Sacha Bronwasser – Topfavoriet voor de Libris Literatuurprijs

Bronwasser

Op haar 20ste werkte ze als au pair in Parijs, nu is ze 55 en bestsellerauteur in Nederland. Met Luister, haar ingenieuze roman over de Parijse jaren 80, is Sacha Bronwasser topfavoriet voor de Libris Literatuurprijs.
‘Ik schrijf geen autobio­grafische boeken. Dat vind ik niet interessant.’

Dirk Leyman – De Morgen


“Ik ben een zij-instromer in de literatuur”, zo typeert Sacha Bronwasser (55) zichzelf flegmatiek.

Een literaire slow burner ook. Want sinds de verschijning van haar Parijse ‘au-pairroman’ Luister in februari 2023 is ze niet meer uit de lezersgunst weg te slaan.

Ze verpulvert Nederlandse verkooprecords en ontving honneurs van Ilja Leonard Pfeijffer. Met het ingenieus gecomponeerde boek is ze nu de uitgesproken favoriet voor de Libris Literatuurprijs.

“Nu wil ik Vlaanderen veroveren”, klinkt het kordaat. “Jullie blijven nog wat achter.”

Bronwasser blaakt van zelfvertrouwen. Maar naast haar schoenen lopen?

“Ben je gek? Een vrouw van 55 jaar. Dat lijkt me voor de media nu niet zo’n spannende ontdekking, toch? (lacht)”

Meer dan twintig jaar schreef de kunsthistorica voor de Volkskrant over hedendaagse kunst. Tot ze op een zaterdagochtend in 2018 bruusk wakker schoot, na een vooruitwijzende droom.

“Ik voelde me raar opgelucht. Ik droomde dat ik ermee stopte en het niet meer hoefde. Het gaf me een immens gevoel van vrijheid.”

De journalistiek bracht haar oneindig veel, benadrukt ze in de stemmige Amsterdamse kantoren van haar uitgever Ambo/Anthos in Amsterdam, waar eindeloze boekenrekken de werkruimtes compartimenteren.

“Maar ik nam mijn droom serieus. Ik was bijna 50 jaar. Wilde ik nog tien jaar op hetzelfde stramien verder?

“Ik proefde ruimte voor nieuwe avonturen.”

Die avonturen beleefde ze in haar hoofd, ijverig aan haar schrijftafel in de Noord-Hollandse kustgemeente Castricum.

Bio

  • Geboren op 24 december 1968 in Rijswijk
  • Curator, spreker en schrijver
  • Studeerde kunstgeschiedenis in Amsterdam
  • Werkte rond haar twintigste een tijd als au pair in Parijs
  • Schreef twintig jaar lang als ­kunstcriticus voor de Volkskrant
  • Debuteerde in 2019 als romanschrijver met Niets is gelogen
  • In 2023 verscheen de roman Luister, waarmee ze nu in de running is voor de Libris Literatuurprijs

“Na mijn afscheid van de Volkskrant raakte ik met Ambo/Anthos is gesprek over een journalistiek boek over kunstverzamelaars.

“Toen bedacht ik dat ik nog notities had over een bijna noodlottige situatie in een restaurant in Kortrijk, na een vernissage waar ik als kunstjournalist bij was.”

Dat werd haar debuut Niets is gelogen (2019), waarin het idee van het feilbare geheugen leidend is.

“Het kreeg goede kritieken. Maar toen kwam corona opduiken. Hup, alle lezingen weg. Sneu. De roman viel dood.”

Hoe anders liep het met Luister, dat intussen 80.000 maal over de toonbank ging.

Inventief, spannend en meeslepend, neergezet in een kristalheldere stijl vol zintuiglijke beelden: de tweede roman van Sacha Bronwasser bleek een openbaring.

Soms ongemakkelijk stemmend verteld door Marie, die in de grimmige eighties au pair was bij de familie van Laurence en Philippe Lambert in Parijs, ook toen een stad getroffen door terreur.

Dan is het 2021 en blikt ze ook terug op ontwrichtende gebeurtenissen met haar fotografiedocente Flo.

