Vanaf 12 juni moet het Europese Asiel- en Migratiepact orde scheppen in een vastgelopen systeem. Maar nog voor de invoering wringt het: wie draagt de lasten en wie toont solidariteit? ‘Europa schuift in hoog tempo op in de richting van wat Trump in de VS doet.’
Kamiel Vermeylen – Knack
9 juni 2026
Leestijd: 6 min
Het doel
Een snellere aanpak
Op 12 juni treedt het Europese Asiel- en Migratiepact in werking.
Dat moet het begin markeren van een strengere, snellere en meer uniforme Europese aanpak.
De EU bereikte in mei 2024 een akkoord over het dossier, na liefst acht jaar onderhandelen. Het was geen eenvoudig compromis.
In Europa zijn er grofweg drie soorten lidstaten:
- Landen waar asielzoekers aankomen
- Landen waar ze vaak naartoe trekken
- Landen die nauwelijks asielzoekers ontvangen – en dat graag zo houden
Het pact kon dan ook moeilijk anders dan twee doelstellingen combineren:
- Meer verantwoordelijkheid voor de lidstaten aan de buitengrenzen
- Meer solidariteit van de overige lidstaten
Nieuw
De pre-toegangsfase
Het pact introduceert een pre-toegangsfase.
Wanneer migranten aankomen aan de buitengrens – over land, via de kust of op luchthavens – worden ze niet formeel tot het grondgebied toegelaten.
Met die procedure, gecombineerd met detentie aan de buitengrenzen, wil Europa voorkomen dat asielzoekers doorreizen voordat hun dossier is afgehandeld.
Tegelijk moet ze een snellere terugkeer mogelijk maken na een negatieve beslissing.
In deze fase worden identiteit, gezondheid, kwetsbaarheid en eventuele veiligheidsrisico’s gescreend.
Die screening moet binnen een week zijn afgerond.
De grensprocedure
Bij misleiding, veiligheidsrisico’s
en lage erkenningskans
Na de pre-toegangsfase kan een asielzoeker in een grensprocedure terechtkomen, bijvoorbeeld wanneer hij of zij de autoriteiten misleidt, een veiligheidsrisico vormt of afkomstig is uit een land met een lage erkenningsgraad.
Van de asielzoekers uit Irak of Rusland werd vorig jaar bijvoorbeeld minder dan 20 procent erkend in alle EU-lidstaten samen.
Momenteel vallen 118 landen onder die drempel.
Tijdens de grensprocedure, die in principe maximaal twaalf weken mag duren, is detentie – in het pact ‘bewaring’ genoemd – mogelijk.
De autoriteiten moeten die maatregel wel telkens individueel motiveren.
Thomas Willekens van Vluchtelingenwerk Vlaanderen ziet gevaren.
‘Wat betekent misleiden?
Wanneer vormt iemand een veiligheidsrisico?
En hoe individueel zal de motivering voor detentie daadwerkelijk zijn?’
Alleen screening aan de grenzen?
Niet alle migranten worden aan de buiten grenzen opgemerkt. Maar ook derdelanders zonder geldige verblijfsstatus die verderop worden opgemerkt of asiel aanvragen, moeten een screening ondergaan.
Als de betrokkene asiel aanvraagt, zijn er twee mogelijkheden:
- de gewone asielprocedure van een half jaar
- of een versnelde asielprocedure – die laatste opnieuw als de erkenningsgraad onder de 20 procent ligt.
De versnelde weg mag twaalf weken duren. Dat is de helft korter dan de gewone, onder meer omdat de beroepstermijn van 30 naar 10 dagen slinkt.
Voorwaarde is dat de autoriteiten binnen de termijn van 12 weken blijven. Voldoende overheidspersoneel is dus belangrijk.
2,5 jaar detentie mogelijk
De EU wil zo al aan de buitengrens een doortastende schifting maken.
Wie in de grensprocedure wordt afgewezen en geen recht meer heeft om te blijven, kan vervolgens in een terugkeergrensprocedure terechtkomen.
Ook die mag maximaal 12 weken duren, en ook daarbij is detentie mogelijk.
Daar blijft het niet bij.
