De Iraanse atoomdreiging die Benjamin Netanyahu en Donald Trump aanvoeren als excuus voor hun bombardementen? Geen enkel bewijs voor, schrijft Ilja Leonard Pfeijffer. Dat het land sinds enkele jaren wél weer uranium verrijkt, is overigens te wijten aan de power moves van datzelfde duo. En Europa? Dat is zijn allerlaatste restje moreel gezag verloren.
Ilja Leonard Pfeijffer – De Morgen
28 juni 2025
Leestijd: 10 min
Het beslissende moment deed zich voor op vrijdag 13 juni jongstleden.
In de vroege ochtenduren van die dag gaf premier Benjamin ‘Bibi’ Netanyahu van Israël het bevel tot het bombarderen van verschillende doelen in Iran.
In de wetenschap dat het regime van Donald Trump de Israëlische aanval niet afkeurde en zelfs toejuichte − zoals negen dagen later bleek, toen Amerikaanse B-2-bommenwerpers ter ondersteuning van het Israëlische offensief bommen van het type GBU-57A/B MOP op doelen in Iran afwierpen −, had Europa zich als enig overgebleven potentiële hoeder van de internationale rechtsorde in de sterkst mogelijke bewoordingen dienen te distantiëren van deze misdadige Israëlische oorlogsdaad.
Omdat de noodzakelijke Europese veroordeling van Israël uitbleef, omdat de ochtend, de middag en de avond van vrijdag 13 juni alsmede alle daaropvolgende dagen verstreken zonder kritische reactie van Europa en omdat regeringsleiders van sommige lidstaten van de Europese Unie en de voorzitster van de Europese Commissie zelfs blijk gaven van begrip en enthousiasme, is de uitkomst van het beslissende moment dat Europa geen enkele aanspraak meer kan maken op enige vorm van moreel gezag, hetgeen de enige vorm van gezag was waarop Europa zich nog met enige goede wil had kunnen beroepen, en dat de internationale rechtsorde definitief tot het verleden behoort.
Het experiment om op de ruïnes van de Tweede Wereldoorlog een mondiale orde vorm te geven die is gebaseerd op recht in plaats van het recht van de sterkste, heeft tachtig jaar hoop verschaft, maar is nu definitief mislukt.
De wetten van de jungle hebben gezegevierd.
Levenslange droom
Deze ultieme Europese nalatigheid bekroont een veel te lange periode van aan medeplichtigheid grenzende afzijdigheid met betrekking tot de Israëlische genocide op het Palestijnse volk.
Maar juist op het moment waarop Europese leiders zich onder de toenemende druk van de publieke opinie te laat en te weifelend bewust begonnen te worden van hun plicht om voor de Palestijnen op te komen, en juist op het moment waarop de conclusies van het onderzoek van Kaja Kallas, de Hoge Vertegenwoordiger van de Unie voor Buitenlandse Zaken en Veiligheidsbeleid, uitlekten, waarin wordt vastgesteld dat Israël de mensenrechtenbepalingen schendt van het associatieverdrag dat het met de Europese Unie heeft afgesloten, vormde dit recente onvermogen om zich uit te spreken voor het internationale recht en de rechtvaardigheid de genadeklap voor de Europese geloofwaardigheid.
Op 24 februari 2022 viel Rusland een soeverein buurland aan en Europa was eensgezind in zijn terechte en scherpe veroordeling van deze daad van agressie.
Dat een vergelijkbare reactie uitbleef toen Israël op 13 juni 2025 een soevereine natie begon te bombarderen, reduceert de Europese solidariteit met Oekraïne in de ogen van de wereld met terugwerkende kracht tot een gênante vertoning van selectieve verontwaardiging.
De rechtvaardiging die Israël aanvoerde voor zijn aanval op Iran, was dat dat land op het punt zou hebben gestaan om een kernbom te ontwikkelen. Daarvoor ontbreekt ieder bewijs.
Het internationaal atoomagentschap IAEA beschouwt Iran als een threshold state met verrijkingscapaciteit maar zonder bewezen intentie om kernwapens te ontwikkelen. De Amerikaanse inlichtingendienst deelt deze conclusie.
