Peter Vandermeersch – Soms ontplofte het bij ‘De Standaard’ en dan realiseerde ik me onvoldoende welke schade ik aanrichtte


‘Zodra AI het toelaat, schaf ik eindredactie af.’ Krantenbaas Peter Vandermeersch (64) neemt nog steeds geen blad voor de mond. Een gesprek over (r)evolutie in medialand, Gordon Ramsay en ego. ‘Ik zal nooit zeggen: was ik maar meer bij mijn kinderen geweest.’

Ann Van den Broek en Jan Debackere

De Morgen

9 augustus 2025

Leestijd: 28 min


‘En nee, ik ben niet van plan om Ier te worden.” Onder het motto: ik maai snel het gras voor mijn voeten alvast weg voordat een ander het doet, geeft Peter Vandermeersch spontaan het antwoord op de vraag die inderdaad op onze lippen brandde.

Al een uur is hij een gloedvol betoog over Ierland aan het houden, het land dat sinds 2019 zijn nieuwe heimat is.

Hij vertrok toen na negen jaar als hoofdredacteur bij NRC Handelsblad, om eerst uitgever en vervolgens CEO van Mediahuis Ireland te worden, een groep waar vier nationale en elf regionale kranten onder vallen.

En of Vandermeersch het naar zijn zin heeft op dat groene eiland.

“Eigenlijk woon ik daar een beetje zoals hier”, zegt hij terwijl hij naar de kustlijn van Cadzand gebaart.

“Mijn vrouw Francine is Ierse, ik heb haar eind jaren 90 leren kennen toen ze in Brussel woonde Zij heeft altijd gezegd: als ik ooit weer in Ierland ga wonen, wil ik een huis met zicht op zee. We wonen nu in Greystones, net buiten Dublin, pal aan het water.”

En toch is het door daar te wonen – op dat eiland achter een ander eiland, zoals hij het zelf noemt – dat hij weer meer naar Vlaanderen verlangt.

“Dat komt door Francine. Het heeft me erg verbaasd – in positieve zin – hoe thuis ze zich meteen weer voelde in Ierland, na decennia weggeweest te zijn. Daardoor begon er ook iets aan mij te knagen. In Vlaanderen versta ik alle dialecten, ken ik alle sociale en culturele eigenaardigheden, begrijp ik verwijzingen naar andere mensen.

“Ik begon te beseffen: eigenlijk voel ik me nu toch echt wel Vlaming, meer zelfs dan toen ik nog in Nederland woonde. Daarom hebben we ook net een pied-à-terre in Antwerpen gekocht.”

Gek dat u dat zegt. Was u geen Nederlander geworden?

“Jawel. Tot bleek dat ik mijn Belgische paspoort dan zou moeten inleveren. Ik wist dat wel vooraf: wie vrijwillig Nederlander wordt, dus niet door huwelijk of geboorte, moet zijn oorspronkelijke nationaliteit opgeven. En ik dacht: jaja, tegen dat het zover is, vergeten ze dat wel. (lachje)

“Ik heb ook even twee paspoorten gehad, maar ineens kwamen de brieven. Ik moest bewijzen dat ik mijn Belgisch paspoort al had afgestaan.”

En zo groot was de liefde voor Nederland nu ook weer niet?

“Nederlander worden was leuk en ik voelde me er ook heel goed, maar dat ging me toch te ver.

“Ik wilde vooral voor de Tweede Kamer kunnen stemmen. Ik was hoofdredacteur van een van de belangrijkste kranten van het land, ik nam deel aan het maatschappelijk debat, maar één dag om de vier jaar voelde ik me buiten gesloten.

“Dat vond ik geweldig frustrerend. Maar tegen de tijd dat ik het paspoort effectief kreeg, woonde ik al in Ierland. De keuze was snel gemaakt. Nu ben ik weer gewoon Belg.”

En de Ierse nationaliteit lonkt dus niet?

“Ik heb een geprivilegieerde inkijk in de maatschappij, denk ik, doordat ik er al vijfentwintig jaar kom en nu zes jaar woon en werk. Maar ik zal wel altijd een buitenstaander blijven, voel ik. Ook al door het taalverschil.”

‘Ik was enorm passioneel met ‘De Standaard’ bezig, maar soms ontplofte het en dan realiseerde ik me absoluut onvoldoende welke schade ik aanrichtte.’
‘Ik was enorm passioneel met ‘De Standaard’ bezig, maar soms ontplofte het en dan realiseerde ik me absoluut onvoldoende welke schade ik aanrichtte.’ Bron Wouter Van Vooren
Net zoals u over Nederland deed, hebt u ook over Ierland een boek geschreven. Eentje van een slordige 600 pagina’s zelfs. Waarom?