“Onze geschiedenis was een steentje in mijn schoen dat ik negeerde.”

Luister is een pageturner met diepgang, over kijken en bekeken worden, over subtiel machtsmisbruik, over Parijs en over angst, fysieke én mentale terreur.

Helemaal anders dan W.F. HermansAu pair, waar ze weleens naar knipoogt.

“Toen het af was, wist ik: dit is een goed boek”, zegt Bronwasser.

“Dat moest de rest van de wereld ook nog vinden.”

Bezorgt die Libris-nominatie u extra stress? Meestal wint niet de roman die in de verkoop al lekker loopt.

“Alles wat me met dit boek overkomt, vind ik prima. Zo ben ik nu net genomineerd voor de Inktaap. Ook heel fijn, want zo heb je een directe ingang tot de scholierenwereld.

“Maar stress? Nee, echt niet. Ik heb ervaring met hoe recensies en jury’s werken in de kunstwereld, dat heeft me stoïcijns gemaakt.

“Ik laat me, als late debutant, niet gauw het hoofd op hol brengen. Blijft het bij de nominatie? Ook goed.

“Wel is er nu sprake van filmrechten en zijn er enkele vertalingen verkocht. Het kan toch niet mooier gaan, hè.

“Wat ik wel ingewikkeld vind: nu word ik overal als bestsellerschrijver opgevoerd. Sommige mensen zijn daardoor argwanend. Je wordt wat neerbuigend bekeken.”

Je ziet dat verschijnsel ook met Herman Koch, een collega van u bij Ambo/Anthos. Die wordt zelfs nooit meer genomineerd.

“Ik zou het jammer vinden om alleen in het hoekje ‘succesauteur’ te worden geparkeerd.

“Iemand schreef me: ‘Ik ben je boek toch gaan lezen, ondanks het feit dat het een bestseller is. En ik was verbaasd hoe goed het was.’

“Wat te doen als het publiek je omarmt? Dat is het Elvis Presley-argument: fifty million Elvis fans can’t be wrong.

“Staat verkoopsucces kwaliteit of gelaagdheid in de weg? Ik trek me gewoon weinig aan van genres. Toch is dit boek geen people pleaser, er zitten kunstreferenties en meerdere tijdlagen in.”

Voor u aan Luister begon, zou u een boek schrijven dat zich in een fictief postcommunistisch land in Oost-Europa afspeelde. U stond vertrekkensklaar naar Bulgarije, Roemenië en Georgië, las ik. Ook daar stak corona een stokje voor?

“Meer zelfs, ik had de roman al voor een deel geschreven, maar door corona kon ik inderdaad mijn research niet afronden. Daardoor bleef mijn hoofdpersonage van bordkarton. Want ook een fictievlam moet geloofwaardig branden, je mag geen levenloze constructie lezen. Ik was gefrustreerd.

“Toen dacht ik: ‘Waarom schrijf je niet over het Parijs van de jaren 1980?’ Die setting kende ik, ik was er toen au pair rond mijn twintigste.

“Het gevoel van zo’n eenzaam baantje in zo’n metropool, dat was me vertrouwd.”

‘Je leert als au pair een familie tot op het niveau van de bedden­lakens kennen. Letterlijk. Maar voor Parijzenaren zijn au pairs de gewoonste zaak van de wereld.’ Beeld Hilde Harshagen
Dat ontheemde gevoel stopte u in het personage van de mistroostige Marie, die zich tot haar voormalige fotografiedocente Flo richt. En nu eindelijk van zich gaat afbijten.

“Ik wilde iets doen met coming-of-age, omdat ik ook zag hoe jonge mensen – mijn kinderen waren toen beiden begin de twintig – worstelden met dat isolement tijdens de pandemie.

“Ze misten zoveel, ze stonden stil, ze kon niet op reis en hun sociale leven was minimaal. Hartverscheurend vond ik het.

“Voor mij was in mijn eentje naar Parijs trekken heel vormend en bepalend. En in dat decor plaatste ik Marie, om over volwassen worden na te denken. Zo kon ik voort.”

Au pair is een beroep met een hoge mate van onzichtbaarheid. Tegelijk ben je onmisbaar en zie je zélf alles, in de intimiteit van zo’n gezin.

