Essay – Jonathan Holslag – Belandt de regio nu in een totale oorlog – Er is ook een heel ander scenario denkbaar


Terwijl het Midden-Oosten opnieuw balanceert op de rand van een regionale escalatie, werpt Jonathan Holslag een onverwacht perspectief op: misschien is niet oorlog, maar vrede de volgende fase. Volgens Holslag lijkt een nieuwe, meer conservatieve machtsorde in de maak, gedreven door realpolitik in plaats van revolutie.

Jonathan Holslag – De Morgen

21 juni 2025

Leestijd: 8 min


Israël blijft een ongeziene druk uitoefenen op Iran. Met uitzonderlijke doeltreffendheid brengt het niet alleen het Iraanse nucleaire programma zware klappen toe, maar ook de geloofwaardigheid van het regime.

Belandt de regio straks in een totale oorlog?

Zal Iran met vergeldingsacties tegen internationale energieknooppunten, zoals de Straat van Hormuz, de wereldeconomie nog meer schade toebrengen?

De wereld houdt de adem in.

Toch is ook een heel ander scenario denkbaar, waarbij het Midden-Oosten naar een ­stabielere machtsorde evolueert.

Een orde waarin de offensieve buitenlandse politiek, vaak aangewakkerd door religie, nationalisme en fanatisme, plaatsmaakt voor een meer ­defensieve, door nationale belangen en ­behoudsgezindheid gestuurde strategie.

Nadert het Midden-Oosten een Wenen-moment, gelijkaardig aan de periode na 1815 in Europa, toen de grootmachten, moegetergd door Napoleon, revolutie en oorlog, voor een conservatieve detente kozen?

Het beroemde Congres van Wenen bracht geen eeuwige vrede, maar wel decennialange stabiliteit, gericht tegen revolutionaire krachten en op interne rust.

Hoe agressief de Israëlische premier Benjamin Netanyahu ook te werk gaat, de ­Israëlische campagnes lijken de revolutionaire en revisionistische ambities van Iran een halt toe te roepen.

Ze leggen de limieten van de Iraanse macht bloot, op een moment waarop veel andere regimes in de regio kiezen voor zelfbehoud en economische vooruitgang.

Succes van Dubai

Die verschuiving was al langer gaande. Landen als Oman, Jordanië en de Verenigde ­Arabische Emiraten effenden de weg voor een pragmatischere koers.

Hoewel zij uiterlijk vasthielden aan Arabische trots en islamitisch plichtsbesef, lieten ze zich vooral door commercieel gewin leiden.

Dat ‘blingblingconservatisme’ leek zich meer te bekommeren om het aantrekken van formule 1-wedstrijden en andere prestigeprojecten dan om een symbolische strijd voor de Palestijnen, de Amerikanen of de profeet.

Ideologie en religie deden er minder toe, zolang zakelijke kansen en militaire steun konden worden veiliggesteld.

In die zin ontpopten deze kleine staten zich als onnavolgbare geopolitieke sjacheraars.

Terwijl ze lippendienst bleven bewijzen aan de Palestijnse zaak, normaliseerden ze een voor een de betrekkingen met Israël en positioneerden ze zich pragmatisch tussen China en de Verenigde Staten in.

Deze koers kreeg navolging. Vele leiders in de regio spiegelden zich aan het succes van Dubai.

Na een revisionistische fase, gekenmerkt door de militaire interventie in Jemen en de moord op journalist Jamal Khashoggi, koos de nieuwe sterke man van Saudi-Arabië, Mohammed bin Salman, eveneens voor pragmatisme.

“We willen terug naar waar we vandaan kwamen: naar een gematigde islam, open voor alle godsdiensten, die ons toelaat een normaal leven te leiden en samen te werken met de rest van de wereld.”

Het vroegere Arabische weerwerk maakt plaats voor een pragmatische omarming van het militaire overwicht van de Joodse staat

De oelama blijft een rol spelen, dissidentie wordt nog steeds hard aangepakt, en de doodstraf wordt op grote schaal toegepast.

Toch is de conservatieve politieke islam voor deze nieuwe heerser geen prioriteit meer.

Bin Salman herstelde de banden met de Verenigde Staten, haalde de economische relaties met China aan en startte gesprekken met Israël op.

Al jaren breidt de informele samenwerking tussen de twee landen zich uit, op het vlak van handel, inlichtingen, cyberveiligheid en artificiële intelligentie.

Sinds het begin van de Israëlische aanvallen op Gaza houdt Saudi-Arabië zich opvallend afzijdig. Officieel stuurt het aan op een staakt-het-vuren, humanitaire hulp en een tweestatenoplossing, maar in werkelijkheid lijkt het lot van de Palestijnen Bin Salman weinig te ­deren.

Saudi-Arabië stelt zich bijzonder terughoudend op in zijn buitenlands beleid.

Terwijl de Verenigde Arabische Emiraten zich ontpoppen tot makelaars van geweld, door munt te slaan uit tal van burgeroorlogen, blijft Riyad doorgaans aan de zijlijn. Het focust op binnenlandse ontwikkeling.

Ook met Iran werkte het aan een detente: na maanden geheime onderhandelingen tekenden Iran en Saudi-Arabië in 2023 een akkoord om de diplomatieke relaties te herstellen en samen te werken op het vlak van veiligheid en handel.

Ze beloofden elkaars soevereiniteit te respecteren en zich niet in ­interne aangelegenheden te mengen.