“Ierland is een land dat aan elkaar hangt van de verhalen. Samen maken ze Ierland.

“Om het land te begrijpen, moet je weten wie Jean McConville was, de moeder van tien kinderen die door de IRA gekidnapt en vermoord werd.

“Moet je een wedstrijd hurling (populaire Keltische sport, gespeeld met een stick en een bal, red.) bijgewoond hebben.

James Joyce, U2 en Sally Rooney kennen en weten welke impact de grote hongersnood op het land en zijn diaspora heeft gehad.

“Dat de Titanic in Belfast gebouwd is en alle viagra in de wereld in Ierland wordt geproduceerd.

” Je moet zeker ook beseffen dat de peace walls in Belfast, de poorten die daar nog steeds tussen de protestantse en de katholieke wijken staan, ’s avonds nog altijd dichtgaan.”

Wacht, The Troubles zijn toch al een kwart­eeuw voorbij?

“Zie, dat bedoel ik. Wij weten zo weinig over Ierland.

“Ja, het Goede Vrijdagakkoord dateert al van 1998 en maakte een einde aan de burgeroorlog in Noord-Ierland.

“En iedereen weet ook nog wel dat een van de zwaarste aanslagen pas daarna plaatsvond, de autobom in Omagh die 29 mensen doodde en door splintergroep Real IRA (katholieke terreurorganisatie, red.) werd opgeëist. Maar het geweld is nooit helemaal gestopt.

“Vlak voor wij de krant overnamen, is een journalist van The Belfast Telegraph nog doodgeschoten (Lyra McKee kwam op 18 april 2019 om terwijl ze rellen in het Noord-Ierse Derry versloeg, red.).

“In 2023 is de politie-inspecteur die de moord op McKee onderzocht na de voetbaltraining van zijn zoon door de Real IRA neergeschoten, in het bijzijn van zijn zoon. Dat bereikt allemaal zelden tot nooit de overkant van het Kanaal.

“Dat is dus waarom die peace walls – wat een zeer ironische naam is, vredesmuren – er nog altijd staan. Er zijn er nu zelfs meer dan in 1998.”

Protestanten en katholieken leven in Noord-Ierland nog steeds gescheiden levens?

“O ja. Ik heb mijn boek opgedragen aan wijlen mijn schoonmoeder, een fantastische vrouw die een paar jaar geleden gestorven is. Zij was zeer vredelievend, maar toen Francine haar moest vertellen dat ze een relatie had met een gescheiden Vlaming met twee kinderen, was haar reactie: ‘At least he’s not a protestant.’

“De poorten tussen de protestantse en katholieke wijken – hekken van vijf, zes verdiepingen hoog met daarboven prikkeldraad – gaan nog steeds om zes of zeven uur ’s ochtends open en sluiten bij zonsondergang. Overdag kun je dus van de ene buurt naar de andere, maar daar gaat opvallend weinig verkeer door.

“Ik stond eens te babbelen met een vrouw die bij zo’n muur woonde en ik zeg: zo jammer toch dat je ’s avonds niet meer naar de andere kant van de straat kunt. Nee, zegt ze, ik wil daar niet eens heen.

‘En als ze de poorten ’s avonds niet zouden sluiten, zouden de scumbags of the other side hier stenen en molotovcocktails komen gooien.’

“Waarop ik een beetje verder loop, de poorten door naar een andere wijk en exact hetzelfde te horen krijg, alleen met een lichtjes ander accent.”

Acht u een nieuwe opflakkering van geweld realistisch?

“Absoluut. Ergens in de jaren 80 was ik er voor het eerst bij op The Twelfth.

“Op 12 juli herdenken de protestanten de Battle of the Boyne uit 1690 waarbij de protestant Willem van Oranje de katholieke koning James II versloeg.

“De protestantse helft van de bevolking marcheert dan door de stad – ook door katholieke wijken – met marching bands waarvan de leden op hun armen ‘No surrender’ getatoeëerd hebben.

“Heel nadrukkelijk zeggen ze: dit is ónze stad, niet die van jullie. Zeer indrukwekkend.

“Destijds dacht ik: dit komt nooit goed.

“Een paar weken geleden was ik er opnieuw bij. Veel is er niet veranderd. Oké, we hebben het Goede Vrijdagakkoord waardoor het ergste geweld gaan liggen is, maar het blijft een kruitvat.

