Paul De Grauwe – Het oude paradigma heeft gefaald – De stijging van de economische groei die ons werd beloofd is er niet gekomen


Paul De Grauwe is professor aan de London School of Economics. Zijn column verschijnt tweewekelijks. In de zoektocht naar een nieuw economisch paradigma ziet hij opnieuw een grotere rol voor de overheid om de vraag aan te wakkeren.

Paul De Grauwe – De Morgen

16 juni 2025

Leestijd: 4 min


Vorige week nam ik deel aan een conferentie van het Forum for a New Economy in Berlijn. Dat is een jaarlijkse bijeenkomst van economen die zoeken naar een nieuw economisch paradigma.

Je zult zeggen: daar zijn economen al honderden jaren mee bezig. Hebben ze dan het juiste economische paradigma nog altijd niet gevonden?

Ik begrijp het scepticisme van de lezer wel. Maar economie is een uiterst moeilijke wetenschap. Economen blijven dus zoeken.

In de jaren 80 van de vorige eeuw dachten ze het juiste paradigma te hebben gevonden. Dat was het paradigma van de aanbodeconomie.

Dat stelde dat de aanbodzijde van de economie moest worden aangewakkerd. Dat zou het best gerealiseerd worden door de bedrijven zo vrij mogelijk te laten en ze zo weinig mogelijk te belasten.

Want die bedrijven die vrij en vrolijk hun winst maximaliseren, zouden die winsten investeren. Dat zou tot nieuwe producten en diensten leiden en de tewerkstelling aanwakkeren. De economische groei zou stijgen.

Het was de triomf van Adam Smith, die stelde dat als iedereen zijn eigen winst maximaliseert, de welvaart van de maatschappij in haar geheel zou stijgen.

Opdat dit allemaal goed zou functioneren moest de overheid haar begroting in evenwicht houden. Anders zou het subtiele raderwerk van die aanbodeconomie verstoord worden. De overheid moest dus continu de tering naar de nering zetten door te bezuinigen op de uitgaven.

Dat mocht zeker niet gebeuren door een verhoging van de belastingen. Integendeel, de belastingen van de bedrijven moesten dalen en ook de hogere inkomens moesten ontzien worden, want die dragen het meeste bij tot de maatschappelijke welvaart.

Dat leidde tot een dramatische daling van de vennootschapsbelastingen en van de toptarieven in de personenbelastingen.

Groei neemt af

Vandaag kan worden gesteld dat dit oude paradigma heeft gefaald.

De stijging van de economische groei die ons werd beloofd is er niet gekomen. Integendeel, de economische groei is stelselmatig gedaald. Vooral in Europa, waar de economische groei nu minder dan de helft bedraagt dan voor 1980.

Wat zijn de oorzaken van die mislukking?

Hier is de belangrijkste. De toepassing van het oude paradigma heeft geleid tot een herverdeling van het inkomen uit arbeid naar het inkomen uit kapitaal.

De aandeelhouders, en in hun spoor de topmanagers die door winstdeling aangespoord werden om absolute prioriteit te geven aan de winst, zijn rijk geworden.

Om dit mogelijk te maken moest loonmatiging afgedwongen worden en moesten de belastingen op de winst en op de topinkomens naar beneden. Dat is gelukt.

Die herverdeling heeft tot een grote macro-economische verstoring geleid.

Er zijn niet zoveel aandeelhouders en topmanagers. Ze worden wel alsmaar rijker, maar als groep consumeren ze onvoldoende.

Loonmatiging en de constante druk op de overheid om te bezuinigen zijn er ook niet op gericht de vraag aan te wakkeren.

Het gevolg is ook dat investeringen uitblijven, want bedrijven investeren slechts als ze een groei van de vraag verwachten. Maar die bleef uit. Europa is nu in stagnatie beland.

Rol van de overheid

Hoe hieruit te geraken? Dat was ook de vraag die we ons in Berlijn stelden. Niet door het marktsysteem overboord te gooien. Wel door terug te grijpen naar een aantal keynesiaanse principes die in het oude paradigma in de prullenmand waren gegooid.

Een eerste principe is opnieuw een centrale rol te geven aan de overheid om de vraag aan te wakkeren. Dat moet in eerste instantie gebeuren door meer publieke investeringen, die gerust mogen gefinancierd worden door schuld.

De evidentie is dat die overheidsinvesteringen private investeringen aanwakkeren.

Dat leidt tot meer economische groei en meer overheidsinkomsten en zo tot terugverdien effecten die vele malen hoger zijn dan de terugverdieneffecten van het gepruts aan de aanbodzijde.

De fixatie in Europa op bezuinigen heeft het omgekeerde effect: die leidt tot stagnatie en minder overheidsinkomsten.

Een vicieuze cirkel.

Een tweede principe is dat een kapitalistische economie slechts goed kan functioneren als de werkende bevolking evenveel profiteert van economische vooruitgang als de bezitters van kapitaal.

Dat is in de laatste halve eeuw niet gebeurd.

Een te groot deel van de toename in de productie is naar de bezitters van kapitaal en de topinkomens gegaan.

Die trend moet worden omgebogen door een verhoging van de vennootschapsbelastingen en van de toptarieven van de personenbelastingen.

En er moet nog veel meer gebeuren, maar dat is voor een volgende column.


Paul De Grauwe Beeld De Morgen



Bron: De Morgen

Welkom op Facebook

Welkom op Bluesky

Naar de website


Scroll naar boven