“Het is een intrigerend perspectief. Je leert een familie tot op het niveau van de beddenlakens kennen, ja. Letterlijk, want je wordt voor veel huishoudelijke taken ingeschakeld.

“Toch ben je overduidelijk geen gezinslid, terwijl je wel die volledige, verantwoordelijke taak voor de kinderen hebt. En dan die angst als er eens eentje wegloopt… zoals in Luister gebeurt.

“Maar voor Parijzenaren zijn au pairs de gewoonste zaak van de wereld.”

Soms zie je ze zitten in de Parijse parken, een beetje treurig kijkend, terwijl ze de kinderen in de gaten houden. Er slaat vaak iets eenzaams van af.

“Ja, klopt. Juist die eenzaamheid wilde ik zelf nog een keer ervaren.

“Daarom ben ik weer een maand alleen in Parijs gaan wonen, familie of vrienden mochten niet op bezoek.

“Ik wou de eenzaamheid van het personage Marie weer aan den lijve ondervinden. Dat gevoel kennen jongeren van nu niet meer.

“Ze reizen vaker, maar zijn nooit meer echt weg. Ze liggen voortdurend via de telefoon aan het infuus van hun ouders en hun vrienden.”

In Luister lezen we ook hoe een au pair een speelbal wordt van de spanningen in een gezin, zoals hier met de angstige Philippe en zijn kille vrouw Laurence. Het is een beroep met weinig bescherming?

“Au pair zijn in Parijs is lang niet meer zo populair als in de jaren 80 en 90. Nu worden kindermeisjes nog slechter behandeld en uit de buitenwijken gerekruteerd. Ze hebben ook geen rechten.

“Wellicht was het in mijn tijd nog best goed geregeld. Je kreeg een taalcursus, er waren salarisafspraken…

“Voor een vrij miezerig baantje bleken de condities best oké en ‘mijn’ gezin was dat ook. Ik heb het me absoluut niet beklaagd. Het heeft me alles gebracht.

“Ik leerde goed Frans en het gaf me zelfvertrouwen. Ik leerde om me in zo’n grote, heftige stad staande te houden. Als je dat eenmaal kunt, dan lukt het je ook in São Paulo of Peking.”

Waarom maakt u in Luister zulke forse hinkstapsprongen door diverse tijdvakken, met drie centrale personages: Marie, Flo en Philippe?

“Ik wist snel dat het boek Luister zou heten, en dat Marie haar verhaal kwijt moest.

“Ik dacht eerst aan een boek in brieven. Omdat ik toen zelf veel brieven schreef. Helaas vond ik ze bij het teruglezen best knullig en naïef.

“Vandaar dat ik haar vanuit het heden gewoon laat spreken tot Flo, met wie ze een appeltje te schillen heeft en die haar in het verleden iets heeft aangedaan.

Flo komt bovendrijven in de actualiteit, uit het Parijs van de aanslagen van 2015. En hoe kon ik het verleden met het heden verbinden? Door de persoon van Philippe.”

U zet de lezer regelmatig op het verkeerde been. Zoals bij de intrigerende, hoogst nerveuze Philippe. U laat ons eerst vermoeden dat hij het seksueel gemunt heeft op Marie?

(schalks) “Zo’n vader van een au-pairgezin, lijkt die niet bij voorbaat een beetje verdacht? Het is bekend dat er weleens grensoverschrijdend gedrag plaatsvindt in de familieatmosfeer.

“Op mijn taalcursus kwam de ene na de andere au pair getuigen hoe ze van gezin moesten wisselen omdat daar onfrisse zaken gebeurden. Niet altijd met de man des huizes, soms ook met andere familieleden.

“Toch dacht ik: laat ik dat niet uitwerken als een misbruiksituatie, dat is al te gemakkelijk. Zoals ik dat ook bij kunstdocente Flo niet een-op-een doe.

“Wat Philippe drijft, is niet de lust naar het meisje. Hij wordt voortgestuwd door angst. Hij gaat juist correct om met Marie, en ook met Eloïse, hun eerdere au pair.”

