Traumatherapeut Tuly Flint – Wat ik nu zie in Gaza is voor mij niet te dragen – Het is gruwelijk – Onvoorstelbaar


Traumatherapeut Tuly Flint weigerde om als reservist te dienen in het Israëlische leger, en groeide uit tot het gezicht van een bredere beweging. ‘In tijden waarin zwijgen voelt als meedoen, is nee zeggen het meest patriottische wat ik kan doen.’
Dit is zijn getuigenis.

Hadas Itzkovitch en Anya van Lit

De Morgen

22 juli 2025

Leestijd: 10 min


Tuly Flint de traumatherapeut die het gezicht werd van Israëls dienstweigeraars.


Er was nooit één moment, één breekpunt, waardoor ik besloot te weigeren. Zo ging het niet. Het was geen klapdeur die dichtsloeg. Het was een langzaam ontwaken. Een afpellen van illusies. Steeds opnieuw wakker worden. Tot ik niet langer kon slapen.

Ik diende decennialang in de IDF, het Israëlische leger. Ik geloofde echt dat ik iets verdedigde wat dat waard was.

Zelfs toen de twijfels kwamen, al tijdens de Eerste Intifada rond 1987, toen ik brieven aan mijn vrouw schreef over nachtelijke invallen en de sloop van Palestijnse huizen.

Ik geloofde dat het systeem van binnenuit hervormd kon worden, dat de democratie nog werkte en dat een militair zijn moreel kompas kon behouden.

Dat geloof droeg me door jarenlange dienst: in Gaza, op de Westelijke Jordaanoever, in Libanon, langs checkpoints.

Maar ik deed ook dingen waar ik nu spijt van heb. Midden in de nacht huizen binnenvallen, zonder aanklacht, enkel om ‘een signaal’ af te geven. Familieleden arresteren als drukmiddel. Dat was vernederend voor ouders en hield kinderen uit hun slaap.

Het duurde jaren voor ik deze dingen bij hun naam kon noemen: schendingen, wonden, soms zelfs misdaden.

In 2014 brak er iets.

Tijdens Operatie Protective Edge werkte ik als therapeut in veldhospitalen. Ik probeerde jonge militairen te helpen die ingestort waren door wat ze hadden meegemaakt – en gedaan.

Een jongen van 19 kwam naar me toe nadat zijn eenheid een huis van een familie had verwoest.

Hij zei: “Ik hoor nog steeds de kinderen huilen. Mijn lichaam is hier, maar mijn hoofd is daar gebleven.”

Ik behandelde hem. Maar ik kon niet behandelen wat wij als geheel deden.

Ik zag de ruïnes van Gaza met eigen ogen.

  • Gebombardeerde gebouwen.
  • Overvolle ziekenhuizen.
  • Hele families die werden begraven.
  • Vrienden die waren omgekomen.

In diezelfde tijd begon ik ook Palestijnen te behandelen. Pas toen begreep ik hoe diep de trauma’s van de bezetting werkelijk gaan.

Nooit meer een wapen

Ik legde een gelofte af aan de IDF: ik zou nooit meer een wapen dragen. Nooit meer een uniform aantrekken. Maar ik zou blijven dienen, als therapeut.

Ik richtte me volledig op trauma. Ontwikkelde behandelmethodes voor duizenden paratroepers. Behandelde burgers en militairen, Israëliërs en Palestijnen.

Ik sloot me aan bij Combatants for Peace, een beweging van voormalige strijders, van beide kanten, die geweld afzweren en samen werken aan het beëindigen van de bezetting.

Ik werkte samen met Palestijnse therapeuten. Samen bouwden we bruggen, fragiel, maar ze kwamen er wel.

‘Wat ik nu zie in Gaza is voor mij niet te dragen. Het is gruwelijk. Onvoorstelbaar’

Een van de belangrijkste samenwerkingen is met Salam Al Armani, een traumatherapeut in Gaza.

We begonnen in 2019. We werkten via versleutelde kanalen, vaak midden in bombardementen of onder avondklok.

We trainden hulpverleners, schreven samen onderzoek, en ontwikkelden een methode die we noemden: de terugkeer van compassie.

We leerden mensen pijn niet te vermijden, maar ermee om te gaan. Genezing komt niet uit ideologie. Ze komt uit gedeelde menselijkheid.

In een van onze gezamenlijke online groepen sprak een collega uit Hebron, wiens praktijk beschadigd was door de IDF.

Ze zei: “Soms voel ik me de wond én het verband tegelijk.”

Die woorden ben ik nooit vergeten.

En toen kwam 7 oktober 2023.

De aanvallen waren verwoestend. Ik keerde terug naar het leger. Niet om te vechten, maar om therapie te bieden. Om te helpen bij evacuaties. Om rouw en verdriet ruimte te geven.

Maar toen de oorlog zich naar Gaza verplaatste, toen de vernietiging onverdraaglijk werd, toen de regering zelfs de hoop op het redden van gijzelaars opgaf, toen was mijn grens bereikt.