Samenwerking

Ook in Syrië lijkt de nieuwe leider, Ahmed al-Sharaa, zijn rebellie in te ruilen voor een koers gericht op herstel en, naar eigen zeggen, “respect voor soevereiniteit en territoriale eenheid”.

Waar hij ooit begon als strijder voor Al Qaida, pleit hij nu voor pragmatisme: normalisatie van de relaties met het Westen, zakelijke samenwerking en verzoening tussen de etnische en religieuze groepen.

Al-Sharaa vestigde zijn macht met Turkse steun, maar stuurt nu aan op betere betrekkingen met Ankara.

“We hebben gezamenlijke vijanden”, zei hij, doelend op IS. “Samenwerking is mogelijk.”

Bronnen binnen zijn regime bevestigen zelfs dat er recent werd gecoördineerd met Tel Aviv om Iraanse raketten en drones te onderscheppen.

Terwijl Israël zijn greep op de Palestijnen versterkt, maakt het vroegere Arabische weerwerk plaats voor een pragmatische omarming van het militaire overwicht van de Joodse staat.

In plaats van de Palestijnse zaak te verdedigen en islamitisch verzet aan te wakkeren tegen de ooit zo gehate zionistische vijand, kiezen veel Arabische regimes nu voor ­stabiliteit boven strijd.

Daarmee lijkt een nieuw conservatief pact in de maak, voortbouwend op de Abraham-akkoorden van 2020, die de normalisering tussen Israël, Bahrein en de Emiraten inluidden.

Hierbij speelt ook de harde realiteit mee: Israël is momenteel te sterk om de confrontatie mee aan te gaan. De Israëlische luchtmacht opereert vrijwel onschendbaar boven de ­Levant en grote delen van het Midden-Oosten.

De Iraanse ‘As van de Weerstand’ is in het defensief gedrongen: Hamas in Gaza, Hezbollah in Libanon, enzovoort.

Vroeg of laat zullen er ongetwijfeld vergeldingsacties volgen, maar niemand wil een open oorlog riskeren, zelfs Hezbollah niet, ondanks zijn duizenden raketten.

De Libanese president Joseph Aoun, leider van de Amal-beweging, riep Hezbollah al op de wapens te laten liggen.

Dan blijft er Iran zelf. De afgelopen week werd het land op verpletterende wijze door Israël vernederd, met aanvallen op nucleaire installaties, militaire systemen en topfiguren.

De As van de Weerstand was al aan het afbrokkelen, en nu raken Israëlische vliegtuigen en speciale eenheden het hart van het regime.

Iran hapt naar adem. Het beschikt nog over enkele troeven, zoals moderne raketten en ­potentiële aanvallen op de olie- en gasdoorvoer in de Perzische Golf, maar het is duidelijk niet opgewassen tegen Israëlisch overwicht.

Dreigende implosie

Het regime onder leiding van Ali Khamenei beseft dat het vastzit. Naar verluidt heeft het signalen gegeven voor een staakt-het-vuren. ­

Israël zegt niet uit te zijn op een regime verandering, maar Teheran weet dat een implosie dreigt als de druk verder toeneemt.

Het aanzien van het regime was al aan het afbrokkelen: een grote peiling uit 2024 wees uit dat ­negen op de tien Iraniërs ontevreden zijn over de economische situatie en het land als ­‘onherstelbaar’ beschouwen.

Werkloosheid, inflatie en drugsverslaving zijn de grootste zorgen. Een peiling van Stasis toont dat de meeste mensen het agressieve buitenlandbeleid de schuld geven en normalisering met het Westen nodig achten.

De Revolutionaire Garde, bastion van de harde lijn, wordt opgejaagd wild.

Iran staat te ver af van een kernwapen om daarmee zijn soevereiniteit af te dwingen.

Economisch is het te verzwakt om nog legitimiteit uit zijn conflict met Israël te putten.

Ook Khamenei lijkt dat te beseffen. Hij is 86 en moet aan zijn opvolging denken.

Het is niet ondenkbaar dat zijn opvolger, net als Bin Salman in Saudi-Arabië, voor pragmatisme kiest. Die verschuiving was vorig jaar al zichtbaar in de toenadering tussen Teheran en Riyad.

Teheran kan zich deze uitputtingsslag ook niet blijven veroorloven. De frustratie over de economische malaise is wijdverbreid, ook in de conservatieve achterban en ook buiten de grote steden.

Het is dus niet uitgesloten dat het Midden-Oosten niet op een totale oorlog afstevent, maar op een detente.

Het besef van kwetsbaarheid, samen met het verlangen naar welvaart en stabiliteit, kan leiden tot een defensiever en terughoudender buitenlands beleid, waarbij religieus en nationalistisch fanatisme plaatsmaakt voor het koel berekende nationale belang.

Dat alles was al enige tijd in de maak, maar de verzwakking van Iran en de nakende machtswissel aan de top van het regime zouden Iran kunnen dwingen die nieuwe machtsorde te aanvaarden.


Iraanse demonstranten protesteren tegen Israël en de VS in het centrum van Teheran, maar, schrijft Jonathan Holslag, ‘religieus fanatisme maakt plaats voor koel staatsbelang.’ Wouter Maeckelberghe / NurPhoto

Lees ook

Klik op de hyperlinks hieronder
en vind meer berichten

Jonathan HolslagEssayUSA



Bron: De Morgen

Welkom op Facebook

Welkom op Bluesky

Naar de website


Scroll naar boven