Philippe gaat haar wel bespieden en achtervolgen, toch?

Philippe bezit een vreemde gave. Hij kan in zekere mate vooruitkijken.

“Daarom achtervolgt hij Eloïse door de hele stad. Uit bekommernis, om haar te beschermen tegen gevaar.

“We vergeten hoezeer het Parijs van de jaren 80 regelmatig geteisterd werd door aanslagen (onder meer geplaagd door de radicaal-islamistische Fouad Ali Saleh-groep, red.).

“De dreiging, de alomtegenwoordige politie, de weggehaalde vuilnisbakken, de achtergelaten rugzakken…

“Die terreur was alomtegenwoordig en de stad een stuk groezeliger.

“En oké, een schrijver moet uitkijken met helderziendheid, net als bepaalde sciencefiction trucs. Maar Philippe is geketend door zijn dwang. Voorkennis is zijn doem.”

Via de gave van Philippe linkt Bronwasser de Parijse aanslagen uit de jaren tachtig – onder andere op het warenhuis Tati − met de IS-terreur van vrijdag 13 november 2015, op de terrassen van het tiende en elfde arrondissement.

Maar in Luister staan bijvoorbeeld niet de 89 slachtoffers in de Bataclan centraal.

Wél werkt Bronwasser toe naar de bijna vergeten, zesde aanval op brasserie Comptoir Voltaire, waar de dader alleen zichzelf opblies, en wel een aantal mensen verwondde maar geen dodelijke slachtoffers maakte.

Een gewiekst spel met werkelijkheid en fictie, zo blijkt uit het feit dat ze zelfs de huidige naam meegeeft van het etablissement: Les Ogres.

“Aanslagen op vrijdag de dertiende, wat een levensgroot cliché eigenlijk”, zucht ze.

“Maar met de ravage in de Bataclan wilde ik niet aan de slag. Daar is al zoveel over geschreven. Het ging me absoluut niet over sensatie.

“In september 2021 heb ik alle locaties van de aanslagen nagelopen. Het leek me een uitdaging om over de minst zichtbare attaque te schrijven.”

Parijs blijft hoe dan ook een erg dankbaar, onuitputtelijk decor om over te schrijven. Het valt op hoe behendig u de paden van het voorgekauwde, elegante Parijs links laat liggen.

“Mijn redacteur zei me: wees niet bang om over Parijs te schrijven, er verschijnen toch ook nog steeds boeken over de liefde of over de Tweede Wereldoorlog?

“Parijs is glad ijs, dat besef ik. Maar ik vermijd inderdaad het toeristische Parijs en de valse romantiek, vandaar dat ik liever twee papieren metrokaartjes op de cover had dan wéér een Eiffeltoren.

“Als je de Disney-versie van Parijs zoekt, kijk dan maar naar Emily in Paris.

“Maar in mijn Parijs is het een opgave om je overeind te houden, terwijl die schoonheid er ook is, tuurlijk!

“Maar wie denkt: ‘Ah, fijn boek over Parijs!’, komt toch enigszins van een koude kermis thuis. Anderzijds krijg je hopelijk wel een waarachtig beeld van de stad in die tijd, vol treffende details.”

‘Ik vermijd het toeristische Parijs en de valse romantiek. Vandaar de twee metrokaartjes op de cover en niet weer de Eiffeltoren.’ Beeld Hilde Harshagen
‘Hoe makkelijk was het voor Bronwasser geweest om voor de zoveelste keer een Frans bourgeois gezin in hun arrogantie en benepenheid te kakken te zetten. Of om kunstacademies weer eens te bespotten. En om ‘au pairs’ weer eens slachtoffer te maken van onwetendheid’, schreef criticus Kees ’t Hart in De Groene Amsterdammer. Dat doet u inderdaad niet. Luister is een genuanceerde roman, zonder dat activistische tintje dat tegenwoordig zo in de mode is.

“Ik schreef dit boek toen de discussies over grensoverschrijdend gedrag in Nederland volop woedden.

“Er waren verontrustende verhalen over docenten op theateropleidingen, kunstacademies enzovoort.

