Redelijke stemmen moeten blijven spreken en het is niet verboden om dat met meer bevlogenheid te doen dan Keir Starmer, schrijft Hendrik Vos. Niet simplistischer, wel duidelijker.
Hendrik Vos – De Standaard
18 mei 2026
Leestijd: 5 min
De Britse lokale verkiezingen draaiden recent uit op een regelrechte ramp voor premier Keir Starmer. Zijn partij Labour kreeg een pak slaag en partijgenoten zagen intussen driftig aan de poten van zijn stoel. Zijn situatie is ondertussen zo precair dat de vergelijking met Timmy de bultrug zich opdringt.
Starmer zal de komende dagen af en toe nog boven water komen, om te tonen dat hij er technisch gezien nog is, maar politiek is hij drijfhout geworden.
Mogelijk sleurt iemand hem nog mee naar de een of andere internationale top, maar laten we eerlijk zijn: hij is zodanig verzwakt dat zijn overleven een statistische curiositeit zou zijn.
Het lot is zelden mild voor leiders met een jammerlijk gebrek aan charisma. Zelfs op zijn beste momenten spreekt Starmer alsof hij de handleiding van zijn grasmaaier samenvat, stand drie voor kort gazon, stand vier voor moeilijk terrein. Naar vuur, vonk of flair blijft het zoeken.
Intussen stapelen de uitdagingen zich op.
Die zijn op zich niet uniek: inflatie, slabakkende groei, overbelaste publieke diensten, toenemende ongelijkheid, sluimerend wantrouwen – het zit overal in Europa, maar de Britten halen er wel telkens iets meer uit.
Dat ze geconfronteerd worden met de premiumversie van elk probleem, heeft veel te maken met de Brexit.
Die leidde tot meer papierwerk, meer handelsdrempels, meer onzekerheid en minder investeringen.
Migratie vanuit Europa viel stil en om de arbeidsmarkttekorten op te vangen steeg die vanuit de rest van de wereld tot recordniveaus.
Illegale migratie met bootjes nam sterk toe en het gebeurde exact zoals experts hadden voorspeld.
Het was tegelijk krek het tegenovergestelde van wat de brexiteers tijdens hun campagne tien jaar geleden beloofden. Maar die zeiden dat de mensen genoeg hadden van experts.
Dat bleek correct. De Britten luisterden liever naar mannen die bier dronken en slogans schreeuwden.

Dat brengt ons naadloos bij Nigel Farage, voormalig Europees Parlementslid en drijvende kracht achter de Brexit.
Het is fascinerend dat net zijn partij de grote winnaar werd bij de lokale verkiezingen.
Ik kwam Farage vroeger weleens tegen in Straatsburg, doorgaans in de Ierse pub waar hij meer uren klopte dan in het Europees Parlement. Hij zat daar altijd luid lachend en brallend achter grote glazen bier.
Hij slaagde erin een bevolking op sleeptouw te nemen, de klassieke partijen te splijten, de Conservatieven zover te krijgen dat ze een referendum organiseerden en vervolgens de natie van de koord te laten tuimelen zonder vangnet.
Je zou denken: als zo iemand niet in de cel belandt, dan wordt hij toch minstens verbannen naar een eiland in de Stille Oceaan met een schuldgevoel en een abonnement op The Economist, zodat hij zich de rest van zijn dagen kan bezinnen over wat hij zijn land heeft aangedaan.
Maar neen. Hij richtte een nieuwe partij op, won verkiezingen en wordt straks misschien premier. De pyromaan die het huis in de fik zette, krijgt een mandaat om dat nog eens te doen.
Het is om alle geloof in de democratie te verliezen, de gordijnen dicht te doen en van onder een fleecedeken alleen nog naar Njam! te kijken, waar de wereld bestaat uit puree en pastasaus en elk vraagstuk in minder dan een halfuur raakt opgelost door toevoeging van room en een takje tijm.
Er giert woede door de samenleving en woede zoekt geen nuance, maar een megafoon. Charlatans snappen dat en trekken alle registers open met hun buitenissige ideeën.
Redelijke politici komen met diagrammen, tabellen en kanttekeningen. Ze leggen uit hoe simpele oplossingen de situatie alleen maar erger maken.
Ze brengen perspectief: de zorgen van de mensen zijn reëel, maar beperkter dan in de meeste andere landen en dan in ongeveer elke andere periode in de geschiedenis.
Maar je wint geen verkiezingen door te zeggen dat het in Zuid-Soedan of halfweg de middeleeuwen lastiger leven was.
De aantrekkingskracht van vuurspuwers en messenwerpers blijft groot. Laat de populist maar eens meebesturen, wordt gezegd. Dan valt hij vanzelf door de mand. Dat gebeurt wel degelijk, maar wat later wordt hij gewoon opnieuw verkozen.
Kijk naar Trump. Kijk naar Farage.
Het geheugen van kiezers is kort, selectief en soms ronduit creatief.
Intussen klinkt het dat de Brexit niet mislukte omdat hij een slecht idee was, maar omdat hij niet hard genoeg werd uitgevoerd. Mensen lopen met verbazende hardnekkigheid in dezelfde val.

Blijft dus de vraag: wat doe je eraan?
Democratie is een systeem waarin mensen het recht hebben om zich spectaculair te vergissen, soms met volharding.
Ezels stoten zich geen twee keer aan dezelfde steen, mensen doen het de hele tijd. Maar ook collectieve dwaasheid kent grenzen.
Het onderwijs kan helpen om jongeren context te bieden en het verleden in herinnering te brengen.
Redelijke stemmen moeten blijven spreken en het is niet verboden om dat met meer bevlogenheid te doen dan Starmer.
Niet simplistischer, wel duidelijker.
- Dilemma’s benoemen.
- Conflicten tonen als een botsing van keuzes en prioriteiten, niet als stammen oorlogen tussen het volk en de elite.
Zodra ernstige politici op dezelfde trommels slaan als de clowns en illusionisten, worden ze figuranten in het circus van de populisten.
Hendrik Vos
Doceert Europese studies aan de UGent.
Zijn column verschijnt tweewekelijks op dinsdag.

Lees ook
Lees ook
Klik op de hyperlink hieronder
en vind meer berichten van
Bron: De Standaard