“Er is zoveel onverwerkt verleden, zoveel misdaden waar de daders nooit voor werden aangeduid en nooit voor gestraft zijn. Dan is het heel moeilijk voor nabestaanden om verder te gaan.

“Gelukkig zijn er vandaag minder wapens in Noord-Ierland dan in de jaren 70 en 80, toen Libië ze aan de lopende band aanleverde.”

“Excuseer, ik ga even iets doen wat ik normaal nooit doe”, zegt de krantenbaas plots terwijl hij zijn smartphone bovenhaalt. Het voorgerecht is zonet geserveerd en dat is, in zijn woorden, zo’n plaatje dat er ook eentje van genomen moet worden.

Een gebaar dat zo alledaags geworden is, maar wel heel simpel aantoont hoe sterk de wereld geëvolueerd is sinds Vandermeersch als jonge journalist met notablokje en pen in de hand volstrekt analoog de straat op trok.

Hij herinnert het zich nog precies.

“Mijn eerste werkdag op De Standaard in 1988 was zelfs historisch. Niet omdat ik er begon, maar de eerste faxmachine werd er die dag geïnstalleerd. Stel u voor!”

‘AI is onze wereld aan het veranderen en wij zijn nog bezig met de omslag naar digitaal. We beseffen te weinig wat er aan het gebeuren is.’
‘AI is onze wereld aan het veranderen en wij zijn nog bezig met de omslag naar digitaal. We beseffen te weinig wat er aan het gebeuren is.’ Bron Wouter Van Vooren
Jaren later stond u als hoofdredacteur met de eerste iPad in uw handen op de redactie te glunderen. U kwam terug van New York en declameerde: ‘Ik heb de toekomst gezien.’

(lacht luid) “Juist, dat was ik al vergeten. Dat is ook altijd mijn rol geweest, zowel bij De Standaard en NRC als bij Mediahuis Ireland, om de vinger aan de pols te houden.

“Maar het ligt ook in mijn karakter. Ik heb een hele grote onrust in mij, angst dat we overbodig zouden worden.

“Mijn jongste zoon werkt bij de BBC voor de opensource-unit (onderzoekscel die op basis van data-analyse feiten checkt, red.).

“Hij hoopt bij Bellingcat (Brits burger-onderzoeksjournalistieknetwerk, red.) of een van die organisaties te kunnen gaan werken.

“Bij Mediahuis klop ik ook op die nagel: The New York Times heeft een grote opensource-unit, de Financial Times, CNN.

“We mogen die boot niet missen.”

Bent u vandaag even enthousiast over artificiële intelligentie als over de iPad destijds?

“Het brengt grote uitdagingen met zich mee. Christian Van Thillo (topman van DPG Media, red.) had het in een interview onlangs over de grootste diefstal ooit: AI steelt al onze content om zijn modellen te trainen.

“Ik heb hem nog een mailtje gestuurd om te zeggen dat ik dat uitstekend uitgedrukt vond.

“Maar AI is sowieso de grootste revolutie sinds de landbouwrevolutie. Ik wilde eerst zeggen de Franse Revolutie, maar het is groter dan dat.

AI is onze wereld aan het veranderen en wij zijn nog bezig met de revolutie van het verleden, de omslag naar digitaal. We beseffen echt te weinig wat er aan het gebeuren is.

“Ik heb pas zelf aan een AI-model gevraagd: schrijf eens een gedetailleerde biografie van Peter Vandermeersch.

“Mijn vrouw zei: er is nog nooit zo’n goed stuk over jou geschreven. De enige fout die erin stond was dat ik de Nederlandse nationaliteit nog bezat. Echt indrukwekkend.

“Ik heb pas mijn boek in drie AI-modellen gegoten en gevraagd naar sterke en zwakke plekken. Ik wilde dat ik dat eerder had gedaan, mijn boek zou er beter door geworden zijn. Er kwamen een paar zeer terechte punten uit naar voren, maar de eerste proef was al klaar.”

Gebruiken uw redacties AI al?

“Op de Irish Independent weet iedereen: Peter wil, zodra AI ertoe in staat is, eindredactie afschaffen.

“Dat is ook zo. Waarom zou je dat nog door mensen laten doen?

“Ik denk ook dat weinigen van ons journalist zijn geworden om een kop boven een stuk te zetten.

“Mijn hart bloedt wanneer ik eindredacteurs tijd zie steken in dingen waarvan ik als uitgever denk: dat kan een machine ook. Waarom betaal ik die eindredacteur?”

Uw eindredacteurs voelen zich nu vast erg gewaardeerd.

