De plek – Flaneren kun je leren, dankzij Christiaan Weijts


Flaneren heeft geen bestemming. Juist daardoor ontdek je dingen die je niet zocht. Een wandeling met Christiaan Weijts door Den Haag is een pleidooi voor verwondering, aandacht en de kunst van het kijken.

Filip Huysegems – De Standaard

6 augustus 2026

Leestijd: 13 min


De plek

In de reeks ‘De plek’
zoeken we auteurs en hun landschap op,
om over hun schouder mee te kijken
naar wat ze zien wanneer ze schrijven.


“Je scherpt je blik aan voor het alledaagse”

Christiaan Weijts


Een bronzen heer tilt zijn hoed op als groet aan de voorbijgangers. Het beeld heet Flaneur en staat in Den Haag, als eerbetoon aan Eduard Elias, een lokale journalist. Lang geleden, toen een man nog op pad ging met bolhoed en wandelstok, schreef hij kronieken over de stad.

Flaneur

“Ik zie rond … en glimlach”, staat als devies aan zijn voeten.

“Naar verluidt besefte Cees Nooteboom bij dit beeld, toen hij nog een jonge, weifelende reisschrijver was, dat het goed was om rond te zwerven”, zegt Christiaan Weijts.

“’Flaneren kun je niet leren, dat heb je of dat heb je niet’, schreef hij later.”

Weijts’ boek heet Flaneren kun je leren, in weerwil van Nootebooms stellige oordeel.

Het is een verzameling essays die een denkbeeldige stadswandeling vormen langs plekken zoals een plein, een park, een winkelcentrum, een kruispunt.

Een reisplan is er niet. Het gaat nergens heen. Want dat is nu juist flaneren.

Christiaan Weijts © Rebecca Fertinel

Christiaan Weijts 

Het was de 19de-eeuwse dichter Charles Baudelaire die als eerste schreef over de stedelijke flaneur.

“De menigte is zijn domein, hij voelt zich er thuis als een vis in het water.”

De filosoof Walter Benjamin bouwde daarop voort en voegde een vleug kapitalismekritiek toe.

Christiaan Weijts sluit bij die traditie aan. Hij kijkt aandachtig naar mensen, gebouwen, winkels en toevallige gebeurtenissen. Waar anderen haast hebben, houdt hij halt.

Schrijft u nog in uw beeldendagboek?

“Ik ben daar ooit aan begonnen met een vriend die dichter is. Het idee was om elkaar geregeld observaties te sturen die we noteerden op wandelingen. Gewoon, voor de lol van het formuleren. Ze zijn niet bedoeld om te dienen in een roman of een column.

“Ik noem het wel eens verbale fotografie. Je opmerkzaamheid voor doodgewone dingen wordt scherper, je bekijkt de wereld rondom je op een andere manier. Kijk, dat zou iets voor een beeldendagboek kunnen zijn.”

(Een meeuw scheert een paar keer rakelings boven een restaurantterras. Sommige klanten schermen hun bord af, anderen doen alsof er niets aan de hand is. Twee manieren om in het leven te staan.)

© Rebecca Fertinel

Baudelaire vond flaneren in Parijs het heerlijkste wat er was. Over Brussel was hij niet te spreken. De mannen strompelen, de vrouwen zijn foeilelijk, en iedereen drinkt er bier dat van pis gebrouwen is. Om maar te zeggen: niet overal flaneer je even poëtisch.

“Het toeval wil dat ik onlangs nog in Brussel was, in de buurt van het Zuidstation. Gezellig de markt doen, dacht ik.

“Maar veel marktkramers stonden nogal ongeïnteresseerd bij hun waren. En die rijen matrassen aan het station maakten het beeld er ook niet vrolijker op. Ik kon er even inkomen dat Michel Houellebecq in Soumission Brussel een stad op de rand van een burgeroorlog noemt.

“Toen ik daarna in een zone kwam die ik herkende, zag ik die met andere, verfriste ogen. Dat dan weer wel.”

Doelloos wandelen staat dwars op de tijdgeest van nut en rendement, schrijft u. Op het internet gaat het nochtans vanzelf. De tijd die we daar verspillen aan nutteloos ronddwalen …

“Weet je wat het verschil is? Surfen op het internet is frictieloos en vrijblijvend.

