Alicja Gescinska is schrijver van Vrouwen in duistere tijden, filosoof en voorzitter van PEN Vlaanderen. Zij pleit voor een bredere waardering van ‘Rode Rosa’ Luxemburg.
Alicja Gescinska – De Morgen
13 mei 2026
Leestijd: 4 min
Moet Rosa Luxemburg uit de publieke ruimte geweerd worden? De voorbije weken laaide die discussie in Polen andermaal op.
In haar geboortestad Zamosc, in het uiterste oosten van Polen, heeft men weer een gedenkplaat voor ‘Rode Rosa’ op haar geboortehuis aangebracht. Die was er eerder, in 2018, verwijderd.
Ook nu is het verzet groot. Het Instituut voor Nationale Herdenking vindt het schofferend voor de miljoenen slachtoffers van het communisme. Maar was Luxemburg wel de ideologische roerganger van het bloeddorstige communisme? Verdient zij geen bredere waardering?
Luxemburg lag begin twintigste eeuw aan de basis van de stichting van zowel de Poolse als Duitse communistische partij. Ze pleitte voor revolutie. Ze werd gezien als de aanstoker van de zogenaamde Spartakusopstand in 1919, waarna ze met de kogel in het hoofd in een Berlijns kanaal gedumpt werd.
Lenin noemde haar de ‘adelaar van de revolutie’. Feliks Dzerzjinski – oprichter van de bolsjewistische geheime dienst en een van de hoofdverantwoordelijken voor de Rode Terreur – had een portret van Luxemburg in zijn kantoor ingelijst. En in de DDR waren er meer straten en pleinen naar Luxemburg vernoemd dan naar Karl Marx. En toch…
Indien de communisten écht een hoge dunk hadden gehad van Luxemburg en naar haar hadden geluisterd, dan was de twintigste eeuw een stuk minder bloederig geweest.
Luxemburg voorspelde immers haarscherp dat Lenin en Trotski de wereld op een pad van vernieling zetten. De ‘dictatuur van het proletariaat’ zou uitmonden in een vicieuze cirkel van voortdurende interne zuiveringen en massamoorden.
Ze was bovendien niet te beroerd om haar kritiek openlijk te uiten. Luxemburg bezat een uitzonderlijke meningmoed en denkdurf.
Dat toonde zij ook aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog. Al in 1913 waarschuwde ze dat de wereld op een afschuwelijk cataclysme afstevende.
Het opgeklopte nationalisme is een gevaar voor de mensheid. Luxemburg voorvoelde de nachtmerrie, omdat zij wist hoe oorlogen beginnen.
Oorlogen vallen niet uit de lucht. Een oorlog kondigt zich aan, in de manier waarop er over anderen gesproken wordt.
Het moorden begint met woorden. De taal is het eerste slachtveld van een oorlog.
Of zoals ze het zelf zei:
“De beestachtigheid van daden moet gepaard gaan met een gelijkaardige beestachtigheid van gedachten en attitudes; dat laatste moet het eerste voorbereiden en vergezellen.”
Door haar niet-aflatende pacifisme en kritiek op de Duitse regering moest zij bijna de hele Eerste Wereldoorlog achter tralies doorbrengen.
De brieven die zij in gevangenschap schreef gelden tot op vandaag als literaire parels van menselijkheid. Alleen al daarom zou Luxemburg een gedenkplaatje waard zijn.
Zelfs critici van Luxemburg erkennen haar unieke positie in de geschiedenis als de ‘buitenstaander binnenin’.
Ze pleitte voor revolutie, maar wat betekende die voor haar?
Revolutie bestond uit twee componenten: educatie en politieke representatie voor het volk. Dat het volk recht moet hebben op gedegen onderwijs en politieke zelfbeschikking was een revolutionaire gedachte begin twintigste eeuw, maar vandaag niet meer.
Daarenboven was Luxemburg een uitgesproken verdediger van democratie.
Gesprek en niet geweld was de basis voor haar samenlevingsmodel, dialoog en niet duel.
Hoe meer mensen betrokken zijn bij de politiek, hoe democratischer een samenleving. Openheid van geest moet persoonlijk gecultiveerd en politiek verankerd worden.
Luxemburg vatte dat samen in haar meest befaamde uitspraak:
Vrijheid is altijd de vrijheid van de andersdenkende.
De geschiedenis van het communisme is evenwel gestoeld op precies het tegendeel van die gedachte. Met alle gevolgen van dien.
Luxemburg afschilderen als de roerganger van die gigantische communistische verdrukkingsmachinerie is een historische abberatie en doet haar geen eer.
Is het trouwens niet veelzeggend dat Hannah Arendt in Rosa Luxemburg een grote inspiratie bron vond?
Arendt geniet algemene bekendheid omwille van haar inzicht in en kritiek op het totalitarisme (zowel nazisme als communisme). Over Luxemburg schreef zij lovend.
Voor Arendt was Luxemburg een toonbeeld van democratische betrokkenheid en moed.
Op een moment dat vrouwen niet eens stemrecht hadden, waagde Luxemburg zich onvervaard in de politieke arena.
Ze leefde en ze gaf haar leven voor haar overtuigingen. Dat verdient wel een kleine vermelding op haar geboortehuis.
En laten we niet vergeten: er zijn mannen met minder verdiensten en grotere gebreken waar heuse standbeelden voor opgetrokken zijn.

Lees ook
Lees ook
Klik op de hyperlinks
en lees meer berichten
Bron: De Morgen