“Ik weet het, maar we kunnen hen toch veel beter inzetten om betere, originele journalistiek te maken? Om het verschil te maken met AI? Onze journalistiek kan echt fundamenteel beter zijn. Correcter, exacter.

“Als Guy Verhofstadt sterft, hoop ik dat geen enkele Vlaamse journalist zijn in memoriam schrijft. Dat zal AI veel beter en veel sneller kunnen. In de plaats kunnen die journalisten gaan praten met Karel De Gucht en anderen die Verhofstadt goed gekend hebben.”

U zou er geen problemen mee hebben om een door AI geschreven stuk te publiceren?

“Nee. We zijn zelf AI-modellen aan het trainen op onze archieven omdat daar minder fouten in zitten dan op de info op het internet.

“De bedoeling is dat weerberichten en voetbaluitslagen zo op relatief korte termijn gemaakt kunnen worden.

“We zijn er nog niet en wanneer het wel zover is, moeten we daar ook transparant over zijn.

“Wat Elle België daarentegen gedaan heeft, is een schande. Zij pretendeerden dat AI-gegenereerde stukken door mensen geschreven zijn. Dat is puur bedrog.”

Het publiceren van AI-stukken kan ook een ordinaire besparingsoperatie worden.

“Als ik eerlijk ben, zal dat voor een stuk ook zo zijn. De komst van de weefgetouwen heeft destijds ook jobs gekost.

“Zie hoe de journalistiek wereldwijd financieel onder druk staat, je zult niet anders kunnen dan op deze manier voor een stuk te besparen.

“Maar de rest van het vrijgekomen budget kun je wel investeren in meer video, meer audio, in grote analyses over het zomerakkoord van Bart De Wever.

“Gesprekken zoals deze zal AI nooit kunnen overnemen. Een kop boven een stuk zetten wel.

“We moeten echt actief nadenken hoe we dat instrument in ons voordeel kunnen inzetten, want als wij het niet doen, doen anderen het in onze plaats.

“Niet zo lang geleden werd ik door een rijke Nederlandse investeerder opgebeld.

“Hij zei: ‘Peter, wat denk je ervan? Ik neem twintig journalisten in dienst, twintig techneuten en samen spelen we NRC en de Volkskrant weg.’

“Ik heb geweigerd, ik ken AI niet goed genoeg om zoiets te leiden. Maar out there lopen dus mensen met zulke plannen rond.”

‘Ik ben in Nederland gaan wonen en werken, terwijl mijn vrouw een carrière in Brussel had en mijn zoon er naar school ging. We hadden een weekendhuwelijk.’
‘Ik ben in Nederland gaan wonen en werken, terwijl mijn vrouw een carrière in Brussel had en mijn zoon er naar school ging. We hadden een weekendhuwelijk.’
Bron Wouter Van Vooren
U hebt dus puur uit praktische bezwaren geweigerd, niet uit ethische?

“Zeker niet, wat is het probleem? Als je zo betere journalistiek kunt maken? Maar merken hebben wel waarde.

“Ik vind wel dat het soort journalistiek dat De Morgen, De Standaard, NRC en de Volkskrant brengen, moet blijven bestaan. Maar hoe zorgen we ervoor dat mensen daarvoor willen blijven betalen?

“Dat wij het hoofd boven water kunnen houden? Dat is mijn grote zorg vandaag.

“De grote schande voor de klassieke media in Nederland is dat NU.nl de grootste digitale speler is.

“Bij ons waren De Standaard en HLN.be al snel mee online, maar in Nederland waren ze er zo van overtuigd dat dat internet toch nooit wat ging worden, dat ze zich de kaas volledig van het brood hebben laten eten.

“Die fout mogen we nu niet maken. Maar op dit moment zijn we te traag, vind ik.”

Kranten leefbaar houden blijft moeilijk. U hebt ook al kranten moeten sluiten.

(knikt) “Ierland is een bijzonder kleine markt, we hebben een paar lokale kranten moeten sluiten. En we zullen dat binnen Mediahuis wellicht nog moeten doen. Je zult dat over heel Europa zien.

“In de VS zijn de voorbije twintig jaar 3.000 lokale kranten gesloten. Daar is geen controle meer op lokale machthebbers, om het nu eens met grote woorden te zeggen. Dat is een serieus probleem, zeker met wat er vandaag in de wereld gebeurt.

“Ik ben vandaag erg bezig met persvrijheid en kwaliteit van de pers. Er is een politieke aanval op de pers.

“Kijk naar Donald Trump, Orbán in Hongarije, de situatie in Polen. Dat is erg zorgelijk, want wij zijn een van de fundamenten van de rechtstaat. Hoe zorgen we dat die overeind blijft?