Het experiment van na WO II heeft tachtig jaar hoop verschaft, maar is nu definitief mislukt. De wetten van de jungle hebben gezegevierd
Dat deze zogenaamde dreiging niets meer is dan een geforceerd excuus, blijkt uit het feit dat Netanyahu ditzelfde excuus al vele malen eerder heeft aangevoerd.
- Al in 1992 waarschuwde hij dat Iran ‘binnen drie tot vijf jaar’ de beschikking zou hebben over een kernwapen.
- In 1995 was die periode nog steeds even lang.
- In 2007 en in 2008 noemde hij de Iraanse nucleaire ambities de grootste bedreiging voor de wereldvrede.
Tijdens een toespraak tijdens de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 28 september 2012 zei hij dat Iran ‘slechts een paar maanden en wellicht slechts een paar weken’ verwijderd was van zijn eerste kernbom.
Toen hij het Amerikaanse Congres toesprak op 3 maart 2015 was Iran wederom of nog steeds ‘enkele weken’ verwijderd van de ontwikkeling van een nucleair wapen.
Op 14 juli 2015 werd het Atoomakkoord (JCPOA) ondertekend met Iran dat het atoomprogramma van het land aan beperkingen en controles onderwierp en dat de inspecteurs van de International Atomic Energy Agency (IAEA) toegang verschafte tot de nucleaire faciliteiten.
Hoewel Iran het akkoord in grote lijnen respecteerde, werd het in mei 2018 door Trump opgezegd. Dit gebeurde op aandringen van Netanyahu, die liever wilde dat Iran zijn atoomprogramma ongecontroleerd voortzette dan dat hij zich beroofd zag van redenen om het land te demoniseren als aartsvijand van Israël en de wereld.
Dat de veronderstelde urgente nucleaire dreiging niet de ware reden vormt voor Netanyahu’s beslissing om het land aan te vallen, blijkt eveneens uit het feit dat hij dit besluit al had genomen lang voordat het gevaar zo groot kon zijn als hij nu zegt dat het is.
De Washington Post onthulde op grond van informatie die de krant heeft verkregen van Israëlische en Amerikaanse functionarissen dat hij het besluit tot de aanval al in 2024 had genomen en dat hij sindsdien werkte aan het verkrijgen van Amerikaanse steun voor dit plan.
Vorig jaar al was het zijn voornemen om de rapportage van de IAEA, die voor het begin van deze zomer was aangekondigd, als voorwendsel te gebruiken voor de bombardementen.
Zijn animositeit jegens de islamitische republiek en zijn recente besluit om zijn levenslang gekoesterde droom waar te maken en het land daadwerkelijk de oorlog te verklaren, zijn ingegeven door overwegingen van persoonlijk politiek gewin.
Al twintig jaar is de veronderstelde Iraanse dreiging zijn politieke troefkaart.
Als premier in oorlogstijd is hij zo goed als onaantastbaar en gevrijwaard van vervolging in de corruptiezaken die tegen hem lopen.
Door Iran als een mondiale bedreiging af te schilderen en aan te vallen, hoopt hij de aandacht van de wereld af te leiden van de genocide in de Palestijnse gebieden.
De rol die Donald Trump zichzelf heeft toebedeeld in de oorlog van Israël met Iran, kan het effectiefst worden geduid vanuit het perspectief van zijn infantiele ijdelheid
Er is daarentegen één land in het Midden-Oosten dat anders dan Iran wel in het geniep een nucleair arsenaal heeft ontwikkeld, dat zich anders dan Iran aan iedere vorm van internationale inspectie en controle heeft onttrokken en dat het non-proliferatieverdrag niet eens onderschrijft.
Dat land is Israël.
Het regime van een apartheidsstaat dat zich schuldig maakt aan genocide en dat de beschikking heeft over kernwapens, die in weerwil van internationale afspraken zijn ontwikkeld, valt om de aandacht van die genocide af te leiden een soeverein land aan met het excuus dat het in weerwil van internationale afspraken kernwapens aan het ontwikkelen zou zijn, waarvoor geen bewijs bestaat.
Dat is de situatie.
Dat is de misdaad die Europa weigert te veroordelen.