“Zelf volgde ik ooit kort een opleiding grafische vormgeving en heb ik op de Rietveld Academie gewerkt.

“Ik werd niet direct met machtsmisbruik geconfronteerd. Wel met de spanning die op die opleidingen heerste.

“Op een kunstacademie moet je in jezelf spitten. Alles wat je maakte, kwam metersdiep uit jezelf.

“Wie ben je? Wat maak je? En waarom? Vervolgens werd je werk en plein public besproken.

“Het ‘afbreken en weer opbouwen’ was toen een beproefde didactische tactiek. Helemaal voorbijgestreefd nu, het zou ook niet meer gepikt worden.

“Studenten zijn mondiger, er zijn protocollen en procedures…

“Maar nu zeggen ze wel bij de minste kritiek: onveilig. De slinger slaat door.

“En omdat het thema behoorlijk ingewikkeld is, wilde ik absoluut geen oordelend boek. Het is een roman, geen pamflet.”

Meer zelfs: in Luister is het geen mannelijke docent die misbruik maakt van zijn positie maar wel de tien jaar oudere docente en kunstenares Flo, die Marie gewiekst voor haar kar spant.

“Het leek me interessanter om een vrouw op te voeren die haar macht over Marie misbruikt, en niet opnieuw de zoveelste mannelijke docent.

“Wat Flo doet met Marie is verzonnen, maar wel plausibel, denk ik.

“Hoe werkt zo’n machtsverhouding? Waarom ziet ze het niet aankomen?

Marie wordt stap voor stap meegetrokken in de kringen rond Flo. De flamboyante Flo maakt haar groter, geeft haar waarde, waardoor Marie gevleid is. Ze heeft niet in de gaten dat ze intussen volledig gemanipuleerd wordt.”

U speelt volop met die ambiguïteit? Flo’s charisma zet u dik aan: ‘Je was ontegenzeggelijk een goede docent’, zegt Marie.

Marie schaamt zich dat ze er zo is ingetuind. Waarna ze haar opleiding bruusk stopt en naar Parijs gaat, om alles achter zich te laten.

“Maar Flo’s charisma is larger than life. Manipulatie in de kunstwereld is geen nieuw fenomeen.

“Precies daarom maak ik van Flo in Luister een fotografe. Er is altijd die inherente machtsverhouding tussen de fotograaf en de gefotografeerde.

“In sommige culturen staat het nemen van een foto gelijk aan het stelen van de ziel.

“Een foto nemen is ‘vraatzuchtig’, citeert Flo filosoof Roland Barthes. Maar zelfs dan snapt Marie het niet.

“Kijk maar naar Andy Warhol, die telefoon gesprekken opnam in The Factory en jonge mensen deel liet uitmaken van een wereld waaraan ze kapot gingen.

“Achteraf is het makkelijk het complete plaatje te zien. En je af te vragen: waarom heeft hij of zij niet sneller gereageerd? Waarom is die vrouw niet sneller weggelopen?

“Maar als iemand in een subtiele misbruik situatie zit, is dat overzicht er helemaal niet.”

U lijkt sterk getriggerd door agressie en geweld. Klein, bijna discreet geweld in de intermenselijke verhoudingen maar ook grootscheeps geweld in de openbare ruimte. Waar komt dat vandaan, denkt u?

“Geen idee, eigenlijk. Ik heb ook geen trauma’s te verwerken, kom uit een stabiel gezin en had geen ambitie om van Luister een thriller te maken. Dat is het ook niet, toch?

“Maar toen ik me in die jaren 80 verdiepte, verbaasde ik me erover hoe systematisch en wijdverbreid het geweld en het terrorisme toen waren. Zelfs dodelijker dan nu, zo wijzen studies uit.

“Het aantal slachtoffers van terreuracties is afgenomen. Terrorisme bleek een goede spiegel voor het kleine intermenselijke geweld, dat sluipenderwijs toeslaat.

“Wanneer Marie poseert voor een foto, zegt Flo: ‘Ik denk dat je nog wat puppyvet kwijt moet.’