“Toen ik begon, klotste het geld tegen de plinten. We drukten geld: de krant stond vol advertenties.

“Vandaag is de situatie totaal anders. Vooralsnog slagen we er ondanks alles in om in Vlaanderen en Nederland een relatief gezond medialandschap in stand te houden.

“Ik weet dat er veel kritiek is op de samenwerking tussen krantentitels, maar dit is wel de manier waarop die kunnen overleven.”

Het zorgt toch voor een verschraling van het aanbod?

“Is dat zo? Ik ben zo oud dat ik me herinner dat op de Gentse gemeenteraad een journalist van Het Volk naast eentje van Het Nieuwsblad en eentje van De Gentenaar zat.

“Alle drie schreven ze hetzelfde op. Zogezegd voor de pluriformiteit.

“En oké, in tijden van verzuiling was daar iets voor te zeggen. Vooruit (voorloper van ‘De Morgen’, red.) schreef op een andere manier dan De Standaard. Maar we zijn allemaal een beetje naar het midden gekomen.”

Daar bent u zelf mee verantwoordelijk voor. U schrapte in 1999 als kersvers hoofdredacteur ‘AVV-VVK, Alles voor Vlaanderen, Vlaanderen voor Kristus’ van de voorpagina van De Standaard. Dat werd u niet in dank afgenomen.

“Een echte rel was dat, het journaal van VRT opende er die avond mee. Die verandering, dat was heftig in bepaalde milieus.

“Ik herinner me nog dat ik jaren eerder onze wekelijkse cultuurkalender, waar ik toen voor verantwoordelijk was, eens met Torhout-Werchter opende. Dat was toen toch al een hele tijd een vaste waarde.

“Wijlen Gaston Durnez, een journalistiek icoon en een man die ik erg hoog heb zitten, kwam me vragen of ik dan ook een hele pagina aan de IJzerbedevaart zou wijden.

“Ik zei: ‘Gaston, onze hele gazet staat daar verdomme elke dag al van vol!’ Dát is waar we vandaan komen.

“Maar goed, iemand als Gaston heb ik met het verwijderen van AVV-VVK veel pijn gedaan. Dat spijt me.”

Hoe hij later hoofdredacteur geworden is, ook dat weet Vandermeersch nog precies. Uiteraard hoort ook daarbij een goed verhaal. Hij was correspondent in New York toen hij gevraagd werd, vertelt hij. En eigenlijk voelde hij niet veel voor dat hoofdredacteurschap.

“Ik vond mezelf veel te emotioneel om leiding te kunnen geven. Ik zei dat ook aan een jonge marketingmanager en zeer goede vriend van mij, Gert Ysebaert (vandaag CEO van Mediahuis nv, red.).

“Hij zei: je kunt twee dingen doen. Je kunt ja zeggen en je kunt nee zeggen. Zeg je nee, geen enkel probleem, want je bent echt een hele goede correspondent. Maar dan moet je me wel beloven dat je stopt met me elke dag een mail te sturen om te zeggen hoe slecht De Standaard wel niet is.”

En dan besloot u: dan kan ik inderdaad beter elke dag zo’n mailtje naar de voltallige redactie sturen?

(lachje) “Ik heb inderdaad wellicht een keer te veel aan de hele redactie gemaild dat een stuk nooit had mogen verschijnen, hoe slecht alles was, dat we moesten veranderen, enzovoort.

Bart Sturtewagen (Vandermeersch’ rechterhand in de hoofdredactie van ‘De Standaard’, red.) zei altijd: jij bent een kerncentrale.

“Ik was enorm passioneel met die krant bezig, maar soms ontplofte het en dan realiseerde ik me absoluut onvoldoende welke schade ik aanrichtte.

“Ik kan heel snel een bladzijde omdraaien, privé is dat ook zo. Zodra het eruit is, ben ik de uitbarsting alweer bijna vergeten. Maar ik denk er dan niet aan dat een ander er wel een week van wakker ligt.”

Had u voor een baas als uzelf kunnen of willen werken?

“Ik zou die Vandermeersch zeker af en toe eens gezegd hebben dat hij een klootzak was. Maar ik hoop ook dat ik hem zou begrijpen.

“Ik heb zelf namelijk – vreemd genoeg misschien – altijd bazen gehad die het omgekeerde waren. Die hadden de instelling: wij zijn De Standaard, het is goed zo. Terwijl ik dacht: maar is dat zo? Is het wel goed genoeg?

“Het was echt nodig om de boel op te schudden. De zelfvoldaanheid en de ingeslapenheid was te groot. Maar bon, de stijl had anders gekund. Vandaag zou ik het zo niet meer doen.”