“Wanneer je in het echte leven ergens belandt, ben je er niet met een muisklik weer weg. Je gaat een engagement aan met die plek, je zet iets op het spel. Er is altijd een aspect dat je niet in de hand hebt.”

Er komt een bericht binnen. Het kakelverse Haagse coalitieakkoord vermeldt dat een leegstaand ziekenhuis dan toch geen opvangcentrum voor vluchtelingen wordt.

“Dat heeft Richard de Mos (voorman van de partij Hart voor Den Haag, red.) doorgedrukt.

Zijn partij voerde publiciteit naar Amerikaanse snit, met een grote aanwezigheid op billboards en een stretchlimousine als campagneauto. En het is hem gelukt. Hij was de grote winnaar van de lokale verkiezingen.”

© Rebecca Fertinel

Bent u altijd geconnecteerd? Bent u een homo phonus?

“Zo noem ik in mijn boek veeleer iemand die zijn geheugen uitbesteedt aan zijn telefoon.

“Een klassieke spontane herinnering dient zich aan via een keten van innerlijke associaties. Een beeld, een geur, een bepaalde sfeer of een melodie kunnen de aanleiding zijn.

“Bij de homo phonus liggen herinneringen vast in bestanden, gerangschikt in een tijdlijn. Af en toe geeft de telefoon zelf een por: weet je nog, deze dag, een jaar geleden? De technologie verandert onze manier van herinneren.”

“Maar voor de duidelijkheid, ik ben geen cultuurpessimist. ChatGPT, GPS, AI, ik vind het geweldig.

“Wat ik wel doe, is zulke verschijnselen doordenken tot in hun consequenties en kijken waar we dan uitkomen.

“Neem nu Google Maps. Je hoeft nooit meer te verdwalen, heerlijk. Maar als voetganger word je helemaal opgeslokt door het bolletje dat langs de stippellijn van A naar B moet.

“Je ziet niet meer wat er rond je gebeurt, laat staan dat je de stad in je opneemt.”

We passeerden zonet het Escher-museum. Van zijn werk wil ik wel eens een immersieve tentoonstelling zien.

“Dan heb ik goed nieuws, die is in de maak. In Amsterdam weliswaar. Dat is de reden waarom het plan voor een nieuw Eschermuseum in Den Haag is afgeblazen. Tegen het experience-concept en zijn bezoekersaantallen valt niet op te boksen, is de redenering.

“In mijn boek ben ik vrij scherp over de immersieve tentoonstelling over Van Gogh.

“Lig je daar in een strandstoel te kijken naar voorbijzwevende projecties van zijn schilderijen. Duiding is er nauwelijks, alles is gericht op het ‘wow’-effect.

“In tweede instantie vroeg ik me af wat het succes van zulke tentoonstellingen zegt over onze tijden.

“Als aandacht versnipperd raakt en de geest overprikkeld is, brengt immersie alle afleiding even tot zwijgen. Want je vindt het ook elders.

“De cocoon-stoel. Een regendouche. Surround sound op je koptelefoon. Het komt kennelijk tegemoet aan een behoefte om in iets op te gaan en de controle los te laten.”

© Rebecca Fertinel

Zou het ook een verlangen naar resonantie kunnen zijn?

“Dat is een begrip van de Duitse filosoof Hartmut Rosa. Met resonantie bedoelt hij een ervaring van diepe verbondenheid met iets dat groter is dan jezelf. Het kan je in de natuur overkomen, of in een menigte, of bij kunst.

“Ken je het Stendhal-syndroom? De Franse schrijver viel flauw toen hij Firenze bezocht, omdat hij zo overrompeld was door de kunst die hij er zag. Een extreem geval.”

Kun je tijdens het flaneren resonantie ervaren?

“Wie weet. Resonantie is schaars, je kunt haar niet plannen of uitlokken. Daarom is het zo’n interessant begrip.

“Resonantie overkomt je wanneer je het niet verwacht. Hooguit kun je maken dat ze welkom is en, bij wijze van spreken, er de tafel voor dekken, door ontvankelijk te zijn en verwachtingen los te laten.”

