie te aanvaarden was dat ik carte blanche zou krijgen.

“Ik wil niet alleen brave hommages brengen, maar ongedwongen schrijven over maatschappelijke thema’s, zoals de vooroordelen aan beide zijden van de taalgrens.

“Ook wil ik het opnemen voor de lgbti-gemeenschap, die steeds meer onder druk staat.

“Dat homoseksualiteit nog altijd strafbaar is in sommige landen, vind ik niet alleen beledigend voor mensen uit de gemeenschap, maar voor alle vrije denkers.”

Wat is de rol van poëzie daarin?

“Iedereen is op zoek naar liefde en erkenning voor diens identiteit. Door vanuit die kern te schrijven kun je mensen verbinden.

“Als Dichter van België wil ik graag een literaire correspondentie uitwisselen met bekende Belgen uit de lgbti-gemeenschap. Of met een Amerikaanse dichter onder het Trumpregime, of anderstalige dichters in ons eigen land.”

“Ook wil ik een vervolg schrijven op het Losgeld gedicht, want leerlingen worden nog altijd in A- en B-stromen ingedeeld. Intussen kwam er ook een nieuwe term: de ‘opstroom’.

“Leerlingen uit de B-stroom kunnen via een schakeltraject naar de A-stroom: op zich een goede zaak. Maar de benaming ‘opstromen’ betekent letterlijk van ‘laag’ naar ‘hoog’.

“We moeten af van dat stigmatiserende piramidedenken.

“Onze maatschappij is geen piramide, maar een nevenschikking waarin alle mensen elkaar nodig hebben.”

Is poëzie dan een vorm van verzet?

“Poëzie of kunst moet helemaal niets. Maar volgens dichter en Nobelprijswinnaar Wislawa Szymborska is zelfs het meest apolitieke gedicht ook politiek. Als je ervoor kiest om enkel liefdespoëzie te schrijven, is dat evengoed een stellingname.”

“Als Dichter van België kan ik niet in mijn eigen cocon schrijven.

“In mijn werk als leerkracht kom ik dagelijks in contact met de leefwereld van leerlingen uit minder bevoorrechte milieus. Dat doet iets met je. Hoe ouder ik word, hoe meer die ongelijkheid in kansen me stoort.

“De Ruth die hier voor je staat, is niet dezelfde als die uit 2008, die meer afgeschermd van de wereld schreef.”

Tegelijk lees ik in uw gedichten niet alleen een aanklacht, maar ook veel speelsheid.

“Ik ben verslaafd aan taalcreatie: in mijn hoofd zit een huwelijksbureau vol concepten, die ik een partner moet toewijzen. Als ik twee begrippen kan koppelen aan elkaar, krijg ik echt een kick. Er is al zoveel poëzie geschreven. Als het mij geen vreugde gaf, zou ik allang gestopt zijn.”

Wanneer is het dichterschap voor u geslaagd?

“Ik wil poëzie belichten als universeel gegeven. Scheppingskracht is niet enkel voorbehouden aan dichters: ze zit in elk van ons.

“Ook bij hen die er minder mee in contact komen, zoals de leerlingen op de beroepsschool waar ik lesgaf.

“Ik wil hun een platform bieden en daarbij een doorgeefluik zijn van de passie voor poëzie.

“Het alleen over mezelf hebben: dat is niet prikkelend genoeg.”


Het eerste gedicht van Ruth Lasters
als Dichter van België.
Nom d’une pipe, wat is het wél dan?

Hé psst, zal ik u stiekem snel de vragen verklappen
van het Belgisch burgerschapsexamen dat straks iedereen moet afleggen,
van de nieuwste tot de oudste Belg (misschien is het slechts
een gerucht, maar toch). Alors, approchez-vous :

Pourquoi Magritte n’a-t-il pas allumé la pipe de son tableau célèbre ?
Waarom komt er geen rook uit Magrittes beroemde pijp?

Om te kunnen slagen voor de proef moet u natuurlijk zelf
eerst wijzen op de strikvraag die men u stelt,
zeggen

in eender welke landstaal: Dies ist keine Pfeife. Daar was u ook
vast wel al achter, duh. Maar zeg het voort aan toekomers, aan hopers
misschien ontsnapt aan een dictator
die kunst noch vrede rookt, alleen zijn ego-roi soleil
onder zijn eigen zon gedroogd.

Om goed te scoren dient u vervolgens luid te vragen wat
de examinator precies met het ontbreken van ‘rook’
bedoelt: gewone tabaksrook of zwart-geel-rode

defilérook vermengd met Zwinzeemist, taalgrensnevel, Wetstratese
sluimerslierten et la belle brume de la Vallée de la Hoëgne
alsof duizend mosselen een dampgesprek voeren
over het belang van samen opengaan, à la vapeur assaisonnée.

Dan pas – maar nogmaals, zeg het, zeg het voort zodat dit
geen absurd eenvoudige proef blijft
voor absurd weinigen – dan pas antwoorden:
Magritte heeft er geen rook bij geschilderd
parce que pour allumer la pipe il se fia
à l’étincelle de chaque Belge/ het aansteken van de pijp heeft hij
gedelegeerd aan elke Belgenvonk van branie, burgermoed,
joie de vivre, gelaagde lichtheid/légèreté

Leonidasiée – NE MANGEZ PAS LES FRAISES MASSEPAIN !
DE MARSEPEINEN AARDBEIEN ZIJN VOOR EEUWIG GERESERVEERD

à Tom Lanoye, Amélie Nothomb, David Van Reybrouck et Lisette Lombé,
beschermers van het vrije woord, protecteurs et protectrices de la liberté
d’expression.

En dan natuurlijk nog de tweede examenvraag: Wat het dan wél is
si ce n’est pas une pipe? Hier niet twijfelen. Resoluut de reproductie
met een kwartslag draaien en antwoorden: Het is een gespiegeld
vraagteken, allicht verwijzend naar de gezonde
Belgische oog in oog met ons
zelf-

kritiek. C’est un point d’interrogation en miroir ou bien Magritte
qui nous dit : un Belge (même un Premier ministre initialement favorable
à la scission) ose se regarder en face et se remettre
en question.

Dit is het eerste gedicht van Ruth Lasters
als Dichter van België

www.dichterdesvaderlands.be


Ruth Lasters (°1979) is leerkracht middelbaar onderwijs en schrijver. Haar roman Poolijs kreeg de Vlaamse debuutprijs; daarna verschenen Feestelijk zweet, Vlaggenbrief en Vin. Ze publiceerde ook verschillende dichtbundels, onder meer Vouwplannen en Lichtmeters, waarvoor ze de Herman de Coninckprijs kreeg in 2016.  Eerder dit jaar won ze de de eerste prijs in de Gedichtenwedstrijd met het gedicht Abrikozen.


Ruth Lasters © Koen Broos

Lees ook


Bron: De Standaard

Welkom op Facebook

Welkom op Bluesky

Naar de website


Scroll naar boven