Legerattributen van Tuly Flint. Links: elke militair in de Golani-brigade krijgt een standaard militaire ID-portemonnee, vaak gepersonaliseerd met het insigne van de eenheid. Midden: na een trainingsperiode van acht maanden voltooien militairen van de Golani-brigade hun afsluitende baretmars. Aan het einde van de ceremonie ontvangen ze hun bruine baret. Rechts: militaire ID-kaart, die in de ID-portemonnee wordt gedragen.
Legerattributen van Tuly Flint. Links: elke militair in de Golani-brigade krijgt een standaard militaire ID-portemonnee, vaak gepersonaliseerd met het insigne van de eenheid. Midden: na een trainingsperiode van acht maanden voltooien militairen van de Golani-brigade hun afsluitende baretmars. Aan het einde van de ceremonie ontvangen ze hun bruine baret. Rechts: militaire ID-kaart, die in de ID-portemonnee wordt gedragen. Bron Foto Hadas Itzkovitch en Anya van Lit

Oorlog zonder strategie

Met 120 andere reservisten initieerde ik de eerste groep refuseniks (dienstweigeraars). We schreven een open brief met de strekking: wij weigeren te vechten, te dienen, in een oorlog zonder strategie, zonder een greintje menselijkheid.

Het leger vroeg me mijn naam van de brief te halen. Ik weigerde en werd ontslagen.

Wat ik nu zie in Gaza is voor mij niet te dragen. Het is gruwelijk. Onvoorstelbaar. De schaal van het lijden, de vernietiging, het verlies van families, het opgeven van gijzelaars. Ik heb daar vrienden, collega’s.

Elke ochtend kijk ik op mijn telefoon: heeft hij of zij de nacht overleefd? Geen enkele oorlog kan dit rechtvaardigen.

Sommige mensen noemden me een verrader, anderen vroegen waarom ik het zo nodig openbaar moest maken.

Maar ik weigerde niet omdat het me niks meer kon schelen. Ik wil dat onze kinderen opgroeien in een land dat democratie niet is vergeten.

Nee zeggen is voor mij geen opgeven, maar iets beschermen. In tijden waarin zwijgen voelt als meedoen, is nee zeggen het meest patriottische wat ik kan doen.

Door te weigeren verloor ik collega’s en vrienden. Sommige instellingen waar ik lesgaf, zeiden: je bent een geweldige leraar, maar door je politieke keuzes mag je hier niet meer lesgeven.

Wat ik won? Integriteit. Duidelijkheid. De kracht om in de spiegel te kijken en tegen mezelf te zeggen: ik zie wie je werkelijk bent.

Toen ik eind jaren negentig begon als traumatherapeut, werkte ik met Israëlische soldaten. Al snel werd duidelijk: trauma stopt niet bij landsgrenzen.

De klachten – hyperwaakzaamheid, vervreemding, wanhoop – zien er overal hetzelfde uit.

Wat wél verschilt, is het morele gewicht dat mensen met zich meedragen.

Zolang iemand gelooft te vechten voor een rechtvaardige zaak, is er vaak geen sprake van innerlijke strijd. Maar dat verandert zodra die overtuiging instort.

Moreel trauma gaat niet over wat jou is aangedaan, maar over wat jij hebt gedaan, toegestaan of zwijgend hebt aanschouwd. In dit conflict komt dat voor aan beide kanten.

Uiteindelijk is oorlog zelf een morele verwonding, tenzij het echt om overleven gaat en er geen andere optie is. Maar meestal zijn die er wél.

Gruweldaden vinden plaats wanneer we de ander niet meer als mens zien. Wie gelooft dat alleen zijn kant de waarheid spreekt, raakt het morele kompas kwijt. En loopt het risico zelf een monster te worden.

‘Militairen voelen zich zinloos, verraden, schamen zich dat ze burgers hebben geschaad’

Tegenwoordig behandel ik mensen uit alle hoeken van de samenleving:

  • Israëlische militairen
  • Palestijnen die familie, land of ledematen zijn kwijtgeraakt
  • Rechtse kolonisten
  • Mensen die een aanval van Hamas hebben overleefd
  • Ultraorthodoxe Joden
  • Seculiere Israëliërs
  • Mensen die het lijden van anderen ontkennen en mensen die erdoor gevormd zijn

Ik ga niet in discussie over politiek. Ik zit bij ze. Ik luister. Ik behandel.

Na 2014 probeerde ik alles om mijn eigen PTSS te behandelen: EMDR, somatische therapie, speciale trauma-oefeningen. Het hielp wel, maar het raakte de kern niet.

Ik besloot deel te nemen aan een twaalfstappengroep, een therapie die eigenlijk voor verslaving bedoeld is. Daar leerde ik over machteloosheid accepteren en radicale aanvaarding.

Het kantelpunt kwam toen ik zag dat trauma veel lijkt op verslaving:

  • Beide kapen je zenuwstelsel
  • Beide draaien om vermijden en herhalen
  • Beide zorgen dat je van jezelf vervreemdt

Trauma houdt je vast in een vicieuze cirkel van pijn. Daarom werkte het twaalfstappenplan zo goed: ik kreeg steun van een supportgroep, leerde verantwoordelijkheid te nemen en los te laten.