© Rebecca Fertinel

We naderen het stadscentrum, het wordt drukker. De straten zijn afgeboord met dezelfde boetieks, fastfoodschuren en modeketens als in elke andere Europese stad. Dit zou net zo goed Lyon of Frankfurt kunnen zijn.

De Franse socioloog Marc Augé bedacht voor dat ‘waar-ben-ik-nu-eigenlijk’-gevoel de naam non-lieu: een plaats die er geen is.

“Niet alleen commerciële omgevingen hebben zo’n tekort aan identiteit. Kijk hier.

(We houden halt voor een grote glazen vitrine met als opschrift: ‘Universiteitscampus Spui’).

“Den Haag is traditioneel geen universiteitsstad. Toch is enkele maanden geleden deze campus opengegaan. Je ziet, alles glanst en is ongetwijfeld goed uitgekiend, met die roltrappen en portiekjes waar je moet badgen. Maar karakter heeft het alsnog niet.

“Waar zijn de prikborden, posters van activiteiten, en opgehangen briefjes met telefoonnummerstroken? Om deze plek echt te laten leven, is er wat wildgroei en woekering nodig.”

Zoals stickers op lantaarnpalen.

“Ik heb me eens verdiept in de underground cultuur van stickeraars. In Den Haag is Het Zusje een begrip.

“Dat is een alomtegenwoordige sticker van een sip kijkend schoolmeisje. Het was begonnen als een grap, er groeide een community rond en intussen is Het Zusje al gesignaleerd in Namibië en Tokio.

“Anderen beschouwen hun stickers als kleine kunst die ze in de publieke ruimte hangen. Je hebt er ook met woordgrappen of raadselachtige spreuken.

“Zulke stickers maken de straten speelser. Ze zijn vooral een statement: ik was hier. Dat is een impuls zo oud als de handafdrukken in de grotten van Lascaux.”

We gaan binnen in de McDo en ondergaan de bestelzuilen: het scrollen, het kiezen, het klikken, de QR-code.

“Door al die doe-het-zelftechnologie wordt het menselijk contact weggezogen”, vindt Weijts.

“De Albert Heijn, hier verderop, heeft zelfscankassa’s. Die hebben de rol van de medewerkers veranderd. De kassiers zijn controleurs geworden.

“Vroeger was je relatie met hen er eentje van een glimlach en een ‘prettige dag nog’. Als je nu wordt aangesproken, is het om na te kijken of je iets gejat hebt.”

Wij kunnen dat jammer vinden. Maar de psycholoog B.F. Skinner schreef: “We mogen de toekomstige samenleving niet beoordelen met de maatstaf of wij er graag zouden leven.”

“Toch mag je het gewicht van die kleine sociale interacties niet onderschatten.

“Tot voor kort stond bij een wegafsluiting aan het station van Den Haag elke dag een man die fietsers en voetgangers de goede kant uitstuurde. Iedereen, maar dan ook iedereen, kreeg van hem een glimlach en een vriendelijke groet.

Magic Mike werd hij genoemd, en hij was ongelofelijk populair.

“Dat een vriendenkring en familie belangrijk zijn voor je welzijn, daar hoeft niemand van overtuigd te worden. Maar ook futiele contacten dragen bij aan een gevoel van verbondenheid.

“Als ik bij mijn bakker kom, grijpt die meteen naar het brood dat ik altijd neem, nog voor ik iets zeg. Ook met de vaste pakjesbezorger heb ik een band, al weet ik niet eens hoe hij heet.

“Tegelijk besef ik dat in de praktijk de meeste mensen niet kiezen voor de lange rij bij de bemande kassa, maar voor de zelfscanner.”

© Rebecca Fertinel
© Rebecca Fertinel

Zal er niet altijd een markt zijn voor dingen die een beleving ‘zoals vroeger’ beloven?

“Een beetje zoals de vinylplaat overeind blijft tegenover Spotify?

“Ik denk dan ook aan mijn dochter, zij fotografeert opnieuw analoog. Ze heeft een Instaxcamera. Dat is een toestel waar een fysieke foto uitkomt, vergelijkbaar met een polaroid. Duur hoor, drie euro per klik.

