Hoe kom je van een president af als hij niet meer in staat is zijn ambt uit te voeren? Frans Verhagen beschrijft de ontstaansgeschiedenis van het 25ste amendement, dat ten huize van Vance allicht aandachtig wordt bestudeerd.
Frans Verhagen – De Standaard
10 april 2026
Leestijd: 5 min
De geschiedenis en toekomst van
het 25ste amendement
Naarmate president Donald Trump (°1946) wilder en wilder om zich heen slaat en steeds meer bizarre uitspraken doet, horen we vaker over het 25ste amendement van de Amerikaanse grondwet.
Het moet iets van bejaarde presidenten zijn, want ook in het laatste jaar van president Joe Biden (°1942), toen hij steeds labieler oogde en klonk, hoorden we die geluiden.
De cruciale vraag: hoe kom je van een president af die niet meer in staat lijkt te zijn het presidentschap adequaat te vervullen, als de betrokkene zijn eigen toestand ontkent?
De Amerikaanse grondwet heeft de opvolging van een president die zijn ambt niet meer kan uitoefenen in principe geregeld: het presidentschap gaat over op de vicepresident als de president overlijdt, aftreedt of anderszins het ambt niet meer kan vervullen.
Bij dood en aftreden is het eenvoudig, maar de founding fathers hebben geen procedure of mechanisme aangereikt om vast te stellen wanneer een president zijn ambt niet langer kan uitoefenen.
De vraag was ook nog nooit echt aan de orde. Het ernstigste geval van zo’n onmachtige president deed zich voor toen Woodrow Wilson (1913-1921) in oktober 1919 een hersenbloeding kreeg.
Hij hield er een halfzijdige verlamming aan over en was, zeker in de eerste maanden, niet helemaal bij de les.
Zo begonnen de vreemdste zeventien maanden in het Amerikaanse presidentschap. Vanwege de onduidelijkheid van de grondwet kon Wilson zijn ziekte verborgen houden. Hij schrok eenieder die over zijn plaatsvervanger begon, onmiddellijk af.
De leden van zijn kabinet zagen hem niet, first lady Edith Wilson had als enige toegang tot haar echtgenoot. Ze las alle wetsvoorstellen en papieren, legde die zogezegd voor aan Wilson en kwam dan terug met aantekeningen die zijn wensen zouden vertegenwoordigen.
Feitelijk was zij de president. Toen Wilson weer vijf tot tien minuten in redelijke conditie rechtop kon zitten, wist hij een bezoekende senator te overtuigen van zijn capaciteiten. Het maakte een einde aan elke poging hem af te zetten.
Sectie 4
Het geval-Wilson was nog steeds geen voldoende aanleiding om een procedure op te stellen voor toekomstige situaties, net zomin als de hartaanvallen van president Dwight D. Eisenhower (1953-1961).
Bij die laatste nam vicepresident Richard Nixon de taken over en gaf ze terug toen Eisenhower beter was.
Evenmin was er een regeling die voorzag in het benoemen van een vicepresident als die was afgetreden, overleden of als die zijn baas had opgevolgd.
Dat was natuurlijk al een paar keer gebeurd. Harry Truman (1945-1953) werkte tijdens zijn eerste jaren als president zonder vicepresident, zoals ook eerdere presidenten dat hadden gedaan.
Tijdens de Koude Oorlog werd die lacune opeens als een serieus probleem ervaren, en wel heel acuut in november 1963, na de moord op president John F. Kennedy.
Met Lyndon Johnsons aantreden bleef het vicepresidentschap open, maar wat als er ook met hem iets zou gebeuren?
Dan zou een van de bejaarde Congresleiders hem opvolgen en niemand zou hen graag met de nucleaire codes in handen zien.

Zo kwam in 1967 het 25ste amendement tot stand.
Bepaald werd dat het Congres een nieuwe vicepresident benoemt als die post voortijdig vrijkomt.
De nieuwe regel werd meteen gebruikt toen Spiro Agnew, vicepresident onder Nixon (1969-1974), in 1973 moest aftreden wegens corruptie.
De gerespecteerde Republikeinse afgevaardigde Gerald Ford werd vervolgens benoemd, met instemming van beide huizen van het Congres.
Toen Ford in augustus 1974 president werd door Nixons aftreden, droeg hij op zijn beurt John Rockefeller voor.
En aangezien men toch bezig was opvolgingsregelingen te formuleren, maakte men er meteen een om een president af te zetten die zelf niet doorheeft dat hij niet meer in staat is zijn ambt uit te oefenen.
In sectie 4 wordt de complexe procedure beschreven die gevolgd moet worden als de vicepresident en een meerderheid van het kabinet de president niet meer in staat achten zijn werk te doen.
Die constructie is natuurlijk niet vrij van belangenvermenging, omdat de vicepresident mogelijk zelf uit is op het hoogste ambt.
Volgens het amendement moet hij of zij een meerderheid van de ministers overhalen een geschreven verklaring te doen uitgaan waarin staat dat de president niet meer in staat is zijn werk te doen.
Het komt erop neer dat de regering, minus de president, en het Congres samen, met twee tweederdemeerderheden in beide huizen, de president kunnen afzetten.
Duivels dilemma
Volgens verscheidene mensen rondom de regering-Trump is er in 2017 al serieus gepraat over de mogelijkheden van het 25ste amendement.
In de praktijk kwam er niets van, hoewel menigeen twijfelde aan Trumps geestelijke conditie.
Trump kwalificeerde zichzelf als een “buitengewoon stabiel genie” dat meer had bereikt “dan welke president ook”, wat inderdaad de vraag opriep of hij wel goed bij zijn hoofd was.
Maar hem afzetten zou, als dat al zou lukken, ervaren worden als een onaanvaardbare machtsgreep.
Natuurlijk kaartten de Republikeinen in de tweede helft van Bidens ambtstermijn het onderwerp ook aan. De Democraten stonden er niet voor open.
De gedwongen afzetting blijft uiteindelijk een procedure waarbij het Congres de knoop moet doorhakken.
Als vicepresident J.D. Vance de meerderheid van de regering kan overtuigen dat Donald Trump moet worden afgezet, dan is dat wel een heel krachtig signaal dat het land een probleem heeft.
Maar ja, dan moet het Congres beslissen of het Trump wegstuurt, zodat Vance het ambt kan overnemen.
Voor sommige Amerikanen is dat de keuze tussen de pest en cholera.
Misschien liever Trump met een probleem dan een fitte Vance.
Een duivels dilemma waarvoor het 25ste amendement geen oplossing biedt.
Frans Verhagen
Journalist, auteur van onder andere
De Amerikaanse president
Geschiedenis van het machtigste ambt ter wereld


© Tom Brenner/getty
Lees ook
Overzicht
Lees alle berichten in deze categorie
Bron: De Standaard