Niet het wegpoetsen van pijn, maar erdoorheen gaan en veranderen.

Herstel van trauma

Herstellen van trauma betekent niet je herinneringen wissen. Het betekent dat je er niet meer door wordt beheerst.

  • Een flashback wordt een herinnering
  • Een litteken wordt een verhaal
  • Een wond wordt een plek om contact te maken

Deze oorlog heeft zoveel oude wonden weer opengemaakt.

Militairen keren terug uit Gaza en worden achtervolgd door wat ze meemaakten. Ze praten over dingen die ze hebben gedaan of niet wilden doen, dingen die ze niet konden stoppen.

Het trauma dat ik nu zie, is complexer dan ooit. Het gaat niet alleen om stress of verlies, het is existentiëler.

Militairen voelen zich zinloos, verraden, schamen zich dat ze burgers hebben geschaad en keren terug naar een samenleving die niet wil luisteren.

Dit is geen trauma van shock, maar van moreel verval.

We zien zelfmoorden, nachtmerries, woede en stilte.

Alleen al het afgelopen jaar behandelde ik meer dan zestig soldaten die iets hebben ervaren wat ik ‘traumatische loskoppeling’ noem.

Het gevoel dat ze niet alleen van zichzelf zijn vervreemd, maar ze vinden ook geen moreel kompas in de samenleving waarnaar ze terugkeren, die ook de weg kwijt is.

De samenwerking met Palestijnse collega’s heeft mij veranderd. Niet omdat ik ineens empathischer werd, maar omdat ik leerde hoe pijn aan beide kanten gelijk is, terwijl macht dat niet is.

Als ik werk met Palestijnen die zijn gemarteld, dierbaren hebben verloren of uit hun huis zijn gezet, zijn het niet alleen cliënten. Ze zijn ook mijn leraren.

Hun waardigheid laat mij zien wat overleven betekent. Hun vergeving heelt delen van mij die ik voor onmogelijk te helen hield.

Ik herinner me dat ik als militair op de Westelijke Jordaanoever grotten verzegelde waar Palestijnse herders leefden. Het werd verboden terrein. Jaren later ging ik terug om die grotten weer te openen en samen onder dezelfde hemel te zitten. Toen begon mijn hart te helen.

Mijn dochter diende als reservist in deze oorlog.

Ze vroeg me: “Als je tegen de oorlog protesteert, protesteer je dan tegen mij?”

Ik zei: “Nee. Ik protesteer tegen wat deze oorlog ons allemaal aandoet. Ik ben niet tegen jou, ik ben voor jouw toekomst.”

Ondanks alles geloof ik nog steeds in een toekomst hier, voor Israëliërs en Palestijnen.

Omdat ik het heb gezien, in kamers waar we samen huilen, in klinieken waar we fluisteren over taalgrenzen heen, in traumagroepen waar iemand zegt wat eigenlijk niet uitgesproken kan worden en toch wordt geaccepteerd.

De verandering gebeurt langzaam, ondergronds. Onder therapeuten, onder jongeren die weigeren te haten, onder mensen die niet langer vragen: “Aan welke kant sta je?”, maar: “Welke pijn draag je?”

Ik weiger mee te doen aan haat. Ik laat niemand los. Ik loop niet weg. Ik open mijn ogen. Want helen begint met kijken.

De waarheid, ook al breekt die je, is de enige basis waarop we iets kunnen opbouwen.

Bio Tuly Flint

Dr. Tuly Flint diende meer dan dertig jaar als soldaat, luitenant-kolonel en geestelijkegezondheidsfunctionaris in het Israëlische leger.

Tegenwoordig is hij vooral bekend vanwege zijn weigering te dienen in het leger tijdens de huidige Gaza-oorlog.

Als vooraanstaand traumatherapeut werkt hij inmiddels over de conflictlijnen heen, samen met geestelijkegezondheidsprofessionals aan beide kanten van het conflict.

Zijn besluit om tijdens de huidige Gaza-oorlog dienst te weigeren als reservist, kostte hem zijn militaire functie.

Voor Flint staat dit verlies symbool voor een diepgaande persoonlijke transformatie:
van militair naar therapeut,
van zwijgen naar getuigen.

Flints positie weerspiegelt een bredere scheuring binnen de Israëlische samenleving.

Volgens de Israëlische krant Haaretz meldden meer dan 100.000 reservisten zich niet voor dienst tijdens de huidige Gaza-oorlog,
de grootste golf van dienstweigering sinds de Libanon-oorlog van 1982.


Tuly Flint. Bron Foto Hadas Itzkovitch en Anya van Lit

Lees ook


Zie ook


Overzicht

Lees alle berichten in deze categorie


Bron: De Morgen

Welkom op Facebook

Welkom op Bluesky

Naar de website


Scroll naar boven