‘Ierland blijft een kruitvat. Er is zoveel onverwerkt verleden, zoveel misdaden waar de daders nooit voor werden aangeduid en nooit voor gestraft zijn.’
‘Ierland blijft een kruitvat. Er is zoveel onverwerkt verleden, zoveel misdaden waar de daders nooit voor werden aangeduid en nooit voor gestraft zijn.’
Bron Wouter Van Vooren
Hoe bent u tot dat inzicht gekomen?

“Mensen die bij NRC dicht bij me stonden hebben me daarop gewezen. Wellicht hebben ze me dat een paar keer te veel moeten zeggen, voordat het doordrong.

“Bij De Standaard is dat eigenlijk vreemd genoeg nooit zo duidelijk gebeurd. Maar bij NRC ben ik een paar keer echt tegen de muur gelopen. De spreekwoordelijke krassen staan er nog van op mijn aangezicht.

“Ik heb dan aan introspectie gedaan en ik heb moeten toegeven: je moet geen brullende Gordon Ramsay zijn om een goede kok te worden.

“Ik kan me achter de tijdgeest proberen te verschuilen, achter het feit ook dat ik zonder enige training in het leidinggeven in dat hoofdredacteurschap werd gegooid.

“De ene dag was ik alleen maar verantwoordelijk voor de berichtgeving over Bill Clinton en Monica Lewinsky, de volgende stond ik aan het hoofd van een redactie van honderd man in een tijd dat de hoofdredacteur nog God was. Op mijn 37ste.

“Dat is allemaal waar, maar het is gewoon geen excuus.

“Ik heb er ook wel eens met mensen als Matthijs van Nieuwkerk over gesproken, die daar nog veel harder voor ter verantwoording geroepen is dan ik.

“Hij zegt ook: je denkt dat dat erbij hoort als je de lat zo hoog legt. Maar dat is niet zo. Je kunt geweldige televisieprogramma’s maken zonder de bullebak uit te hangen.

“Dat gezegd zijnde, er is in Nederland, naar mijn mening, nooit meer zo’n goed programma als De wereld draait door gemaakt.”

U hebt nooit professionele hulp gezocht?

“Toch wel. Want wat weinig mensen weten op al die redacties waar ik gewerkt heb, is dat Vandermeersch in de directiecomités pas écht ontplofte.

Peter Visser, mijn baas bij NRC, heeft op een gegeven moment gezegd: ‘Peter, een goede vriend van mij is psychiater, misschien moet je daar eens naartoe. Ik betaal.’

“Ik heb dat gedaan, een keer of vijftien, een uurtje of twee op vrijdagmiddag. Hij heeft me geleerd dat ik de lat ook op een andere manier hoger kon krijgen.”

Wanneer hij erover nadenkt hoe zijn carrière gelopen is, is het best gek, zegt hij.

“Je wordt journalist omdat je nieuwsgierig bent, de wereld wil kennen en begrijpen.

“Omdat je een goede journalist bent die al eens een idee over de krant heeft, word je hoofdredacteur. Lid van de directie. Uitgever. CEO. Maar au fond voel ik me nog steeds dat eerste.

“Ik zeg dat weleens half lachend, half serieus: als ik sterf wil ik dat er op mijn grafsteen staat: Peter Vandermeersch, journalist.”

Waarom bent u in 2019, na uw vertrek bij NRC, dan toch geen correspondent in Parijs geworden, zoals u van plan was?

“Omdat Mediahuis net dan een krantengroep in Ierland overkocht en me vroeg om die te leiden. Ze zouden me niet tegengehouden hebben als ik voet bij stuk gehouden had dat ik weer wilde gaan schrijven. Maar ik ben ook heel loyaal. Ik heb heel veel in mijn leven aan dat bedrijf te danken. Ik werk er al haast mijn hele professionele leven.

“Twee keer heb ik Mediahuis proberen te verlaten. De eerste keer is dat even gelukt: ik vertrok naar NRC, maar even later heeft Mediahuis die krant dan ook gekocht.

“Later heb ik geprobeerd om CEO van de VRT te worden, wat niet gelukt is.

“‘Het is een blessing in disguise dat je daar niet in geslaagd bent’, zei Thomas Leysen (voorzitter van o.a. Mediahuis, red.) achteraf.”

U moest het tegen Frederik Delaplace afleggen. Wanneer u zijn parcours ziet, denkt u dan: dat had ik beter gedaan?

“Natuurlijk heb ik gedacht: die fout met Bart De Pauw, die zou ik nooit maken.