Als de terugkeergrensprocedure niet tijdig wordt afgerond, bijvoorbeeld omdat het land van herkomst niet meewerkt, komt de afgewezen asielzoeker terecht in de reguliere terugkeerprocedure.
Ook die wordt door de EU grondig aangescherpt. Daardoor dreigt het mogelijk te worden dat afgewezen asielzoekers tot tweeënhalf jaar worden vastgehouden, waarschuwen middenveldorganisaties.
Vermindert het pact de willekeur?
Het pact moet er ook voor zorgen dat lidstaten asielaanvragen op een meer uniforme manier beoordelen.
Tot nu toe gebeurde dat via een Europese richtlijn die de lidstaten veel interpretatieruimte liet. Met alle gevolgen van dien.
In Bulgarije kreeg in 2025 slechts 6 procent van de Afghaanse asielzoekers internationale bescherming na een eerste aanvraag, tegenover 45 procent in België en zelfs 97 procent in Griekenland.
Die verschillen moeten kleiner worden.
De bedoeling is dat ‘asielshoppen’ minder aantrekkelijk wordt.
Ook na erkenning wil de EU de versnippering tegengaan.
Het pact voorziet in meer harmonisatie van verblijfsrechten en van de toegang tot de arbeidsmarkt, het onderwijs en de sociale zekerheid.
De bedoeling is dat ‘asielshoppen’ minder aantrekkelijk wordt. Of dat ook daadwerkelijk lukt, valt nog af te wachten.
Kunnen lidstaten
asielzoekers afkopen?
Tot slot voorziet het pact in een crisis mechanisme. Als het aantal aankomsten in een lidstaat fors dreigt toe te nemen, dan kan de Europese Commissie een crisissituatie uitroepen.
De EU bepaalt vervolgens welke steun die lidstaat nodig heeft om de situatie het hoofd te bieden.
Andere lidstaten zijn dan verplicht solidariteit te tonen, en dat kan op drie manieren:
- Financieel bijdragen (20.000 euro per migrant)
- Operationele steun verlenen
- Asielzoekers overnemen
Minister van Migratie Anneleen Van Bossuyt (N-VA) gaf eerder aan dat ze die laatste optie wil vermijden.
‘Maar noem dat geen “afkopen” van solidariteit, want in het pact bestaat er geen hiërarchie tussen de drie mogelijkheden’, klinkt het.
Haar partijgenoot Theo Francken neemt het woord wél in de mond.
Hoe beoordelen experts de slaagkansen?
Het valt nog af te wachten of het pact een succes wordt – door akkoorden met Egypte, Tunesië, Libanon, Jordanië, Libië en Mauritanië zijn de asielaanvragen in Europa, ook in België, al fors aan het dalen.
‘Het Pact kan het Europese asielsysteem ingrijpend hervormen door procedures meer aan de buitengrenzen te organiseren’, zegt Hanne Beirens (Europacollege).
‘Het moet vermijden dat asielzoekers jarenlang door Europa en door opeenvolgende procedures zwerven. Dat is slecht voor wie recht heeft op bescherming én voor wie dat recht niet heeft.
‘Maar die aanpak legt de zwaarste last bij de grenslanden, met mogelijk grote electorale gevolgen daar.
‘Net daarom zijn duidelijke solidariteitssignalen van onder meer België cruciaal.
‘De vraag is dan of België, door zo sterk te focussen op de afbouw van opvangcapaciteit, dat niet ondergraaft.’
Het Pact kan het Europese asielsysteem ingrijpend hervormen door procedures meer aan de buitengrenzen te organiseren.
Hanne Beirens
Europacollege
Ook Davide Colombi, migratiespecialist bij het Centre for European Policy Studies (CEPS), is behoedzaam.
‘Om te beginnen is het pact bijzonder complex, wat niet bepaald helpt. Zelfs specialisten worstelen ermee.
‘Bovendien was het oorspronkelijk de bedoeling dat de lidstaten aan de buitengrenzen verantwoordelijk zouden blijven voor de behandeling van asielaanvragen. Maar uiteindelijk is het tegenovergestelde gebeurd.
‘Wij Europeanen kijken soms met verbazing naar wat Donald Trump in de Verenigde Staten doet, maar ook hier gaat het in hoog tempo die richting uit.’

Lees ook
Lees meer berichten
Bron: Knack