“Ze noemt het aesthetic photography, een term die ze heeft opgepikt van Instagram. Maar ik begrijp het wel. Die foto’s zijn minder perfect dan de digitale, en dat is de charme ervan.

“Ze mikken op hetzelfde als het Japanse begrip wabi-sabi. Dat betekent zoveel als: aan het onvolkomene herken je het authentieke. Een kom met gebruikssporen bijvoorbeeld, of herstelde barsten in keramiek.

“Ik leende eens mijn huis uit aan mijn broer. Bij een rondgang besefte ik pas hoeveel er half kapot was. De espressomachine die je geregeld een tik moet geven. Een kast die een spie onder een deurtje nodig heeft.

“Juist door die imperfecties worden dingen en apparaten huisgenoten. Ze hebben een eigen humeur. Ze geven je woonst bezieling.”

Er rijden niet veel wagens in het hart van Den Haag, hooguit “af en toe een diplomaten autootje”, zegt Weijts.

De tram, de bus, fietsers, steppers en voetgangers krioelen door elkaar.

“Er zijn geen wegmarkeringen die de verkeersstromen scheiden, vanuit de filosofie dat iedereen dan beter uitkijkt. Ik heb de indruk dat het werkt.”

In de Grote Marktstraat is wel, als statement, de regenboogvlag royaal uitgerold in de vorm van een fietspad.

“Ik zag hier eens een paar Marokkaanse jongens op hun fatbikes. ‘Kijk uit! Homovlag! Homovlag!’, riep er eentje. Gingen ze er nadrukkelijk naast rijden.”

In Chinatown, waar de straatnaambordjes tweetalig Nederlands-Chinees zijn, priemt de toren van een minaret boven de huizen uit. Het vrijdaggebed is net gedaan, de weg stroomt vol met mannen.

De 17de-eeuwse filosoof Spinoza zit groen uit te slaan op een sokkel, vlak bij zijn woonst. We leggen aan bij een herberg, en krijgen het gezelschap van Blonde Leffe en Witte Hoegaarden.

In uw boek bent u gecharmeerd van de Deense film Drunk. De centrale gedachte: een constante, lichte alcoholroes maakt het leven makkelijker.

“Daar zit toch wat in? Je wordt losser en socialer. Het effect is optimaal bij een of twee glazen. Het probleem is dat je die toestand wil vasthouden door nóg een glas te nemen. Zo werkt het niet, natuurlijk.

“In de film doen drie uitgebluste leraren het experiment. Ineens gaat alles vlotter, het lesgeven, de relatie thuis. Tot ze, noodlottig genoeg, hun bovengrens verleggen.”

Ik heb het gevoel dat ik zelfs na één glas wat aan focus verlies.

“Sta je voor een creatieve taak, dan is het voordeel van zo’n lichte beneveling dat je je innerlijke criticus de mond snoert. Je laat meer toe. Dat is weleens nodig.

“Ik geef schrijfworkshops, en dan is een van de oefeningen deze: zet de punt van je pen op het papier, begin te schrijven, en laat de eerstvolgende minuten de punt niet loskomen van het blad. Schrappen en wieden is voor nadien.

“Het is een schrijfraad die aan Ernest Hemingway wordt toegeschreven: write drunk, edit sober. Niet dat dat mijn motto is.

“Wanneer ik mezelf oplaad om te schrijven, ga ik eerst een eindje hardlopen, very sober dus, met uptempomuziek in mijn oren, Vivaldi of zo. Nadien sta ik helemaal op scherp.”

De zon straalt loodrecht op ons neer, de dag is warm als een zachtgekookt eitje. De terrassen zitten vol en iedereen lijkt goed geluimd.

Tijdens onze wandeling hebben we geen enkele sirene gehoord. Den Haag is beslist geen stad op de rand van een burgeroorlog.

Een hippie après la lettre checkt de wieltjes van zijn skateboard. Een moeder veegt de fluwelen snotlinten van haar zoontje van zijn neus.

We kijken rond. En glimlachen.


Flaneren kun je leren

© Rebecca Fertinel


Lees ook


Lees ook

Klik op de hyperlinks hieronder
en vind meer berichten

,


Bron: De Standaard

Welkom op Facebook

Welkom op Bluesky

Naar de website


Scroll naar boven