“Ik zou ook nooit mails naar een redactie hebben gestuurd om te zeggen dat ze niet met de media mogen praten. Maar ik zou sowieso andere fouten gemaakt hebben.

“Ik ben te lang manager geweest, heb al te veel fouten gemaakt om niet te weten hoe verdomd moeilijk het is. En dan zeker in een glazen huis als dat van de VRT, waar iedereen alles weet en de politiek zich constant bemoeit.”

U bent nu vijftien jaar weg uit Vlaanderen. Volgt u de politiek nog?

“Niet meer zoals vroeger, uiteraard. Ik heb nog online-abonnementen op De Standaard, De Morgen, Het Nieuwsblad en Het Laatste Nieuws.

“Ik volg de hoofdlijnen, maar alles is echt erg veranderd sinds ik vertrokken ben. Om maar iets te zeggen: de N-VA kwam nog maar net piepen toen ik naar Nederland ging.

“Een van mijn allerlaatste editorialen die ik in De Standaard schreef en waar ik zelf heel tevreden over was, ging over Bart De Wever en Elio Di Rupo, de grote verkiezingswinnaars in 2010.

“Als die twee nu overeenkomen, gaan we snel een regering hebben, schreef ik. En vervolgens kregen we de langste regeringsvorming ooit. Waardeloos commentaar dus.” (lacht luid)

U hebt nu al een paar keer complimenten over uzelf in de verf gezet. Zou het kunnen dat bescheidenheid niet uw grootste deugd is?

(verslikt zich in zijn glas wijn) “Wat een vraag! Die moet je niet eens stellen, toch? Natuurlijk heb ik een groot ego. Ik ben realistisch genoeg om te weten dat ik heel veel zwaktes heb, maar ik weet ook dat ik wel iets betekend heb voor de kranten waar ik gewerkt heb.”

Daarom dat het ons toch zeer verwonderde dat u blijkbaar 15 van de 71 keer dat u in De wereld draait door zat, heeft moeten overgeven van de stress voordat u op moest. Zit er dan toch een twijfelende mens in u?

“O, maar heel erg. Ik ben een ongelooflijk grote twijfelaar. Je wilt niet weten hoeveel ik wakker lig.

“Met mijn boek heb ik dat ook. Ik wil het beste boek ooit over Ierland schrijven, maar tegelijkertijd denk ik: wie gaat hier zelfs 10 euro aan willen uitgeven?

“Gelukkig is er mijn vrouw om me met mijn twee voeten op de grond te zetten telkens wanneer ik weer wat hyper word.

“Maar dat staat het ego niet in de weg. Ik ben een beetje twee zielen in één borst.

“Mijn moeder vertelt graag het verhaal van mijn eerste schooldag. Ik was net 2,5 jaar en mijn moeder vond me nog zo klein. Ze zette me af, liep huilend de klas uit omdat ze me moest achterlaten, maar wanneer ze door het raam weer naar binnen keek, stond ik op een bank de andere kinderen toe te spreken.

“‘Dat is Peter’, zegt mijn moeder dan. En ik denk dat dat klopt.

“Aan de ene kant ben ik een hele grote twijfelaar, anderzijds een hemelbestormer.”

Dat klinkt als een vermoeiende combinatie.

(knikt overtuigd) “En mocht je denken dat dat met de jaren mildert, het is alleen erger geworden. Ik besef heel goed dat me steeds minder tijd rest.

“Daarom vergeef ik iemand als Guy Verhofstadt wellicht ook veel. Dat is een passionele mens. Die lopen weleens in een sloot omdat ze zo hevig zijn, dat ze de greppel voor hun voeten niet zien.

“Maar dan denk ik: oké, maar hij probeert wel aan de overkant van de sloot te raken.

“Anderen kiezen ervoor om veilig aan deze kant te blijven.”

‘Het is niet meer aan mij om de grote revolutie in de media door te voeren. Maar ik wil anderen wel blijven wakker schudden.’
‘Het is niet meer aan mij om de grote revolutie in de media door te voeren. Maar ik wil anderen wel blijven wakker schudden.’ Bron Wouter Van Vooren
U bent 64, denkt u al aan uw pensioen?

“Kijk, Jean-Luc Dehaene zei bij zijn afscheid: ik ben een politicus van het verleden. Dat denk ik nu ook soms.

“Ik ben een journalist van het verleden. Het is niet meer aan mij om de grote revolutie in de media door te voeren. Maar ik wil anderen wel blijven wakker schudden.