Dat de leiders van Iran ook geen lekkere jongens zijn en dat de Iraanse bevolking onderdrukt wordt door een theocratische dictatuur, is uiterst betreurenswaardig maar in deze context irrelevant.
Wat Europa had moeten beschermen, was niet het Iraanse regime maar de internationale rechtsorde.
De rol die Donald Trump zichzelf heeft toebedeeld in de oorlog van Israël met Iran, kan het effectiefst worden geduid vanuit het perspectief van zijn infantiele ijdelheid.
Hij is in principe tegen oorlog, niet omdat hij een goed en vreedzaam mens zou zijn, maar omdat zijn achterban en de ideologen van zijn beweging die de grootsheid van Amerika propageert verregaand isolationisme bepleiten en vooral omdat hij zijn zinnen heeft gezet op de Nobelprijs voor de Vrede, die hij per se wil hebben omdat Barack Obama die ook kreeg.
Maar toen hij zag dat het Israëlische offensief als succesvol werd beschouwd en dat Netanyahu zichzelf de verdienste dreigde toe te eigenen van de neutralisatie van een schurkenstaat, liet hij zijn Stealth bommenwerpers gauw hun duit in het zakje doen om vervolgens triomfantelijk te verklaren dat geen enkel leger ter wereld in staat is om te doen wat Amerika zojuist had gedaan.
Om zijn Nobelprijs veilig te stellen, kondigde hij onmiddellijk daarna een wapenstilstand af en begon hij berichten over de Nobelprijs op zijn sociale media te delen.
Het feit dat noch Israël noch Iran zijn wapenstilstand aanvankelijk respecteerde, ontlokte hem een woedende reactie, waarmee hij de eerste Amerikaanse president in de geschiedenis werd die het woord ‘fuck’ in het openbaar uitsprak.
Taboe
De Europese machteloosheid komt voort uit verdeeldheid, zoals altijd.
Er zijn deelstaten van de Unie, zoals Spanje en Ierland, die de moed opbrengen om kritisch te zijn op Israël, maar de noodzakelijke ferme gezamenlijke stellingname wordt niet alleen gefrustreerd door landen met extreemrechtse regeringen, zoals Hongarije, Italië en Nederland, maar vooral ook door Duitsland.
Vanwege de historische Duitse schuld aan het Joodse volk, is het voortbestaan van Israël verheven tot de Staatsräson van de naoorlogse Bondsrepubliek.
Iedere vorm van kritiek op Israël is er tot op de dag van vandaag taboe. Er valt niet eens te praten over de gedachte dat het niet antisemitisch is om kritiek te uiten op het misdadige regime van Israël noch over het feit dat een groot deel van de Joodse bevolking van Israël deze kritiek deelt.
Terwijl Spanje erop aandrong om conclusies te verbinden aan de uitkomsten van het onderzoek van Kallas, verklaarde bondskanselier Friedrich Merz beslist dat het wat hem betreft uitgesloten was om aan het associatieverdrag te tornen. Zijn reactie op de Israëlische bombardementen op Iran was lovend.
“Zij knappen het vuile werk voor ons op”, zei hij.
Dat de president van de Europese Commissie Ursula von der Leyen een Duitse nationaliteit en achtergrond heeft, verklaart dat ook zij gelooft in het Duitse dogma dat Israël onder alle omstandigheden onze onvoorwaardelijke steun verdient.
Hoewel we begrip en respect kunnen hebben voor het feit dat Duitsland zich bewust is van een historische ereschuld, leidt het taboe op kritiek op Israël de facto tot steun aan een regime dat dezelfde misdaden begaat die de Duitse schaamte voeden.
Nu de Verenigde Staten geen waarde meer hechten aan een wereldorde die op regels is gebaseerd, had Europa de kans en de plicht om zich op te werpen als hoeder van de internationale rechtsorde.
Maar Europa heeft die kans laten voorbijgaan en die plicht verzaakt, waarmee het zijn geloofwaardigheid heeft verspeeld voor de wereld en voor de geschiedenis.

Rebecca Fertinel, Getty Images
Lees ook
Klik op de hyperlinks hieronder
en vind andere berichten van
Bron: De Morgen