“Ze raakt haar gezicht aan, alsof ze het wil kneden. Ik vind dat grensoverschrijdend. Dat onderhuidse, bijna banale geweld wilde ik ook tonen.”

Het publieke geweld in Luister heeft iets willekeurigs. Het drijft op het onverwachte, op angst en paniek zaaien. Precies wat terrorisme tegenwoordig doet. Alles kan een doelwit zijn.

“Bij aanslagen op openbare plekken overheerst de willekeur van het doelwit.

“Het vreemde is ook, omdat er relatief weinig bewegende beelden zijn van de Parijse aanslagen uit de jaren 80, dat de terreurdaden langzaam uit ons collectief geheugen zijn gegleden.

“9/11 was uiteraard een keerpunt, van moment tot moment, van minuut tot minuut konden we alles volgen, niet eens door mobiele telefoons maar vastgelegd door cameraatjes.

“Terroristen willen maximale aandacht. Of zoals het in Luister ergens staat:

‘Alsof de aanslagplegers met hun beraming tegelijk the making of hebben ingepland.’”

Deze zomer vinden in Frankrijk de Olympische Spelen plaats. Iedereen gaat er haast van uit dat er een aanslag komt?

“Het is een uiterst gevaarlijk moment. Frankrijk is altijd kwetsbaar geweest voor terrorisme, een direct gevolg van Franse inmenging en troepen machten, in Algerije, Irak, noem maar op.

“Dat komt ooit terug, als een boemerang.

“Hetzelfde met de buitgemaakte koloniën, dat speelt mee. ‘Wij zijn hier terug omdat jullie toen bij ons waren.’

“Het is naïef om je daarover te verbazen.”

Luister beroert op uiterst vloeiende wijze veel thema’s. Maar critici komen ook superlatieven tekort om de stijl van Bronwasser het zwerk in te prijzen.

Stuwend, helder en pienter, afkomstig van een schrijfster die zeer aandachtig kan observeren, haast volgens de vuistregels van haar hoofdpersonage Flo:

“Wie ziet kan vertellen. En wie vertelt legt vast. We hebben de taal nodig om onze ogen te helpen.”

Haar vertelvermogen is van een benijdenswaardige souplesse, vol beelden die ze met de precisie van een etsnaald op je netvlies grift.

“Ik heb geen potje met pasklare metaforen klaar zitten, mocht je dat denken”, wuift Bronwasser de complimenten weg.

“Ik probeer oplettend te kijken. Ik stel me gewoon voor hoe iets eruitziet.”

Bronwasser beleeft een creatieve explosie. Ze denkt dat ze nog veel boeken in zich heeft.

Dit najaar verschijnt de verhalenbundel De lotgevallen, waarin een aantal personages uit Luister een tweede leven krijgen.

“Dat is een kleine obsessie van mij: hoe een minimale gebeurtenis je leven en zelfs de geschiedenis kan veranderen.

“In elk verhaal speelt een kunstwerk een rol, als motor voor fictie.”

“Dat fictie me zo bleek te liggen was een onwaarschijnlijke ontdekking”, zegt ze met een lichte blos op de wangen, nog even bevlogen na bijna twee uur interview.

“Dat is een bron die nooit meer opdroogt. Ik baseer me wel eens op een autobiografisch gegeven, maar ik schrijf geen autobiografische boeken. Daar heb ik geen zin in, vind ik niet interessant. Ik ken mijn leven. (lacht) Het stopt niet bij mezelf.

“Heel veel jonge schrijvers bedrijven nu autofictie. Maar de verbeelding heeft zoveel te bieden.

“Wat ben ik blij dat ik pas nu – op mijn vijfenvijftigste − in mijn schrijfkamer zit.”

‘Studenten zijn mondiger dan vroeger, maar nu zeggen ze bij de minste kritiek: onveilig’: Sacha Bronwasser over au pairs, terreur en haar late roeping als fictieschrijver
Luister

Sacha Bronwasser over haar roman ‘Luister’: ‘Terrorisme blijkt een goede spiegel voor het kleine intermenselijke geweld.’
Beeld Hilde Harshagen

Bron: De Morgen

Welkom op Facebook

Naar de website


Scroll naar boven