“Verwacht niet dat ik op mijn 67ste naar Compostela zal wandelen. Ik zou graag Mediahuis blijven adviseren en initiatieven op poten zetten waarmee we het vertrouwen in de journalistiek weer kunnen vergroten.

“Ik heb vier kleinkinderen tussen 7 en 9 jaar oud. Ik zou graag hebben dat wanneer zij opgroeien, er nog verstandige journalistiek beschikbaar is die inzicht geeft in de wereld.

“Populisme kun je alleen maar met informatie bestrijden.”

U bent piepjong vader geworden. U was amper 20 toen uw oudste zoon geboren werd.

“Ik studeerde nog, zat in mijn eerste licentiaat geschiedenis in Gent, mijn lief was net afgestudeerd en werkte op een project van één jaar.”

Hoe reageerden uw ouders op dat nieuws?

“Slecht. En wanneer ik daar nu op terugkijk, snap ik dat ook. Sebastian, mijn jongste zoon, is nu 25. Mocht hij vandaag komen zeggen dat zijn lief zwanger is, zou ik ook zuchten: jongen toch.

“Ik wist dat mijn ouders hoge verwachtingen hadden van mij. Hun hele toekomstbeeld voor mij stortte in elkaar.

“We wisten eind februari dat Mieke zwanger was. In april zijn we getrouwd en zijn we een week naar De Panne gegaan als huwelijksreis. In mei heb ik gestudeerd, in juni had ik examens en ik was geslaagd met grote onderscheiding.

“Dat was mijn afrekening met mijn vader, die bitter had gezegd: je gaat er zeker niet door zijn. Ik weet nog dat ik thuis kwam, mijn vader zat op het terras en ik heb van in de tuin geroepen: grote onderscheiding, fuck you! (lacht)

“Hij was heel blij. In oktober is Maarten geboren.”

Welke impact heeft dat jonge vaderschap op uw leven gehad?

“Je slaat een stuk van je leven over. Twee jaar na Maarten kwam Lotte. Je vrienden gaan met de rugzak naar India, jij zit met twee kleine kinderen op schoot.

“Ik denk en hoop dat mijn kinderen daar niet veel van gemerkt hebben, maar in mij zat daardoor wel een heel groot stuk ongeduld.

“Mijn correspondentschap in Parijs en later in New York voelden als een soort inhaalbeweging.”

Het was een bewuste keuze om dan voor uzelf te kiezen?

“In Parijs waren ze mee, ze hebben daar een deel van hun lagere school en begin middelbaar gedaan. Naar New York ben ik vlak na mijn scheiding vertrokken.

“Ik heb mijn journalistieke carrière altijd ongelooflijk belangrijk gevonden. Zo heb ik heel veel op zijn kop gezet in het leven van mijn ex-vrouw en mijn kinderen.

“Met Francine en Sebastian heb ik dat opnieuw gedaan. Ik ben in Nederland gaan wonen en werken, terwijl mijn vrouw een carrière in Brussel had en mijn zoon er naar school ging. We hadden een weekendhuwelijk.

Sebastian heeft in die periode zijn hele middelbare school afgewerkt en ik heb daar relatief weinig van meegekregen.

“Dus ja, ik besef echt wel dat ik voor mezelf gekozen heb.”

Hebt u begrip voor medewerkers die wel graag een gezonde balans hebben tussen werk en leven?

“Ik heb het daar lange tijd moeilijk mee gehad.

“Ik heb ooit aan een collega bij De Standaard gezegd dat ik mijn linkerhand zou geven om voor die krant te werken en dat hij dat niet deed.

“Die man is later opgestapt en hij zei toen dat dat voor hem de druppel was geweest. Dat hij niet wilde werken voor een organisatie waar ze verwachten dat je werk je leven is.

“Vandaag probeer ik mijn attitude niet meer op de rest van de organisatie te projecteren.”

Maar u zou zelf vandaag nog wel hetzelfde doen?

(resoluut) “Ja. En ik geloof en ik hoop dat mijn drie kinderen denken: tja, papa is gewoon zo.

“Ik ben gewoon niet de mens die op zijn sterfbed zal zeggen: was ik maar meer bij mijn kinderen geweest.

“Het is mijn keuze om mijn leven zo te leiden.”

Ierland

‘Natuurlijk heb ik een groot ego. Ik weet dat ik veel zwaktes heb, maar ik weet ook dat ik wel iets betekend heb voor de kranten waar ik heb gewerkt.’ Bron Wouter Van Vooren

Overzicht

Lees alle berichten in deze categorie


Bron: De Morgen

Welkom op Facebook

Welkom op Bluesky

Naar de website


Scroll naar boven