Premier Bart De Wever (N-VA) voert samen met zijn “kameraad” minister van Energie Mathieu Bihet (MR) een aloude PVDA-droom uit. De nationalisering van de kerncentrales is een historische politieke keuze, maar vooral ook een grote budgettaire gok. “De regering zaait enorme onzekerheid.”
Wim Winckelmans en Simon Andries
1 mei 2026
Leestijd: 6 min
“Met mijn strijdmakker en kameraad Mathieu Bihet, de minister van Energie, heb ik een intentieverklaring ondertekend tussen de federale overheid en Engie, met als doel een volledige overname van het nucleaire park door de overheid.”
Met een kwinkslag naar de ‘kameraden’ bij de PVDA kondigde premier Bart De Wever donderdag in het federaal parlement aan dat zijn regering alle kerncentrales wil nationaliseren.
De liberale Bihet stak bij de knipoog van De Wever dan weer een linkse gebalde vuist in de lucht.
Alleen het radicaal-linkse PVDA pleit al jarenlang consequent voor de “nationalisering van het productiepark van Engie”.
Voorzitter Raoul Hedebouw was de eerste om te applaudisseren bij de boodschap van de N-VA dat België “onze energie terug in eigen handen neemt”.
De N-VA en de MR konden er beide wel om schertsen in het parlement, maar het tafereel verraadde vooral hoe contra-intuïtief de beslissing is voor de twee rechts-liberale partijen.
Minister Bihet benadrukt in een interview met De Standaard dan wel dat het “geen communistische nationalisering is waarbij we Engie simpelweg onteigenen”.
Over de overnamevoorwaarden en de betaling aan het Franse energiebedrijf Engie moet nu nog stevig onderhandeld worden. Maar dat maakt de politieke beslissing niet minder opmerkelijk.
De intentieverklaring van de regering is wel degelijk een historische omwenteling in het Belgische energiebeleid. Maar waarom juist nu?

“Onwillige” partner
Al jarenlang worstelen opeenvolgende regeringen met de strategie voor de energie bevoorrading, en dan vooral met de rol van de kerncentrales daarin.
De regering-De Croo verlengde drie jaar geleden nog de twee jongste kerncentrales, na zware onderhandelingen met Engie en ondanks de wet op de kernuitstap.
De regering-De Wever maakte meteen komaf met die kernuitstap en gaat nu dus nóg een stap verder door zelf de kerncentrales uit te baten.
Dat is hoe dan ook een stap in het onbekende. De Belgische overheid heeft geen enkele ervaring met de uitbating van kerncentrales en de verkoop van stroom.
Ook al hield de politiek altijd nauwlettend een oog op de energiebedrijven, de uitvoering bleef altijd in privéhanden.
Ook de windparken, gascentrales of batterij parken die vandaag worden gebouwd, zijn privé-initiatieven.
De nationalisering van de kerncentrales betekent dus een stevige breuk met het verleden.
Toch was die beslissing volgens De Wever absoluut cruciaal om voluit te kunnen gaan voor nucleaire energie.
“Onze intentieverklaring heeft al meteen twee concrete gevolgen”, klonk het donderdag in het parlement.
“Alle ontmantelingsactiviteiten aan de kerncentrales worden gestopt en we gaan nu eigen, objectieve informatie kunnen verzamelen over de staat van de Belgische kernreactoren. Dat laatste is belangrijk, want tot voor kort waren we daarvoor grotendeels afhankelijk van een uitbater die, sinds de jammerlijke wet op de kernuitstap, een businessmodel bouwde vanuit het oogpunt van een nucleaire exit. En op dat businessmodel wenst de uitbater niet meer terug te komen.”
Net als De Wever benadrukt ook MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez dat het in tijden van geopolitieke onzekerheid van “strategisch belang” is om controle over de energie bevoorrading en de prijzen te behouden.
“Wij blijven voorstander van de liberalisering van de energiemarkt. Maar dit gaat over strategische infrastructuur”, zegt Bouchez aan De Standaard.
Maar opvallend: nog voor de kerncentrales goed en wel genationaliseerd zijn, spreekt hij alweer over privatiseren.
“Het had absoluut geen zin om die kernreactoren in handen te houden van een bedrijf dat geen kernenergie meer wil produceren. Maar op een later moment kunnen we de reactoren perfect weer overdragen aan andere private partners.”
Zelfs vanuit de liberale oppositiepartij Anders klonk donderdag steun in het parlement.
“Van nature zijn we als liberalen geen grote voorstander van nationaliseringen, maar dit is een logische stap. Het had geen zin om verder te gaan met een onwillige partner als Engie.”
De partij stelde zich, net als de andere oppositiepartijen, wél nog veel vragen over de kosten van het manoeuvre en de gevolgen voor de energiemarkt.
“Paniekreactie”
Het Franse energiebedrijf Engie buitenspel zetten is dan ook maar een eerste stap. Het manoeuvre roept vooral veel vragen op.
- Hoeveel zal de hele operatie kosten aan de Belgische staat?
- Hoelang wil de regering de kerncentrales nog openhouden?
- Welke impact zal dat hebben op de energieprijzen?
- Gaat de regering oude kerncentrales heropenen?
Zowel minister Bihet als premier De Wever moest toegeven dat ze op dat vlak nog maar weinig duidelijkheid kunnen verschaffen.
“De intentieverklaring luidt een nieuw tijdperk in, maar er is nog veel werk voor de boeg. We analyseren nog de financiële en juridische implicaties van een mogelijke herstart van kerncentrales”, zei De Wever in het parlement.
Hij benadrukte wel dat “een groot deel van de verwachte kosten” al gedekt worden door het Hedera-fonds en het Synatom-fonds (de provisies voor de opslag van radioactief afval en de ontmanteling van de kerncentrales).
“Die fondsen zijn momenteel al goed voor zo’n 25 miljard euro”, aldus De Wever, die meteen ook een boude stelling deed.
“De overname hoeft niet per se een structurele last voor de begroting te vormen, zeker niet als ook rekening wordt gehouden met de kosten van energieafhankelijkheid. Dit is een investering die zich zal terugbetalen.”
Dat laatste kan De Wever voor alle duidelijkheid nog niet hard maken.
Ronnie Belmans, professor emeritus aan de KU Leuven en lid van de raad van bestuur van de nucleaire onderzoeksinstelling SCK CEN, is sceptisch over de plannen van De Wever.
“De regering wil hiermee duidelijk een statement maken en aan de bevolking tonen dat ze krachtdadig optreedt, maar in de praktijk betekent dit opnieuw stilstand. Het zal jaren duren voor die nationalisering rond is en intussen zaait de regering enorme onzekerheid binnen de energiesector. Wat gaan investeerders in batterijparken nu bijvoorbeeld doen? Ofwel is dit een paniekreactie van de regering, ofwel is het echt alleen borstklopperij.”
Febeliec, de belangenvereniging voor grootverbruikers van elektriciteit en aardgas, hoopt intussen dat de elektriciteitsprijs straks “sterk kan dalen” door de overname van de kerncentrales en door ze langer open te houden.
“Maar er is voorlopig geen enkele reden om aan te nemen dat de stroom door deze beslissing goedkoper zal worden”, zegt Belmans.
“Ik ken trouwens geen enkel staatsbedrijf dat plots veel efficiënter is dan een private speler. Kijk naar het Franse EDF (Électricité de France) dat met stevige financiële problemen kampt.”

Lees ook
Lees ook
Klik op de hyperlinks hieronder
en vind meer berichten
Bron: De Standaard